ECLI:NL:RBGRO:2010:BM2453
Rechtbank Groningen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing dwangakkoord en toepassing wettelijke schuldsaneringsregeling bij schuldenaar met bijstandsuitkering
De rechtbank Groningen behandelde het verzoek van een 28-jarige schuldenaar met een bijstandsuitkering tot toelating tot de wettelijke schuldsaneringsregeling en tot vaststelling van een dwangakkoord. De schuldenaar bood een akkoord aan waarbij gedurende 36 maanden een bedrag zou worden gereserveerd voor schuldeisers, vergelijkbaar met de WSNP, maar zonder de daaraan verbonden waarborgen zoals de sollicitatieplicht.
De rechtbank constateerde dat het akkoord door alle schuldeisers behalve Vesting Finance was aanvaard. De financiële prognose liet zien dat het akkoord een uitkering van 14,62% aan schuldeisers zou opleveren, terwijl de WSNP een lagere uitkering van circa €534,60 over 36 maanden bood. Echter, de rechtbank hield rekening met de mogelijkheid dat de schuldenaar binnen de looptijd werk zou vinden, waardoor de afloscapaciteit zou toenemen.
De rechtbank oordeelde dat het dwangakkoord onvoldoende waarborgen bevatte om de inspanningen van de schuldenaar te garanderen, zoals een sollicitatieplicht, en dat de WSNP strenge en controleerbare verplichtingen kent die in het belang van de schuldeisers zijn. Daarom kon Vesting Finance in redelijkheid weigeren in te stemmen met het akkoord.
Gelet op deze overwegingen wees de rechtbank het verzoek tot oplegging van het dwangakkoord af en verklaarde de wettelijke schuldsaneringsregeling van toepassing. Tevens werd het salaris van de bewindvoerder vastgesteld en werden maatregelen getroffen voor de uitvoering van de regeling.
Uitkomst: Het verzoek tot oplegging van het dwangakkoord wordt afgewezen en de wettelijke schuldsaneringsregeling wordt uitgesproken.