ECLI:NL:RBGRO:2005:AU1024
Rechtbank Groningen
- Voorlopige voorziening
- A. Houtman
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen euthanasiebesluit hond wegens disproportionele bestuursdwang
De burgemeester van Groningen nam op grond van artikel 172, derde lid, Gemeentewet een hond in beslag en besloot deze te laten euthanaseren vanwege meerdere bijtincidenten en overtreding van voorwaarden uit een eerder besluit van het college van 29 juli 2004.
Verzoekster, de eigenaresse van de hond, maakte bezwaar tegen dit besluit en vroeg om een voorlopige voorziening. De voorzieningenrechter oordeelde dat de burgemeester een te zwaar en disproportioneel middel heeft gekozen door de hond te laten doden, terwijl bestuursdwang door het college al mogelijk was geweest.
De voorzieningenrechter stelde vast dat het besluit van de burgemeester niet proportioneel was en dat het college van burgemeester en wethouders het in beslag nemen van de hond had kunnen uitvoeren. Daarom werd het besluit tot euthanasie geschorst en werd de gemeente Groningen veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.
Verzoekster erkende de overtreding van de voorwaarden uit het besluit van 29 juli 2004, waardoor het opheffen van de inbeslagname niet werd toegewezen. De uitspraak is in het openbaar gedaan en er staat geen rechtsmiddel tegen open.
Uitkomst: Het besluit van de burgemeester om de hond te laten doden is geschorst wegens disproportionaliteit.