ECLI:NL:RBGRO:2010:BO2619
Rechtbank Groningen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid verhuurder voor schade door onzichtbare lekkage waterleiding in huurwoning
Huurster Q. huurt sinds 1997 een benedenwoning van Stichting Nijestee. In 2009 ontstond een lekkage in een waterleiding onder de gangvloer, die onzichtbaar was voor Q. Het waterverbruik steeg daardoor aanzienlijk, wat leidde tot een hoge nabetaling aan het Waterbedrijf. Q. vordert van Nijestee vergoeding van dit bedrag, stellende dat de lekkage in de risicosfeer van de verhuurder ligt en dat het exoneratiebeding in de algemene huurvoorwaarden niet geldig is.
Nijestee betwist aansprakelijkheid en wijst op de eigen verantwoordelijkheid van Q. om lekkages te signaleren. Ook beroept zij zich op een exoneratieclausule in de algemene huurvoorwaarden die aansprakelijkheid voor schade door gebreken uitsluit. De rechtbank oordeelt dat de lekkage een gebrek is dat niet aan Q. kan worden toegerekend en dat van een huurder niet verwacht kan worden dat zij onzichtbare lekkages kan opsporen. De oorzaak ligt in de risicosfeer van Nijestee, die ook niet heeft aangetoond dat zij periodiek inspecties heeft verricht.
De exoneratieclausule wordt vernietigd omdat deze in strijd is met het dwingend recht en vermoed wordt onredelijk bezwarend te zijn. De rechtbank stelt Q. in de gelegenheid nader bewijs te leveren van het waterverbruik in voorgaande jaren om de schade te onderbouwen. De zaak wordt aangehouden voor nadere bewijslevering en reactie van Nijestee.
Uitkomst: De rechtbank houdt de beslissing aan en verwijst de zaak voor nadere bewijslevering en reactie.