ECLI:NL:RBGRO:2010:BO4449
Rechtbank Groningen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bemiddelingskosten makelaar bij huurovereenkomst woonruimte niet nietig
Q. en R. schreven zich in bij makelaar S. om in aanmerking te komen voor een huurwoning. Via bemiddeling van S. is een huurovereenkomst gesloten voor een woning te Groningen met een maandhuur van €700. S. bracht bemiddelingskosten van €700 in rekening, welke voldaan zijn. Q. en R. vorderden terugbetaling van deze kosten, stellende dat deze onredelijk waren en niet in verhouding stonden tot de prestatie van S.
De rechtbank stelt vast dat Q. en R. akkoord gingen met het eenmalige bemiddelingstarief van één maandhuur door ondertekening van het inschrijfformulier. De stelling van woningnood werd verworpen wegens gebrek aan onderbouwing. De rechtbank oordeelt dat bemiddelingskosten in beginsel niet nietig zijn volgens artikel 7:264 BW Pro indien de makelaar daadwerkelijk woonruimte heeft gezocht en gevonden.
De stelling dat de bemiddeling slechts vijftien minuten duurde werd betwist door S. en onvoldoende onderbouwd door Q. en R., waardoor deze werd verworpen. Ook het beroep op belangenverstrengeling faalde. De vordering tot terugbetaling werd afgewezen en Q. en R. werden veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering tot terugbetaling van de bemiddelingskosten wordt afgewezen.