ECLI:NL:RBGRO:2010:BL0233
Rechtbank Groningen
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot afgifte NAW-gegevens donor wegens ontbreken spoedeisend belang
In deze zaak vorderen ouders van een kind, verwekt via kunstmatige inseminatie, in kort geding de afgifte van de NAW-gegevens van de donor die vermoedelijk de biologische vader is, dan wel de NAW-gegevens van de vrouw voor wie de donor bij het ziekenhuis is geweest. Het ziekenhuis erkent een fout bij de inseminatie, waardoor de bedoelde donor niet de natuurlijke vader is. Het ziekenhuis beschikt niet over de gevraagde gegevens van de donor en weigert de gegevens van de vrouw af te geven vanwege het beroepsgeheim, maar stemt ermee in deze gegevens te bewaren en aan de Stichting Donorregistratie Kunstmatige Bevruchting te overhandigen.
De voorzieningenrechter oordeelt dat het spoedeisend belang ontbreekt. Het kind is inmiddels zeven jaar oud en partijen hebben al jaren gezamenlijk geprobeerd de identiteit van de biologische vader te achterhalen. De vrees dat gegevens verloren gaan door het pensioen van de betrokken gynaecoloog is ongegrond, aangezien de gegevens veilig worden bewaard. Daarnaast is onvoldoende gebleken dat van de ouders niet gevergd kan worden de uitkomst van een bodemprocedure af te wachten.
De rechtbank verwijst naar de Wet Donorgegevens Kunstmatige Bevruchting, waarin is bepaald dat ouders van een kind jonger dan twaalf jaar slechts beperkte gegevens van de donor kunnen verkrijgen en dat persoonsidentificerende gegevens pas aan het kind zelf verstrekt worden vanaf 16 jaar, mits de donor schriftelijk heeft ingestemd. Gezien deze wettelijke regeling en de leeftijd van het kind, wijst de voorzieningenrechter de vorderingen af wegens het ontbreken van spoedeisend belang.
De proceskosten worden gecompenseerd, waarbij iedere partij de eigen kosten draagt. Het vonnis is gewezen door mr. R.B.M. Keurentjes en op 22 januari 2010 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: De vorderingen tot afgifte van de NAW-gegevens van de donor en betrokken vrouw worden afgewezen wegens ontbreken van spoedeisend belang.