ECLI:NL:RBGRO:2011:BV1348
Rechtbank Groningen
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening voortgezet gebruik echtelijke woning na scheiding
De vrouw en man zijn gehuwd in algehele gemeenschap van goederen en zijn in scheiding. De vrouw verzoekt een voorlopige voorziening voor het voortgezet gebruik van de echtelijke woning, waarin ook haar dochter uit een eerdere relatie woont. De man heeft de vrouw meerdere malen met de dood bedreigd en gedreigd persoonlijke goederen te vernielen, waardoor de vrouw niet langer met hem wil samenwonen. De man woont inmiddels elders.
De rechtbank weegt de belangen van beide partijen en het kind af. Hoewel de man een sterkere emotionele binding met de woning heeft, is het belang van het kind en de vrouw om in de woning te blijven zwaarder, mede omdat het kind in de buurt naar school gaat en haar sociale netwerk daar heeft. De vrouw krijgt daarom het recht tot voortgezet gebruik van de woning, met een bevel aan de man om de woning niet te betreden.
De rechtbank wijst het verzoek om de man te bevelen de woning te verlaten af, omdat hij reeds andere woonruimte heeft betrokken. De proceskosten worden ieder voor eigen rekening genomen. De beschikking is een voorlopige maatregel en doet geen uitspraak over het huurrecht van de woning, waar partijen in de echtscheidingsprocedure nader over dienen te onderhandelen.
Uitkomst: De vrouw krijgt het voortgezette gebruik van de echtelijke woning toegewezen met uitsluiting van de man.