ECLI:NL:RBGRO:2011:BR5475
Rechtbank Groningen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Wijziging hoofdverblijf en gezamenlijk gezag over minderjarige na scheiding
De man verzoekt de rechtbank om het gezag over zijn minderjarige kind te wijzigen van de moeder naar hemzelf en het hoofdverblijf van het kind bij hem vast te stellen. Tevens vordert hij betaling van de kinderbijslag over het eerste kwartaal van 2011.
De rechtbank stelt vast dat het gezag momenteel bij de moeder ligt en dat het kind sinds 4 januari 2011 feitelijk bij de man woont, met instemming van de moeder. De rechtbank oordeelt dat het niet in het belang van het kind is om het gezag eenhoofdig aan de man toe te kennen, omdat de moeder haar verantwoordelijkheden niet mag ontlopen en het belangrijk is dat zij ook na meerderjarigheid aanspreekbaar blijft.
Wel acht de rechtbank het in het belang van het kind om het gezag gezamenlijk aan beide ouders toe te kennen. Het verzoek tot wijziging van het hoofdverblijf wordt toegewezen, evenals de vordering tot betaling van de kinderbijslag aan de man over de periode 4 januari tot en met 31 maart 2011. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en de vrouw wordt verplicht binnen 14 dagen te betalen.
Uitkomst: Het hoofdverblijf wordt gewijzigd naar de vader, het gezag wordt gezamenlijk toegekend en de kinderbijslag wordt aan de vader toegewezen.