ECLI:NL:RBGRO:2006:AV7614
Rechtbank Groningen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Openlegging administratie Heineken inzake drankenleveranties aan failliete Horeca Groningen
In deze civiele procedure vordert de curator in het faillissement van Horeca Groningen B.V. inzage in alle boeken, bescheiden en geschriften van Heineken die betrekking hebben op drankenleveranties aan Horeca Groningen, inclusief documenten die verband houden met Plassania Beheer B.V. en haar directeur. Deze vordering is gericht op het verkrijgen van inzicht in de afspraken tussen Heineken en Plassania omtrent kortingen en bonussen, die relevant zijn voor de beoordeling van de vordering van Heineken jegens de failliete boedel.
Heineken weigert inzage te geven met het argument van concurrentieoverwegingen en vordert op haar beurt inzage in de administratie van de curator met betrekking tot overeenkomsten met het UWV, de belastingdienst en Plassania c.s. De rechtbank oordeelt dat Heineken op grond van haar boekhoudplicht ex artikel 2:10 BW Pro gehouden is tot het bewaren en openleggen van deze administratie en dat de curator terecht inzage vordert. De vordering van de curator wordt daarom toegewezen, terwijl de tegenvordering van Heineken wordt afgewezen wegens gebrek aan belang.
De rechtbank veroordeelt Heineken tot openlegging van de gevraagde documenten en tot betaling van de proceskosten. De zaak wordt aangehouden tot 26 april 2006 voor verdere behandeling in de hoofdzaak.
Uitkomst: De rechtbank beveelt Heineken tot openlegging van alle relevante boeken en bescheiden en wijst de tegenvordering van Heineken af.