ECLI:NL:RBHAA:2004:AP1547
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- F.J.P. Veenhof
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering herstel arbeidsovereenkomst wegens innerlijke tegenstrijdigheid dagvaarding
Een werkneemster, sinds 1988 in dienst bij Achmea, is wegens ziekte gestopt met werken en ontvangt vanaf 2001 een WAO-uitkering. Na toestemming van het CWI op 19 maart 2003 om de arbeidsovereenkomst op te zeggen, heeft Achmea dit ontslag bevestigd ondanks het aanbod van de werkneemster tot re-integratie.
De werkneemster vordert bij de kantonrechter herstel van de arbeidsovereenkomst per 1 augustus 2003 en doorbetaling van loon tot het herstel. Zij stelt dat er geen rechtsgeldige opzegging heeft plaatsgevonden.
De kantonrechter oordeelt dat de dagvaarding innerlijk tegenstrijdig is omdat herstel van de arbeidsovereenkomst alleen kan worden gevorderd indien sprake is van schadeplichtigheid wegens een kennelijk onredelijke opzegging, terwijl de werkneemster juist stelt dat er geen rechtsgeldige opzegging is. Hierdoor wordt de vordering afgewezen en wordt de werkneemster veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering tot herstel van de arbeidsovereenkomst en loonbetaling wordt afgewezen wegens innerlijke tegenstrijdigheid in de dagvaarding.