Uitspraak
1.De inhoud van de tenlastelegging
2.Overwegingen ten aanzien van het bewijs
Yo Mo, ik wil graag 3 gram miauw bestellen in Arnhem. Hoe laat zou het hier kunnen zijn?”. Op 11 september 2024 stuurt [naam] “
Yo Mo. Ben je beschikbaar? Ik wil graag 3 gram miauw bestellen in Arnhem.”. Op 12 maart 2025 stuurt [naam] “
3 gram. Stuur adres, kom ik gelijk.”en reageert [account] met “
Ja Isgoed bel bel je zo terug”en “
[adres] . Als je bij die flat bent moet je bij die ingang wachten. Of rij door na die parkeerplaats achterin helemaal” en “
Rij even weg daar en dan na rechts en nog een keer na rechts. Grote parkeerplaats. Zit camera daar namelijk. Sta nu achter. Rij terug zie je me lopen”. [5] [naam] heeft verklaard dat hij drie keer drie gram miauw miauw (de rechtbank begrijpt: 3MMC) heeft gekocht bij deze dealer en dat iemand het kwam brengen. [6]
3.De bewezenverklaring
een ofmeer tijdstippen in
of omstreeksde periode tussen 6 augustus 2024 tot en met 19
/ofvervoerd, in elk geval opzettelijk aanwezig heeft gehad,
/of
/ofamfetamine en
/ofMDMA en
/of3-MMC, een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;
op ofomstreeks 19 maart 2025 te Nijmegen, opzettelijk aanwezig heeft gehad ongeveer 10,53 gram
, in elk geval een hoeveelheidvan een materiaal bevattende cocaïne en
/ofongeveer 479,27 gram,
in elk geval een hoeveelheidvan een materiaal bevattende amfetamine en
/ofongeveer 0,38 gram
, in elk geval een hoeveelheidvan een materiaal bevattende MDMA, zijnde cocaïne en
/ofamfetamine en
/ofMDMA (telkens) een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;
op ofomstreeks 19 maart 2025 te Nijmegen een horloge (merk: Rolex) heeft verworven en
/ofvoorhanden gehad
en/of heeft overgedragen, heeft omgezet en/ofheeft gebruikt, terwijl hij, verdachte wist
, dan wel redelijkerwijs moest vermoeden,dat dat voorwerp geheel of gedeeltelijk - onmiddellijk of middellijk - afkomstig was uit enig eigen misdrijf;
of omstreeks16 februari 2026 te Nijmegen [aangever 1] heeft mishandeld, door die [aangever 1] (met kracht)
in/op/tegen zijn keel
en/of gezicht, althans zijn lichaam te slaan en/ofte duwen;
of omstreeks16 februari 2026 te Nijmegen
, althans in Nederland,opzettelijk iemand, te weten [aangever 2] (werkzaam als agent bij de Eenheid Oost-Nederland) en
/of[aangever 3] (werkzaam als hoofdagent bij de Eenheid Oost-Nederland),
/of[aangever 3]
mondeling
, althans eenmaal,"hoeren" en
/of"batties" en
/of"kehba's", in elk geval woorden
en/of gedragingenvan gelijke beledigende aard en
/ofstrekking
te zeggen, terwijl deze belediging werd aangedaan aan een ambtenaar gedurende of ter zake van de rechtmatige uitoefening van
zijn/haar/hun bediening,
terwijl dit strafbare feit werd begaan met een discriminatoir oogmerk en/of bestond uit, werd voorafgegaan door, vergezeld van en/of gevolgd door een of meer gedragingen die haat tegen en/of discriminatie van een groep mensen wegens hun ras, hun godsdienst en/of levensovertuiging, hun geslacht, hun seksuele gerichtheid en/of hun handicap tot uitdrukking brachten;
of omstreeks16 februari 2026 te Nijmegen
, althans in Nederland,zich met geweld en
/ofbedreiging met geweld, heeft verzet tegen
een ofmeerdere ambtenaren, [aangever 2] (werkzaam als agent bij de Eenheid Oost-Nederland) en
/of[aangever 3] (werkzaam als hoofdagent bij de Eenheid Oost-Nederland), werkzaam in de rechtmatige uitoefening van
zijn/haar/hun bediening, te weten ter aanhouding van verdachte door
, althans eenmaal,tegen te werken met zijn lichaam;
(a)r
(en
)en
/ofmetalen buis van de dienstvoertuig af te zetten
,
althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking.
4.De kwalificatie van het bewezenverklaarde
5.De strafbaarheid van de feiten
6.De strafbaarheid van de verdachte
7.De overwegingen ten aanzien van straf en/of maatregel
gedurende 3 tot 6 maanden met enige regelmaatals oriëntatiepunt een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van acht maanden. Hoewel het in deze zaak van verdachte om een langere periode van ruim zeven maanden gaat, zal de rechtbank uitgaan van voornoemd oriëntatiepunt omdat de rechtbank rekening houdt met de omstandigheid dat verdachte weliswaar met enige regelmaat heeft gedeald, maar niet is gebleken dat dit de gehele periode onafgebroken gebeurde. Zo is bijvoorbeeld het aantal drugsgerelateerde contacten dat op zijn telefoon is aangetroffen relatief beperkt in omvang. Ook is niet gebleken dat hij een aansturende rol had binnen het drugsnetwerk.