ECLI:NL:RBGRO:2001:AB0240
Rechtbank Groningen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- A. Houtman
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van gratificatie voor extra werkzaamheden projectleider bij Rijksuniversiteit Groningen
Eiser was werkzaam bij de Faculteit der Wiskunde en Natuurwetenschappen van de Rijksuniversiteit Groningen en verrichtte tussen 16 juni 1989 en 16 juni 1991 extra werkzaamheden als projectleider voor de op te richten Algemene Ondersteunende Diensten Natuur- en Scheikunde (AOD).
Verweerder kende eiser een gratificatie toe van fl. 31.305,42 bruto voor het verschil in bezoldiging over die periode, vermeerderd met wettelijke rente. Eiser betwistte de vorm van uitkering en wilde een herinschaling in een hogere salarisschaal met terugwerkende kracht.
De rechtbank oordeelde dat de extra werkzaamheden een afgebakende periode betroffen en dat er geen grond was om achteraf een hogere inschaling toe te kennen. De gratificatie was een passende wijze van beloning. Het beroep van eiser werd daarom ongegrond verklaard.
De uitspraak bevestigt dat een gratificatie een gebruikelijke en rechtmatige beloningsvorm is voor tijdelijke extra werkzaamheden binnen het ambtenarenrecht.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard en de gratificatie voor extra werkzaamheden wordt bevestigd.