Uitspraak
1.De inhoud van de tenlastelegging
(verstikkingseffecten).
- AARK0111NL rechter pols (2x),
- AARK0112NL linker pols (2x);
- AARK0013NL enkel links (2x);
- AARK0014NL enkel rechts (2x)
- AARK0110NL hals (2x).
- in de vuilniszak zat een grijs shirt met zwarte mouwen. Op de foto’s van het shirt uit de vuilniszak zijn op drie plaatsen vlekken zichtbaar. Op een screenshot van de beelden van de Albert Heijn is te zien dat verdachte een grijs shirt met zwarte mouwen draagt en dat er geen vlekken zichtbaar zijn;
- in de vuilniszak zat een donkerkleurige broek. Op de witte streep/bies die op de broek zit, is een rood/paarse verkleuring te zien. Op het screenshot van de camerabeelden is te zien dat verdachte een soortgelijke broek draagt. De witte streep/bies toont echter geen rood/paarse verkleuring;
- in de vuilniszak zat een lichtkleurig/wit T-shirt met daarop meerdere vlekken. Op het screenshot van de camerabeelden is te zien dat verdachte mogelijk een wit T-shirt onder zijn grijze shirt draagt.
- tijdens het indicatief vergelijkend schoensporenonderzoek tussen enerzijds de schoensporen [15], [19] [20], [21], [23], [25] en [26] en anderzijds de zolen van de zwarte slippers die zijn aangetroffen op een plank van de kast [C], komen gezien het profiel en afmetingen ogenschijnlijk deze slippers [C] in aanmerking als mogelijke sporenveroorzaker. De sporen [15], [21], [23], [25] en [26] zijn met bloed gezet;
- De afgenomen folies van schoenafdruksporen en de foto's in de fotomappen 'BPA' en 'ALCV' tonen ogenschijnlijk geen andere schoenzoolprofielen dan van de schoenen/slippers [B], [C] en [E]. (
Zijn verklaringen voor zover die belastend zijn, vinden steun in en worden bevestigd door het hiervoor besproken forensisch bewijs: verdachte heeft verklaard dat hij op 18 mei 2025 samen met [slachtoffer] zijn verjaardag vierde, dat hij vanaf die middag met haar in zijn studio was, dat er niemand anders aanwezig was en dat hij in de avond naar Albert Heijn is gegaan om drank te kopen. Hij droeg die avond een witte trui met donkere mouwen, een trainingsbroek met een opdruk en een wit T-shirt. Toen hij naar de Albert Heijn ging, droeg hij witte sneakers van Puma. De slippers die in de inbouwkast in zijn woning zijn aangetroffen zijn van hem. [30]
De toelichting die verdachte daarbij geeft is dat hij er rekening mee hield dat hij mogelijk de hele nacht weg zou blijven en direct door zou moeten naar zijn werk. Deze verklaring is weinig aannemelijk. Verdachte had naar eigen zeggen een goede relatie met [slachtoffer] , zij was juist die dag bij hem om zijn verjaardag te vieren en zou bij hem logeren. Daarnaast verklaart hij desgevraagd dat hij die nacht met niemand had afgesproken; hij zou op de bonnefooi naar het Sonsbeekpark zijn gegaan. Bovendien valt niet in te zien waarom verdachte zich de volgende ochtend niet gewoon thuis zou hebben kunnen omkleden. Zijn werkadres bevond zich immers in hetzelfde pand als de studio.
3.De bewezenverklaring
of omstreeksde periode van 18 mei 2025 tot en met 19 mei 2025 te Arnhem
, in elk geval in Nederland,[slachtoffer] opzettelijk
en al dan niet met voorbedachten radevan het leven heeft beroofd, door
(meermalen
) (met kracht
)
/tegenhet hoofd en
/ofde borst en
/ofde romp te trappen en/of te stompen en/of te slaan (al dan niet met een voorwerp) en
/of(ander) stomp botsend en/of (samen)drukkend geweld
, in ieder geval een of meerdere geweldshandelingentoe te passen op het hoofd en/of de borst en/of de romp van die [slachtoffer] en
/of
, in ieder geval een of meerdere geweldshandelingentoe te passen op de mond en
/ofde neus van die
/of
, in ieder geval een of meerdere geweldshandelingen toe te passenop de hals van die [slachtoffer] , ten gevolge waarvan voornoemde [slachtoffer] is overleden.
4.De kwalificatie van het bewezenverklaarde
5.De strafbaarheid van het feit
6.De strafbaarheid van de verdachte
7.De overwegingen ten aanzien van straf en/of maatregel
8.De beoordeling van de civiele vorderingen
9.De toegepaste wettelijke bepalingen
10.De beslissing
gevangenisstraf voor de duur van 15 jaren;
gedragsbeïnvloedende en vrijheidsbeperkende maatregel op grond van artikel 38zvan het Wetboek van Strafrecht op;
- veroordeelt verdachte in verband met het feit tot betaling van schadevergoeding aan de benadeelde partij [benadeelde 1] van € 5.266,96 aan materiële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 19 mei 2025 tot aan de dag dat het hele bedrag is betaald;
- veroordeelt verdachte in de kosten die de benadeelde partij in deze procedure heeft gemaakt en de kosten die de benadeelde partij mogelijk nog moet maken om het toegewezen bedrag betaald te krijgen, tot vandaag begroot op nul;
- legt aan verdachte de verplichting op om aan de Staat, ten behoeve van benadeelde partij [benadeelde 1] , een bedrag te betalen van € 5.266,96 aan materiële schade. Dit wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 19 mei 2025 tot aan de dag dat het hele bedrag is betaald. Als dit bedrag niet wordt betaald, kunnen 52 dagen gijzeling worden toegepast zonder dat de betalingsverplichting vervalt;
- bepaalt daarbij dat met betaling aan de benadeelde partij in zoverre de betaling aan de Staat vervalt en omgekeerd;
- veroordeelt verdachte in verband met het feit tot betaling van schadevergoeding aan de benadeelde partij [benadeelde 2] van € 1.330,00 aan materiële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 19 mei 2025 tot aan de dag dat het hele bedrag is betaald;
- veroordeelt verdachte in de kosten die de benadeelde partij in deze procedure heeft gemaakt en de kosten die de benadeelde partij mogelijk nog moet maken om het toegewezen bedrag betaald te krijgen, tot vandaag begroot op nul;
- legt aan verdachte de verplichting op om aan de Staat, ten behoeve van benadeelde partij [benadeelde 2] , een bedrag te betalen van € 1.330,00 aan materiële schade. Dit wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 19 mei 2025 tot aan de dag dat het hele bedrag is betaald.) Als dit bedrag niet wordt betaald, kunnen 13 dagen gijzeling worden toegepast zonder dat de betalingsverplichting vervalt;
- bepaalt daarbij dat met betaling aan de benadeelde partij in zoverre de betaling aan de Staat vervalt en omgekeerd.