ECLI:NL:RBHAA:2002:AE4994
Rechtbank Haarlem
- Kort geding
- A.C. Monster
- Rechtspraak.nl
Verbod strafrechtelijke ontruiming gekraakt pand Kopermolenstraat 1 te Zaandam
Op 27 juni 2002 kraakte eiser samen met anderen het pand aan de Kopermolenstraat 1 te Zaandam. De Staat wilde een ontruiming laten uitvoeren door de Officier van Justitie op grond van de artikelen 138 en 429 sexies Wetboek van Strafrecht. Eiser vorderde in kort geding een verbod op deze ontruiming en strafrechtelijke dwangmiddelen totdat een onherroepelijke strafrechterlijke uitspraak zou zijn gedaan.
De Staat stelde dat het pand binnen twaalf maanden vóór de kraak door rechthebbenden in gebruik was geweest, onder meer door het opslaan van meubels en het houden van brandweeroefeningen. De voorzieningenrechter oordeelde echter dat de gebruiksovereenkomst met de huidige gebruiker pas na de kraak was gesloten en dat het enkele neerzetten van tafels en stoelen geen gebruik in de zin van de wet was. Ook waren de brandweeroefeningen en opslag van machines gerelateerd aan het naastgelegen pand Kopermolenstraat 3.
De voorzieningenrechter concludeerde dat onvoldoende aannemelijk was gemaakt dat het pand aan Kopermolenstraat 1 door rechthebbenden in gebruik was geweest binnen de vereiste termijn. Hierdoor ontbrak een redelijk vermoeden van overtreding van de genoemde strafrechtelijke bepalingen. De Staat werd verboden strafrechtelijke dwangmiddelen toe te passen en tot ontruiming over te gaan, en werd veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: De Staat wordt verboden strafrechtelijke dwangmiddelen toe te passen en het pand te ontruimen totdat de strafrechter uitspraak doet.