ECLI:NL:RBGRO:2007:BA6745
Rechtbank Groningen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Berekening ziekengeld bij nul-urencontract en representativiteit referteperiode
Eiseres was werkzaam als oproepkracht met een nul-urencontract bij gedaagde Personenvervoer Groningen B.V. Zij vorderde betaling van ziekengeld gebaseerd op het gemiddelde aantal gewerkte uren over de laatste 13 weken voorafgaand aan haar ziekte. Gedaagde betwistte dit en stelde dat deze periode geen representatief beeld gaf vanwege een incidentele piek in gewerkte uren.
De rechtbank overwoog dat artikel 7:610b BW van dwingend recht is en dat het rechtsvermoeden omtrent het loon bij wisselende uren kan worden weerlegd door een representatieve referteperiode aan te houden. De CAO kan slechts een van de omstandigheden zijn om dit vermoeden te ontkrachten.
Gezien de bijzondere omstandigheden, waaronder de werkloosheid van de partner van eiseres die leidde tot een tijdelijke toename van gewerkte uren, achtte de rechtbank het niet billijk om het ziekengeld te baseren op de laatste 13 weken. De door gedaagde voorgestelde langere referteperiode, met uitzondering van zwangerschapsverlof, gaf een representatiever beeld.
Daarom werd de vordering van eiseres afgewezen en werd zij veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering tot betaling van ziekengeld op basis van de laatste 13 weken wordt afgewezen; berekening vindt plaats op basis van een representatieve langere periode.