ECLI:NL:RBGRO:2011:BU9254
Rechtbank Groningen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toekenning ontslagvergoeding ondanks aansluitend nieuw dienstverband na faillissement
Q. was vestigingsmanager bij JPB Groep B.V., dat failliet werd verklaard in juli 2009. Na het faillissement werd het dienstverband van Q. opgezegd. Q. vorderde een ontslagvergoeding op basis van afspraken tussen FNV en JPB over de afwikkeling van het faillissement.
JPB verweerde zich met het argument dat Q. geen recht had op vergoeding omdat hij een functie in de doorstartende onderneming zou hebben geweigerd en geen WW-uitkering ontving. De rechtbank oordeelde dat het aanbod van een andere functie niet in het kader van de doorstart was gedaan en dat geen sprake was van een geweigerd aanbod.
De afspraken tussen FNV en JPB bevatten geen uitzondering voor werknemers die geen WW-uitkering ontvangen, en de vergoeding vertegenwoordigt een aanvulling op de WW-uitkering, niet een aanvulling van de uitkering zelf. Het feit dat Q. aansluitend een nieuwe baan vond, doet niet af aan het recht op vergoeding.
De rechtbank wees de vordering toe tot een bedrag van € 10.647,90 bruto, vermeerderd met wettelijke rente, en veroordeelde JPB in de proceskosten. De buitengerechtelijke kosten werden afgewezen omdat deze niet voldoende waren onderbouwd.
Uitkomst: JPB wordt veroordeeld tot betaling van een ontslagvergoeding van € 10.647,90 bruto met rente aan Q.