Uitspraak
1.De inhoud van de tenlastelegging
3.De bewezenverklaring
of omstreeks13 december 2024 te Apeldoorn
zijn levensgezel, [slachtoffer] , heeft mishandeld door
meermalen, althanseenmaal, (met kracht)
althans met een soortgelijk hard voorwerp, in het gezicht,
althans op/tegen het hoofdte slaan
en/of te stompen
en/of
een ofmeer tijdstippen in
of omstreeksde periode van
25 juli 2024tot en met 12 december 2024
te Apeldoorn en/of te Eindhoven, althans op een of meer plaatsenin Nederland,
zijn levensgezel, [slachtoffer] , heeft mishandeld door meermalen,
althans eenmaal, (met kracht)
/of
of op/tegen het lichaam te slaan
en/of te stompen
en/of
-die [slachtoffer] met het hoofd tegen een muur te slaan.
4.De kwalificatie van het bewezenverklaarde
5.De strafbaarheid van de feiten
6.De strafbaarheid van de verdachte
7.De overwegingen ten aanzien van straf en maatregel
- Meldplicht bij de reclassering;
- Opneming in een zorginstelling;
- Ambulante behandeling (met mogelijkheid tot kortdurende klinische opname);
- Begeleid wonen of maatschappelijke opvang;
- Dagbesteding;
- Contactverbod;
- Locatieverbod (met elektronisch toezicht).
8.De beoordeling van de civiele vordering
- rekening van de tandarts ad € 39,45;
- verklaring van de huisarts ad € 118,30.
- € 15.000,- hersenletsel, waarvan € 11.500 PM;
- € 4.000,- Tinitus PM;
- € 16.000,- pijn, verdriet, PTSS, suïcidaal, waarvan € 12.000,- PM.
- € 157,75 aan geleden materiële schade;
- € 2.000,- aan geleden immateriële schade.
9.De toegepaste wettelijke bepalingen
10.De beslissing
een gevangenisstraf voor de duur van 247 dagen;
- bepaalt dat
- stelt als algemene voorwaarde dat verdachte zich niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
.
- veroordeelt verdachte in verband met het feit onder nummer 2 en 3 tot betaling van schadevergoeding aan de benadeelde partij [slachtoffer] van € 157,75 aan materiële schade en € 2.000,- aan smartengeld, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 13 december 2024 tot aan de dag dat het hele bedrag is betaald;
- veroordeelt verdachte in de kosten die de benadeelde partij in deze procedure heeft gemaakt en de kosten die de benadeelde partij mogelijk nog moet maken om het toegewezen bedrag betaald te krijgen, tot vandaag begroot op nul;
- legt aan verdachte de verplichting op om aan de Staat, ten behoeve van benadeelde partij [slachtoffer] een bedrag te betalen van € 2.157,7 5aan materiële schade en smartengeld. Dit wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 13 december 2024 tot aan de dag dat het hele bedrag is betaald. Als dit bedrag niet wordt betaald, kunnen 21 dagen gijzeling worden toegepast zonder dat de betalingsverplichting vervalt;
- bepaalt daarbij dat met betaling aan de benadeelde partij in zoverre de betaling aan de Staat vervalt en omgekeerd;