ECLI:NL:RBGRO:2004:AO4345
Rechtbank Groningen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens niet-voortzetting na faillissement
Eiseres, een bouwmaterialenbedrijf, stelde beroep in tegen een besluit van het UWV GAK inzake de toekenning van een WAO-uitkering aan een werknemer. Tijdens de procedure werd eiseres op 15 augustus 2003 failliet verklaard en werd een curator benoemd. De curator gaf aan het geding niet te zullen overnemen en ook het UWV maakte geen gebruik van zijn recht om ontslag van instantie te vragen.
De rechtbank verzocht vervolgens eiseres om binnen drie weken aan te geven of zij de beroepsprocedure buiten bezwaar van de boedel wenste voort te zetten. Eiseres reageerde niet op dit verzoek. De rechtbank oordeelde dat door het uitblijven van een reactie het belang van eiseres bij een beslissing in de zaak was komen te vervallen.
Daarom verklaarde de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk en zag zij geen aanleiding tot voortzetting van het onderzoek. De uitspraak werd gedaan op basis van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht.
Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het niet voortzetten van de procedure na faillissement.