ECLI:NL:RBGEL:2026:560

Rechtbank Gelderland

Datum uitspraak
22 januari 2026
Publicatiedatum
26 januari 2026
Zaaknummer
05/130882-23
Instantie
Rechtbank Gelderland
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 9 SrArt. 22b SrArt. 22c SrArt. 22d SrArt. 141 Sr
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Veroordeling openlijk geweld bij voetbalwedstrijd tegen politie en goederen

Op 22 mei 2022 vond tijdens de voetbalwedstrijd Vitesse-FC Utrecht in Arnhem openlijk geweld plaats door een groep supporters tegen politie en hekwerken. Verdachte heeft met een riem geslagen, aan hekken getrokken en anderen aangezet tot geweld. De politie herkende verdachte op camerabeelden en via verbalisanten die hem regelmatig bij wedstrijden zagen.

De verdediging voerde aan dat de herkenningen onbetrouwbaar waren, maar de rechtbank verwierp dit op grond van de deskundigheid en herhaalde contacten van de verbalisanten met verdachte. De rechtbank stelde vast dat verdachte een wezenlijke bijdrage leverde aan het geweld en opzet had op eigen en groepsgeweld.

Gezien de ernst van het feit, de recidive van verdachte op voetbalgeweld en het feit dat het taakstrafverbod van toepassing is, legde de rechtbank een gevangenisstraf van één week en een taakstraf van 80 uur op, met vervangende hechtenis van 40 dagen bij niet-nakoming. Verdachte werd vrijgesproken van overige tenlasteleggingen.

Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een gevangenisstraf van één week en een taakstraf van 80 uur wegens openlijk geweld in vereniging tegen politie en goederen.

Uitspraak

RECHTBANK GELDERLAND
Team strafrecht
Zittingsplaats: Arnhem
Parketnummer: 05/130882-23
Datum uitspraak : 22 januari 2026
Tegenspraak (art. 279 Sv Pro)
vonnis van de meervoudige kamer
in de zaak van
de officier van justitie
tegen
[verdachte],
geboren op [geboortedatum] 1998 in [geboorteplaats] ,
wonende aan [adres] .
Raadsman: mr. R. Schreudering, advocaat in Utrecht.
Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op een openbare terechtzitting.

1.De inhoud van de tenlastelegging

Aan verdachte is ten laste gelegd dat:
hij op of omstreeks 22 mei 2022 te Arnhem, openlijk, te weten, de Batavierenweg, in elk geval op of aan de openbare weg en/of op een voor het publiek toegankelijke plaats, in vereniging geweld heeft gepleegd tegen een persoon en/of een goed te weten tegen een of
meerdere politieambtena(a)r(en) en/of tegen een of meerdere onbekend gebleven perso(o)n(en) en/of een of meerdere hek(ken)/hekwerk(en) door
- meermaals, althans eenmaal, tegen/aan het hek(werk) te duwen en/of te trekken en/of te schudden,
- een blikje, althans een voorwerp, in de richting van een of meerdere onbekend gebleven politieambtena(a)r(en) te gooien,
- een of meerdere onbekend gebleven politieambtena(a)r(en)/perso(o)n(en) op/tegen het lichaam te slaan en/of te stompen,
- meermaals, althans eenmaal (met kracht) met een (broek)riem op/tegen, althans in de richting van een of meerdere onbekend gebleven perso(o)n(en)/politieambtena(a)r(en) te slaan, en/of
- meermaals, althans eenmaal, op/tegen, althans in de richting van een onbekend gebleven perso(o)n(en)/politieambtena(a)r(en) te schoppen en/of te trappen.
2. Overwegingen ten aanzien van het bewijs [1]
De feiten
Op grond van de bewijsmiddelen wordt het volgende, dat verder ook niet ter discussie staat, vastgesteld.
Op 22 mei 2022 vond de wedstrijd Vitesse-FC Utrecht plaats in de Gelredome aan de Batavierenlaan in Arnhem. Een groep van 20 tot 30 FC Utrecht supporters heeft aan hekken getrokken en geschud. De Mobiele Eenheid (hierna: ME) van de politie was aanwezig. Een medeverdachte gooide een blikje over het hek naar de politieambtenaren. [2] Daarna klom een persoon met gezichtsbedekking op de toegangspoort en sloeg met een riem meerdere malen richting de ME’ers die onder hem stonden. Ook sloegen meerdere supporters met hun riem richting de ME’ers, al dan niet over het hekwerk. Vervolgens richtte de groep supporters zich op een zwart afzethek dat door hen werd open geduwd. Een als supportersbegeleider aanwezige politieambtenaar in burger werd door een supporter geslagen. Daarna trapten meerdere supporters richting politieambtenaren. [3]
Het standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie heeft gesteld dat wettig en overtuigend bewezen kan worden dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het tenlastegelegde.
Het standpunt van de verdediging
De raadsman heeft bepleit dat de herkenningen van verdachte naar aanleiding van de camerabeelden door de verbalisanten onbetrouwbaar zijn. De verbalisanten geven enkel een beschrijving van de lichaamsbouw van verdachte. Meerdere supporters hebben dezelfde lichaamsbouw. [verbalisant 1] beschrijft geen gezichtskenmerken en uit het proces-verbaal blijkt niet hoe goed de verbalisant verdachte kent. De raadsman heeft bepleit dat verdachte moet worden vrijgesproken wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs.
Beoordeling door de rechtbank
De politie heeft de camerabeelden van Gelredome en de videoauto van de politie uitgekeken.
De politie beschrijft dat NN09 aan het hekwerk heeft getrokken en geschopt. NN09 heeft met een riem over het hekwerk geslagen. NN09 heeft anderen gewenkt erbij te komen en bewoog zijn armen omhoog en omlaag om anderen op te jutten. [4]
[verbalisant 2] is supporterbegeleider en camerabedienaar bij FC Utrecht. [verbalisant 2] heeft NN09 als zijnde verdachte herkend. Verdachte werd aan zijn gezicht en uiterlijk, waaronder zijn corpulente postuur en hangende, moe uitziende ogen herkend. Verder heeft de verbalisant verdachte wekelijks op uit- en thuiswedstrijden van FC Utrecht gezien. [5]
[verbalisant 1] is werkzaam bij de voetbaleenheid van de politie Midden-Nederland en aanwezig bij uit- en thuiswedstrijden van FC Utrecht. [verbalisant 1] heeft NN09 als zijnde verdachte herkend. Hij heeft hiervoor naar screenshots en bewegende beelden gekeken. Verdachte werd aan zijn forse postuur en zijn gezichtskenmerken herkend en de verbalisant had meerdere lange en korte contactmomenten met verdachte. [6]
De verdediging heeft aangevoerd dat de herkenningen van verdachte onbetrouwbaar zijn omdat gezichtskenmerken niet of nauwelijks worden omschreven. De rechtbank heeft geen reden te twijfelen aan de herkenningen gedaan door de verbalisanten. Beide verbalisanten zijn gespecialiseerd in de politieondersteuning bij de voetbalwedstrijden van FC Utrecht. Daarnaast beschrijven beide verbalisanten dat zij verdachte meerdere malen gezien hebben bij FC Utrecht, waarbij [verbalisant 1] meerdere contactmomenten met verdachte heeft gehad. De herkenningen zijn hierdoor betrouwbaar. Het verweer van de verdediging wordt derhalve verworpen.
De rechtbank stelt vast dat het verdachte is die de handelingen van NN09 heeft begaan die zijn omschreven in het procesdossier. De rechtbank stelt daarnaast voorop dat van het "in vereniging" plegen van geweld sprake is, indien de betrokkene een voldoende significante of wezenlijke bijdrage levert aan het geweld. Beoordeeld moet worden of de door de verdachte geleverde – intellectuele en/of materiële – bijdrage aan het delict van voldoende gewicht is.
Verdachte heeft meerdere malen, gezamenlijk met anderen, aan een hekwerk getrokken en er tegen geschopt. Daarnaast heeft verdachte met een riem over het hekwerk richting de ME geslagen. Verdachte heeft door deze handelingen in de groep supporters ter grootte van 20 tot 30 mensen een wezenlijke bijdrage geleverd van voldoende gewicht door actief mee te doen in het geweld richting politieambtenaren en de hekken. Geen enkel moment heeft verdachte zich van deze geweldshandelingen gedistantieerd. Integendeel, verdachte heeft juist anderen aangemoedigd om mee te doen in de geweldshandelingen. Verdachte heeft hiermee niet alleen opzet gehad op zijn eigen handelen, maar ook op de geweldshandelingen die door anderen zijn gepleegd zoals ten laste zijn gelegd door deel uit te maken van die groep.
De rechtbank acht de ten laste gelegde openlijke geweldpleging, in vereniging gepleegd, wettig en overtuigend bewezen.

3.De bewezenverklaring

Naar het oordeel van de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het tenlastegelegde heeft begaan, te weten dat:
hij op
of omstreeks22 mei 2022 te Arnhem, openlijk, te weten,
aande Batavierenweg,
in elk geval op of aan de openbare weg en/of op een voor het publiek toegankelijke plaats, in vereniging geweld heeft gepleegd tegen een persoon en
/ofeen goed te weten tegen
een of
meerdere politieambtena
(a)r
(en
)en
/oftegen
een ofmeerdere onbekend gebleven perso
(o)n
(en
)en
/of een ofmeerdere hek
(ken
)/hekwerk
(en
)door
- meermaals,
althans eenmaal,tegen/aan het hek(werk) te duwen en
/ofte trekken en
/ofte schudden,
- een blikje
, althans een voorwerp,in de richting van
een ofmeerdere onbekend gebleven politieambtena
(a)r
(en
)te gooien,
- een
of meerdereonbekend gebleven politieambtena
(a
)r
(en)/perso
(o
)n
(en)op/tegen het lichaam te slaan
en/of te stompen,
- meermaals,
althans eenmaal (met kracht)met een (broek)riem
op/tegen, althansin de richting van
een ofmeerdere onbekend gebleven perso
(o)n
(en
)/politieambtena
(a)r
(en
)te slaan, en
/of
- meermaals
, althans eenmaal,
op/tegen, althansin de richting van een onbekend gebleven
perso(o)n(en)/politieambtena
(a)r
(en
) te schoppen en/ofte trappen.
Voor zover er in de tenlastelegging kennelijke taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn die fouten in de bewezenverklaring verbeterd. Verdachte is daardoor niet in de verdediging geschaad.
Wat meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard, is niet bewezen.
Verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.

4.De kwalificatie van het bewezenverklaarde

Het bewezenverklaarde levert op:
openlijk in vereniging geweld plegen tegen personen en goederen.

5.De strafbaarheid van het feit

Het feit is strafbaar.

6.De strafbaarheid van de verdachte

Verdachte is strafbaar, nu geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk is geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit.

7.De overwegingen ten aanzien van straf

Het standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van één week en een taakstraf voor de duur van 80 uren, te vervangen door een hechtenis van 40 dagen.
Het standpunt van de verdediging
De raadsman heeft bepleit dat een gevangenisstraf lastig is voor verdachte. Verdachte is ZZP’er en heeft grote klussen waardoor hij niet lang afwezig kan zijn.
De beoordeling door de rechtbank
De rechtbank houdt bij de beslissing over de straf die aan verdachte dient te worden opgelegd rekening met de aard en ernst van het bewezenverklaarde en de omstandigheden waaronder dit heeft plaatsgevonden. Bij de beoordeling van de ernst van het door verdachte gepleegde strafbare feit betrekt de rechtbank de landelijke oriëntatiepunten en de straffen die voor soortgelijke feiten worden opgelegd. Daarnaast houdt de rechtbank bij de strafbepaling rekening met de persoon en de persoonlijke omstandigheden van verdachte, waarbij rekening wordt gehouden met het strafblad van verdachte.
Ernst van het feit
Verdachte heeft door met een broekriem in zijn hand richting de politie te slaan openlijk geweld gepleegd na het bezoeken van een voetbalwedstrijd. Hij heeft zijn riem als wapen gebruikt en heeft anderen aangespoord om mee te doen aan de geweldshandelingen. Er is veel geweld gepleegd door een grote groep die zich richtte tegen de politie. Deze situatie moet erg beangstigd zijn geweest voor de betrokken politieagenten. Op de camerabeelden is ook te zien dat er zich tussen de groep supporters die worden aangespoord om mee te doen met het geweld tegen de politie kinderen bevinden. Verdachte heeft jongere supporters een slecht voorbeeld gegeven en heeft ervoor gekozen om niet ter zitting verantwoording af te leggen voor zijn daden.
Voetbalvandalisme en -geweld vormen een groot maatschappelijk probleem. Het raakt direct de veiligheid van de bezoekers van voetbalwedstrijden en leidt er zelfs toe dat een deel van de goedwillende supporters ervan afziet om nog wedstrijden te bezoeken. De omvangrijke veiligheidsmaatregelen die worden genomen in verband met (de dreiging van) het voetbalvandalisme en geweld leveren een grote kostenpost op voor de samenleving. Het creëert niet alleen een groot gevoel van onveiligheid, onrust en angst in de maatschappij maar ook gevoelens van woede en verontwaardiging. Verdachte heeft hier een bijdrage aan geleverd. Dit rekent de rechtbank verdachte zwaar aan.
Persoonlijke omstandigheden
Uit het strafblad van verdachte blijkt dat verdachte in de vijf jaar voorafgaand aan het door hem begane feit eerder is veroordeeld voor tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van 2 weken en een taakstraf van 120 uur voor aan voetbal gerelateerde openlijke geweldpleging. De opgelegde taakstraf is inmiddels door verdachte uitgevoerd, waardoor bij de onderhavige zaak het taakstrafverbod van artikel 22b van het Wetboek van Strafrecht van toepassing is.
Redelijke termijn
De rechtbank stelt voorop dat in artikel 6, eerste lid, EVRM het recht van iedere verdachte is gewaarborgd om binnen een redelijke termijn te worden berecht. Die termijn vangt aan op het moment dat vanwege de Nederlandse Staat tegenover de betrokkene een handeling is verricht waaraan de verdachte in redelijkheid de verwachting kan ontlenen dat tegen hem voor een bepaald strafbaar feit door het openbaar ministerie een strafvervolging zal worden ingesteld. Het eerste verhoor van de verdachte door de politie heeft niet steeds als een zodanige handeling te gelden. Wel moeten de inverzekeringstelling van de verdachte en de betekening van de dagvaarding als zo'n handeling worden aangemerkt.
De rechtbank overweegt met betrekking tot de aanvang van de redelijke termijn en het procesverloop in deze zaak het volgende. Verdachte is weliswaar op 22 februari 2023 verhoord, maar uit niets bleek dat vervolging zou plaatsvinden alvorens de dagvaarding aan verdachte werd betekend. Desondanks zal de rechtbank bij de strafoplegging rekening houden met het lange tijdsverloop tussen de pleegdatum, het eerste verhoor en de berechting.
De straf
Gelet op de oriëntatiepunten van het Landelijk Overleg Vakinhoud Strafrecht (LOVS) en op wat doorgaans bij soortgelijke zaken wordt opgelegd geldt voor openlijk geweld tegen personen voor een first offender als uitgangspunt een taakstraf voor de duur van 120 uur, en indien dit geweld zoals hier is gepleegd tegen publieke handhavers, een taakstraf voor de duur van 160 uur. Er is hier echter sprake van recidive op het gebied van voetbalgeweld. De eerder daarvoor voorwaardelijk opgelegde gevangenisstraf noch de opgelegde en uitgevoerde taakstraf hebben verdachte weerhouden van het opnieuw plegen van soortgelijk geweld. Om die reden is het wettelijke taakstrafverbod van artikel 22b van toepassing en is het opleggen van enkel een taakstraf niet meer aan de orde. De rechtbank houdt in matigende zin rekening met het grote tijdsverloop. De recidive, ernst van het geweld en de rol daarin van verdachte, die zijn riem als wapen gebruikte en anderen ophitste, verzetten zich er tegen dat verdachte een minder zware straf dan (mede) een onvoorwaardelijke vrijheidsstraf wordt opgelegd. De rechtbank volgt dan ook de eis van de officier van justitie en legt een gevangenisstraf op voor de duur van één week en een taakstraf voor de duur van 80 uur, bij het niet verrichten hiervan te vervangen door een hechtenis van 40 dagen.

8.De toegepaste wettelijke bepalingen

De oplegging van de straf is gegrond op de artikelen 9, 22c, 22d en 141 van het Wetboek van Strafrecht.

9.De beslissing

De rechtbank:
 verklaart bewezen dat verdachte het tenlastegelegde, zoals vermeld onder ‘De bewezenverklaring’, heeft begaan;
 verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven bewezen is verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij;
 verstaat dat het aldus bewezenverklaarde oplevert het strafbare feit zoals vermeld onder ‘De kwalificatie van het bewezenverklaarde’;
 verklaart verdachte hiervoor strafbaar;
 veroordeelt verdachte tot
een gevangenisstraf voor de duur van 1 (één) week;
 legt op
een taakstraf van 80 (tachtig) uren, met bevel dat indien deze straf niet naar behoren wordt verricht vervangende hechtenis zal worden toegepast voor de duur van 40 (veertig) dagen.
Dit vonnis is gewezen door mr. E.S.M. van Bergen (voorzitter), mr. T.P.E.E. van Groeningen en mr. J. Wiersma, rechters, in tegenwoordigheid van mr. E.M. Breed, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 22 januari 2026.
mr. J. Wiersma is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.

Voetnoten

1.Het bewijs is terug te vinden in het in de wettelijke vorm door [verbalisant 3] van de politie Oost-Nederland, district Gelderland-Midden, opgemaakte proces-verbaal, dossiernummer PL0600-2022459992, gesloten op 21 maart 2023 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld.
2.Proces-verbaal van bevindingen, p. 24; proces-verbaal van bevindingen, p. 29; proces-verbaal van verhoor verdachte [verbalisant 4] , p. 146.
3.Proces-verbaal van bevindingen, p. 24 t/m 27.
4.Proces-verbaal van bevindingen, p. 29.
5.Proces-verbaal van bevindingen, p. 64.
6.Proces-verbaal van bevindingen, p. 67.