ECLI:NL:RBGRO:2002:AE1091
Rechtbank Groningen
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Leverantierecht en huurovereenkomst tussen Interbrew en huurder na faillissement
Interbrew en [gedaagde] zijn in geschil over de uitleg en uitvoering van een leverantierecht en huurovereenkomst na het faillissement van de huurder van een horecapand. Interbrew vordert dat [gedaagde] een geparafeerd huurcontract overlegt en leverantierechten respecteert, met dwangsommen bij niet-naleving.
De voorzieningenrechter oordeelt dat Interbrew een exclusief leverantierecht heeft, met uitzondering van enkele producten, en dat de huurovereenkomst op 1 maart 2002 ingaat. De vertraging in het sluiten van de huurovereenkomst is vooral te wijten aan [gedaagde], die een nieuw artikel in het contract opnam dat ten onrechte het leverantierecht beperkt.
De vorderingen van Interbrew worden toegewezen onder beperking van de dwangsommen, terwijl de reconventionele vorderingen van [gedaagde] worden afgewezen. [gedaagde] wordt veroordeeld in de kosten van de procedure. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De voorzieningenrechter veroordeelt [gedaagde] tot het overleggen van een geparafeerd huurcontract en het respecteren van het leverantierecht van Interbrew met dwangsommen bij niet-naleving.