ECLI:NL:RBGRO:1999:AA3897
Rechtbank Groningen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep tegen niet tijdig beslissen op bezwaar tegen beëindiging verstrekkingen asielzoeker
Eiseres, een asielzoeker, maakte bezwaar tegen het besluit van het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) om haar verstrekkingen te beëindigen en het asielzoekerscentrum te verlaten. Na het uitblijven van een tijdige beslissing op het bezwaar, stelde zij beroep in tegen het niet tijdig beslissen. Verweerder besloot uiteindelijk alsnog op het bezwaar, maar eiseres gaf aan alleen het niet tijdig beslissen aan te vechten.
De rechtbank oordeelt dat het beroep tegen het niet tijdig beslissen mede gericht wordt tegen de inhoudelijke beslissing, tenzij deze geheel tegemoetkomt aan het bezwaar. Omdat eiseres had afgezien van het aanwenden van rechtsmiddelen tegen de inhoudelijke beslissing, was het beroep tegen het niet tijdig beslissen niet langer relevant en derhalve niet-ontvankelijk wegens verlies van belang.
Eiseres voerde dat zij niet op de hoogte was van de terugtrekking van haar gemachtigde, maar de rechtbank stelde dat zij gebonden is aan de handelingen van haar gemachtigde. Er was geen sprake van dwaling door de gemachtigde. De rechtbank veroordeelde verweerder in de proceskosten en bepaalde dat het betaalde griffierecht door het COA aan eiseres wordt vergoed.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig beslissen op het bezwaarschrift is niet-ontvankelijk verklaard wegens verlies van belang.