ECLI:NL:RBGRO:2012:BY0820
Rechtbank Groningen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verzoek tot voorlopig getuigenverhoor inzake uittreden uit Ontwikkelingsmaatschappij Blauwe Stad afgewezen
Verzoeksters, vijf besloten vennootschappen gevestigd te Nieuwegein, verzochten de rechtbank om een voorlopig getuigenverhoor te bevelen met betrekking tot het uittreden uit de Ontwikkelingsmaatschappij Blauwe Stad C.V. Zij wilden hiermee duidelijkheid verkrijgen over het feitencomplex en hun bewijspositie in lopende en te verwachten procedures.
Verweerster, de publiekrechtelijke rechtspersoon De Provincie Groningen, verzette zich tegen het verzoek en stelde dat het getuigenverhoor in de reeds aanhangige bodemprocedure moet plaatsvinden. Zij voerde aan dat er geen sprake is van dreigend bewijsverlies omdat de feiten zich in 2007 hebben voorgedaan en herinneringen na verloop van tijd niet significant verder vervagen.
De rechtbank overwoog dat een voorlopig getuigenverhoor slechts in bijzondere omstandigheden kan worden toegewezen, zoals wanneer bewijs dreigt verloren te gaan of belanghebbenden vooraf opheldering nodig hebben. In dit geval was er al een bodemprocedure aanhangig, waardoor het verzoek niet als grondslag kon dienen.
De rechtbank vond dat het verzoek vooral was ingegeven door de wens van verzoeksters om helderheid te verkrijgen over afspraken en omstandigheden rondom hun uittreden. Toewijzing zou leiden tot ondoelmatige procesvoering, omdat in de bodemprocedure spoedig conclusies en vorderingen worden uitgewisseld en de rechter daar een bewijsopdracht kan geven.
Daarom wees de rechtbank het verzoek af wegens strijd met de goede procesorde en veroordeelde verzoeksters in de kosten van de procedure ter hoogte van €1.479,00.
Uitkomst: Het verzoek tot voorlopig getuigenverhoor wordt afgewezen en verzoeksters worden veroordeeld in de proceskosten.