ECLI:NL:RBGRO:2003:AO1549
Rechtbank Groningen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Schorsing intrekking marktstandplaatsvergunning wegens onvoldoende belangenafweging
Verweerder, het college van burgemeester en wethouders van Groningen, trok de marktstandplaatsvergunning van verzoeker per 4 november 2003 in vanwege betalingsachterstanden. Verzoeker had meerdere nota's niet voldaan ondanks afspraken over aflossing. Verzoeker maakte bezwaar tegen de intrekking en vroeg om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter oordeelde dat verweerder bij het besluit niet volgens de eigen beleidsregels had gehandeld, die voorschrijven dat intrekkingsbesluiten tijdens bezwaarprocedures doorgaans worden opgeschort. Verweerder had dit niet gemotiveerd en geen gedegen belangenafweging gemaakt, terwijl verzoeker stelde dat het verlies van de vergunning zijn enige mogelijkheid was om schulden af te lossen.
De voorzieningenrechter vond dat het besluit niet ongewijzigd kon blijven en schorste het intrekkingsbesluit tot zes weken na de beslissing op het bezwaarschrift. Tevens werd het door verzoeker betaalde griffierecht van €20,- vergoed vanwege zijn financiële situatie en het belang van effectieve toegang tot de rechter.
Uitkomst: Het intrekkingsbesluit van de marktstandplaatsvergunning wordt geschorst tot zes weken na de beslissing op het bezwaarschrift.