ECLI:NL:RBGRO:2000:AF0384
Rechtbank Groningen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.P. Evenhuis
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid verzoek tot toepassing wettelijke schuldsaneringsregeling wegens ontbreken minnelijke regeling
Verzoekster heeft op 21 juni 2000 een verzoekschrift ingediend tot toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling. Zij heeft echter niet de vereiste verklaring overgelegd dat zij heeft getracht een minnelijke regeling met haar schuldeisers te treffen, zoals bedoeld in artikel 285 lid 1 sub e van Pro de Faillissementswet.
Verzoekster gaf aan dat zij zich had aangemeld bij Project Geldzorg van de gemeente Groningen en op een wachtlijst stond met een wachttijd van enkele maanden. Ondanks deze wachttijd namen enkele schuldeisers incassomaatregelen, waardoor verzoekster genoodzaakt was het verzoek in te dienen.
De rechtbank benadrukt dat het stimuleren van een minnelijke regeling tussen debiteur en schuldeisers een van de doelstellingen van de Wet schuldsanering is. De wettelijke schuldsaneringsregeling fungeert als een 'stok achter de deur' en wordt pas toegepast als het minnelijke traject is doorlopen of er bijzondere omstandigheden zijn.
Aangezien verzoekster dit traject niet heeft doorlopen en geen bijzondere feiten en omstandigheden heeft aangevoerd die voorlopige toepassing rechtvaardigen, verklaart de rechtbank haar verzoek niet-ontvankelijk.
Uitkomst: Verzoekster wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een verklaring omtrent minnelijke regeling met schuldeisers.