ECLI:NL:RBGRO:2004:AR6601
Rechtbank Groningen
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Bestuurlijke informatieplicht over gebruik Somalische paspoorten bij uitzettingsbeleid
De Stichting INLIA verzocht de Minister voor Vreemdelingenzaken en Integratie om informatie over het gebruik van Somalische paspoorten bij uitzettingsprocedures van uitgeprocedeerde asielzoekers. Verweerder weigerde deze informatie te verstrekken met het argument dat de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) niet van toepassing zou zijn omdat het beleid niet meer wordt gevoerd en het verzoek feitelijke informatie betreft.
Verzoekster stelde dat het gebruik van de paspoorten recentelijk was gestaakt maar niet definitief was en dat de informatie onder de Wob valt omdat het betrekking heeft op een bestuurlijke aangelegenheid. De voorzieningenrechter oordeelde dat het verzoek inderdaad betrekking heeft op een bestuurlijke aangelegenheid en dat de Wob van toepassing is. Het bestreden besluit werd daarom vernietigd en verweerder werd opgedragen een nieuw besluit te nemen.
Het verzoek om een voorlopige voorziening om de informatie direct te verkrijgen werd afgewezen omdat het verstrekken van informatie een onomkeerbare maatregel is en niet vaststond dat het verzoek enkel tot honorering kon leiden. Tevens werd het betaalde griffierecht aan verzoekster vergoed.
De uitspraak benadrukt dat ook informatie over recent beëindigd beleid onder de Wob kan vallen als er nog actuele bestuurlijke relevantie is en dat bestuursorganen zorgvuldig moeten omgaan met verzoeken om informatie over hun beleid.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en verweerder opgedragen een nieuw besluit te nemen; het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen.