ECLI:NL:RBGRO:2010:BL7225
Rechtbank Groningen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit intrekking WAZ-uitkering wegens onjuiste wettelijke grondslag
Eiser ontvangt sinds 2002 een WAZ-uitkering en werd in 2009 geconfronteerd met een besluit tot intrekking van deze uitkering en terugvordering van onverschuldigd betaalde bedragen. De intrekking was gebaseerd op artikel 58, eerste lid, van de WAZ, waarbij verweerder het oude recht toepaste met een beoordelingstijdvak van drie jaar.
De rechtbank stelt vast dat het gewijzigde artikel 58, eerste lid, van de WAZ per 1 januari 2009 zonder overgangsrecht in werking is getreden en dat de dagelijkse praktijk van het UWV om het oude recht toe te passen voor perioden geheel voor de wijziging geen juridische basis heeft. Hierdoor is het bestreden besluit gestoeld op een onjuiste wettelijke grondslag.
De rechtbank verklaart het beroep gegrond, vernietigt het bestreden besluit en herroept het primaire besluit tot intrekking van de uitkering. Omdat het intrekkingsbesluit onrechtmatig is, wordt ook het besluit tot terugvordering vernietigd. Tevens wordt verweerder veroordeeld in de proceskosten en tot vergoeding van het griffierecht en kosten bezwaar.
Uitkomst: Het besluit tot intrekking van de WAZ-uitkering en de terugvordering worden vernietigd en herroepen wegens een onjuiste wettelijke grondslag.