ECLI:NL:RBGRO:2011:BV0915
Rechtbank Groningen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verlenging machtiging gesloten jeugdzorg voor beperkte duur na gedragswetenschappelijk advies
De zaak betreft een verzoek tot verlenging van de machtiging voor gesloten plaatsing van een minderjarige in een accommodatie voor gesloten jeugdzorg. De Raad voor de Rechtspraak heeft op 7 december 2011 een zitting gehouden waarbij de kinderrechter, de minderjarige, haar advocaat, moeder, Bureau Jeugdzorg Groningen en een gedragswetenschapper aanwezig waren.
Bureau Jeugdzorg en de gedragswetenschapper stelden dat de gesloten plaatsing noodzakelijk is vanwege ernstige gedragsproblemen en dat een verlenging van de machtiging voor een periode van drie maanden passend is om het behandelperspectief te bepalen. De minderjarige wenst terug te keren naar haar moeder, die inmiddels een stabielere situatie heeft, terwijl de gedragswetenschapper benadrukte dat gesloten plaatsing een ultimum remedium is en zo kort mogelijk moet duren.
De kinderrechter oordeelde dat op grond van artikel 29b van de Wet op de jeugdzorg de machtiging slechts kan worden verleend indien ernstige opgroei- of opvoedingsproblemen aanwezig zijn en de gedragswetenschapper instemt. Gezien de beperkte geldigheid van de instemmingsverklaring en het advies van de gedragswetenschapper werd de machtiging verlengd tot 24 januari 2012. Het verzoek tot een langere verlenging werd afgewezen.
De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en er is een mogelijkheid tot hoger beroep binnen drie maanden na uitspraak.
Uitkomst: De machtiging voor gesloten jeugdzorg wordt verlengd tot 24 januari 2012, met een nieuw toetsmoment daarna.