ECLI:NL:RBGRO:2003:AH9935
Rechtbank Groningen
- Eerste aanleg - meervoudig
- Lahuis
- Dolfing
- Van Woensel
- Rechtspraak.nl
Veroordeling moeder voor medeplegen doodslag en mishandeling vijfjarig meisje met TBS-maatregel
Verdachte heeft samen met een mededader haar vijfjarige dochter in Groningen tussen 11 en 13 april 2002 opzettelijk mishandeld en van het leven beroofd door herhaaldelijk geweld toe te passen en medische zorg te onthouden. Het slachtoffer leed aan ernstige ziekten, maar verdachte weigerde medische hulp in te schakelen en voerde rituelen uit met geweld, wat uiteindelijk leidde tot de dood van het kind op de woonkamervloer.
De verdediging voerde aan dat verdachte geen opzet had en dat het causale verband tussen haar handelen en de dood ontbrak vanwege de ziekelijke aandoeningen van het slachtoffer. Deskundigen concludeerden echter dat het geweld mede de doodsoorzaak was en dat er een causaal verband bestond tussen het handelen van verdachte en het overlijden.
Verdachte werd sterk verminderd toerekeningsvatbaar bevonden vanwege een psychische stoornis, maar het beroep op psychische overmacht werd verworpen. De rechtbank achtte een gevangenisstraf van drie jaar passend, gecombineerd met terbeschikkingstelling onder strikte voorwaarden en begeleiding om recidive te voorkomen.
De rechtbank legde voorwaarden op waaronder verdachte medicatie moet gebruiken, geen alcohol of drugs mag gebruiken, een behandelprogramma moet volgen en zich moet onthouden van gewelddadige rituelen gerelateerd aan haar geloof. De Stichting Reclassering Nederland is belast met toezicht en ondersteuning.
De uitspraak werd gedaan na meerdere zittingen en uitgebreid onderzoek, waarbij de rechtbank het ernstige karakter van het feit en de schending van het vertrouwen als moeder zwaar meewoog.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot drie jaar gevangenisstraf en terbeschikkingstelling wegens medeplegen van doodslag en mishandeling van haar vijfjarige dochter.