ECLI:NL:RBGEL:2026:4458

Rechtbank Gelderland

Datum uitspraak
22 april 2026
Publicatiedatum
4 juni 2026
Zaaknummer
11814894 \ CV EXPL 25-6002
Type
Uitspraak
Uitkomst
Deels toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 7:750 BWArt. 7:756 lid 1 BWArt. 6:265 BWArt. 6:267 lid 2 BWArt. 7:754 lid 1 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Betwisting nakoming en ontbindingsovereenkomst aanneming werk keldervochtbestrijding

HSD voerde werkzaamheden uit aan de kelder van [gedaagde 1] en [gedaagde 2] om vochtproblemen te verhelpen. Partijen sloten een aannemingsovereenkomst met een offerte en algemene voorwaarden. Na oplevering ontstonden klachten over gebrekkige uitvoering, waaronder vochtproblemen en slechte afwerking.

De rechtbank oordeelt dat oplevering heeft plaatsgevonden op 28 februari 2024, waarna [gedaagde 1] betalingsverplichting ontstond. De vordering van HSD tot betaling van €7.760,33 wordt toegewezen, maar alleen jegens [gedaagde 1] als contractspartij. Klachten over gebreken na oplevering worden erkend, maar ontbinding wordt voorlopig niet toegewezen vanwege verzuim van [gedaagde 1] en onduidelijkheid over tekortkomingen.

De rechtbank benoemt een deskundige om te onderzoeken of het 3-laags afdichtingssysteem correct is aangebracht en of er sprake is van verkruimeling van dichtingslagen. Partijen krijgen gelegenheid zich uit te laten over de deskundige en vragen. Verdere beslissingen worden aangehouden totdat het deskundigenrapport beschikbaar is.

Uitkomst: HSD krijgt betaling toegewezen voor kelderwerkzaamheden, deskundige wordt benoemd voor onderzoek naar gebreken, ontbinding wordt aangehouden.

Uitspraak

RECHTBANKGELDERLAND
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Arnhem
Zaaknummer: 11814894 \ CV EXPL 25-6002
Vonnis van 22 april 2026
in de zaak van
HOME PROTECTION B.V., handelend onder de naam
HSD Vochtbestrijding
gevestigd te Ederveen,
eisende partij in conventie,
verwerende partij in reconventie,
hierna te noemen: HSD,
gemachtigde: mr. A.A. Bart,
tegen

1.[gedaagde 1] ,

2
. [gedaagde 2],
beiden wonende te [woonplaats] ( [geboorteland] ),
gedaagde partijen in conventie,
eisende partijen in reconventie,
hierna afzonderlijk te noemen: [gedaagde 1] of [gedaagde 2] en gezamenlijk te noemen: [gedaagden] ,
gemachtigde: mr. G.P. Smit.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het tussenvonnis van 27 augustus 2025
- de conclusie van antwoord in reconventie.
1.2.
De mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden op 5 maart 2026. Namens HSD zijn verschenen de heer [bestuurder] (bestuurder) en de heer [accountmanager] (accountmanager). HSD is verder bijgestaan door haar gemachtigde. [gedaagde 2] is verschenen, tezamen met zijn gemachtigde. Door de griffier zijn aantekeningen gemaakt van hetgeen ter zitting is besproken.
1.3.
Hierna is vonnis bepaald.

2.De feiten

2.1.
HSD is een in Nederland gevestigd bedrijf dat actief is in vochtbestrijding van gebouwen. [gedaagde 1] en [gedaagde 2] zijn woonachtig in [woonplaats] ( [geboorteland] ) en zijn eigenaar van een pand dat is gebouwd op een bestaande oude gewelfde kelder.
2.2.
Op 15 juni 2023 heeft [gedaagde 2] HSD per e-mail benaderd. In zijn e-mail schreef hij:

(…) Bedankt voor het telefoongesprek. We hebben een kelder uit de 15e eeuw. Hier bovenop staat sinds 2018 een nieuwbouw huis.
Omdat de vochtigheid vorig jaar voorjaar/zomer bijna 100% was, hebben we een betonvloer laten leggen. De kelder is gezandstraald (behalve de zijmuren) en ik heb afgelopen december 2cm cementering met compaktuna (om waterdicht te maken) aangebracht. Daarna de kelder bezet met kalei van Stoop en Meeusen. De kalei (met additief voor de zijmuren die verf hadden) is op veel plekken nooit droog geworden en wordt zelfs natter en op sommige plekken bruin. Er is een geforceerde ventilatie. Op dit moment trekken we lucht uit het huis weg en de ventilatie blaast die er uit.
Bij Compaktuna hebben ze geen oplossing want de zoutkristallen maken het lastig met de verschillende producten die ze in het gamma hebben. Nu heb ik ook wel gehoorde van epoxycement maar heb hier geen ervaring mee.
We zouden er graag af en toe als werkruimte gebruiken en ook als opslag ruimte. De kinderkamer staat nu vol met dozen. Heeft u een oplossing?
(…)
2.3.
HSD heeft op 16 juni 2023 als volgt per e-mail gereageerd:

(…)
In de bijlage heb ik een lege offerte mee verzonden hoe wij dit kunnen oplossen.
Het injecteren wat er bij staat is optioneel en bedoeld voor de muren erboven te voorkomen dat er vocht naar boven optrekt.
De muren worden verwijderd van oude stuk/verflagen en er komt een 3-laags mortel op. Deze mortel kunnen wij weer stukadoren.
De materialen die ervoor gebruikt worden zijn ademend en zoutopen.
Dat wil zeggen dat de minerale zouten/salpeter wil kan uitkristalliseren, maar dat het niet de materialen ervan af drukt, wat nu waarschijnlijk wel gebeurt.
(…)
2.4.
Op 10 juli 2023 heeft [gedaagde 2] het volgende aan HSD gemaild:

(…) Bedankt. Het geeft veel vertrouwen in wat jullie doen. Ik heb nog een paar vragen als dit goed is.
Dus er is 10jr garantie op vochtproblemen? Heb je daar de voorwaarden van?
De bedoeling is dat het een droge werkruimte. Eigenlijk zoals de projecten op jullie website (van onbruikbare kelder tot werkruimte & waterdichtmaken en renovatie monumentale kelder). Gaat onze kelder er dan zo uitzien als deze foto van jullie website? (…)
2.5.
HSD heeft hierop geantwoord dat de voorwaarden op haar website staan en dat de kelder er gaat uitzien zoals op de foto van de website, maar zonder de afwerking zoals vensterbank/vloer.
2.6.
Ook in augustus en september 2023 hebben HSD en [gedaagde 2] telefonisch en per e-mail contact gehad over welke werkzaamheden plaats zouden vinden. Op 21 september 2023 is de definitieve offerte, op naam van [gedaagde 1] en met een btw-nummer, door HSD klaargemaakt. Op verzoek van [gedaagde 1] en [gedaagde 2] is de offerte op naam van [gedaagde 1] gezet. Die versie van de offerte is ook voor akkoord door [gedaagde 1] ondertekend. In deze offerte staat, voor zover hier van belang:

(…)
Betreft: Vochtbehandeling voor werkruimte
(…)
Naar aanleiding van mijn bezoek en inspectie ter plaatse treft u bijgaand ons voorstel aan betreffende de uit te voeren werkzaamheden.
(…)
Situatie:
Vochtprobleem in de kelder.
(…)
Uitleg en omschrijving van de uit te voeren werkzaamheden:

Schuren muren en-/ of schuren muren en kimnaad:
De te behandelen muren en-/of kimnaad worden geschuurd. Stukwerk, verflagen en dergelijke worden van de muur geschuurd net zoveel als nodig is voor verdere werkzaamheden. De muren worden schoon, vetvrij en draagkrachtig gemaakt. We ruimen al het puin en dergelijke zelf op.

Repareren muren en kimnaad:
De muren worden voordat verdere werkzaamheden uitgevoerd gerepareerd waar nodig.

Ontzouten muren:
(Deze werkzaamheden worden uitgevoerd nadat de muren zijn afgehakt/)
Allereerst krijgen de te behandelen muren in de kelder een anti-zoutbehandeling.
(…)

Injectie scheuren en holle ruimten:
Aanwezige scheuren worden waar nodig geïnjecteerd met een 1K en-/of 2K harsinjectie.
(…)

Afdichting: (muren en kimnaad)
Om de te behandelen muren en kimnaad waterdicht te krijgen beginnen wij met deze te behandelen met een laag Aida Kiesol, Aida Kiesol is een oplosmiddelvrije vloeistof met een zeer hoog gehalte aan kiezelzuurverbindingen. Aida-Kiesol zorgt voor een bijzonder goede dieptewerking bij afdichtingen tegen vocht, water en drukkend water.
Vervolgens zal er een laag gecertificeerde, elastische afdichtingmortel worden opgezet, dit wordt samen met de Aida Kiesol nog 2 keer, nat-in-nat herhaald. Dit zorgt voor volledige waterdichtheid van de muren en de kimnaad.

Stukadoorswerk:
Na enige droging tijd van de muren worden deze gestukadoord met nieuw stukwerk.
De door ons gebruikte stucmortel is speciaal ontwikkeld voor kelder en souterrain ruimten en heeft vochtregulerende eigenschappen. Een niet dampopen verfsysteem mag niet op dit stukwerk aangebracht worden. De garantie vervalt dan.
Alleen een dampopen verfsysteem gebruiken!
(…)
Uit te voeren werkzaamheden/muren en gewelven plafond en kimnaad:
  • Te behandelen van: de muren en de kimnaden zoals ter plaatse besproken;
  • Muren/gewelvenplafond afhakken voor een draagkrachtige ondergrond;
  • De kimnaad schuren;
  • Op de muren en de kimnaad een zoutbehandeling toepassen;
  • De muren en de kimnaad afdichten met ons 3-laags afdichting systeem;
  • Muren na droging weer stukadoren met een saneerputs ,sp level top white 1,5 cm; (…)
  • Gewelven plafond na droging weer stukadoren met een saneerputs; (…)
(…)
Garantie:10 jaar. Alle garanties zijn conform advies, aanvullende en algemene
voorwaarden van HSD. Drie-hoeksgarantie van [naam] is
van toepassing.
(…)
De werkzaamheden kunnen wij u aanbieden voor: € 17.260,- inclusief 21% BTW.
(…)
Op al onze aanbiedingen en de geleverde diensten en producten zijn onze algemene voorwaarden (…) en (…) de hierna volgende aanvullende (garantie)voorwaarden van toepassing.
(…)
2.7.
Anders dan in de offerte op diverse plaatsen staat vermeld, is HSD niet ter plaatse bij [gedaagde 1] en [gedaagde 2] geweest voor een bespreking/inspectie.
2.8.
De algemene voorwaarden van HSD luiden als volgt:

(…)
Artikel 7 Uitvoering Pro overeenkomst
1.
De wederpartij is gehouden ons naast de hiervoor vermelde informatie tijdig alle overige informatie en bescheiden te verschaffen, welke nodig zijn voor de correcte uitvoering van de overeenkomst. Wij zijn slechts gehouden tot een globale toetsing van deze informatie.
(…)
Artikel 8 Levering Pro en oplevering
1.
Wij zullen ons naar beste kunnen inspannen de opdracht met zorg uit te voeren, overeenkomstig de met wederpartij schriftelijk vastgelegde afspraken en procedures. Al onze diensten worden uitgevoerd op basis van een inspanningsverbintenis, tenzij en voor zover wij in de schriftelijke overeenkomst uitdrukkelijk een resultaat hebben toegezegd en het betreffende resultaat tevens met voldoende bepaaldheid is omschreven.
(…)
14.
Een redelijke termijn vóór de dag waarop het werk naar onze mening voltooid zal zijn, nodigen wij de opdrachtgever schriftelijk uit om samen met ons tot oplevering van het werk over te gaan.
14.
Het werk wordt als opgeleverd beschouwd wanneer:
-
wederpartij het werk schriftelijk heeft goedgekeurd;
-
het werk door de wederpartij in gebruik is genomen. Neemt de wederpartij een deel van het werk in gebruik dan wordt dat gedeelte als opgeleverd beschouwd;
-
wij schriftelijk aan wederpartij hebben medegedeeld dat het werk is voltooid en dat de wederpartij niet binnen 14 dagen schriftelijk kenbaar heeft gemaakt of het werk al dan niet is goedgekeurd;
1.
Keurt de wederpartij het werk niet goed dan is hij verplicht dit onder opgaaf van redenen schriftelijk kenbaar te maken aan ons en ons in de gelegenheid te stellen het werk opnieuw op te leveren. De bepalingen van dit artikel zijn dan opnieuw van toepassing.
2.
Na oplevering is het werk voor risico van de wederpartij. Derhalve blijft hij de prijs verschuldigd, (…)
3.
Wij zijn ontslagen van de aansprakelijkheid voor gebreken die wederpartij op het tijdstip van oplevering redelijkerwijs had moeten ontdekken, maar niet heeft gemeld.
(…)
Artikel 10 Betaling Pro
1.
Tenzij schriftelijk anders is overeengekomen, dient betaling te geschieden binnen 14 dagen na factuurdatum op een door ons aan te geven wijze (…).
(…)
5. Onze facturen zijn niet voor verrekening vatbaar.
(...)
Artikel 11 Rente Pro en kosten
Indien betaling niet binnen de bepaalde termijn heeft plaatsgevonden, is de wederpartij van rechtswege in verzuim en vanaf factuurdatum een samengestelde rente van 2% per (gedeelte van een) maand verschuldigd over het (nog) openstaande bedrag. Voor de consument geldt de wettelijke rente. Wij maken dan tevens aanspraak op incassokosten.
Alle te maken gerechtelijke en buitengerechtelijke kosten komen voor rekening van de wederpartij. (…)
De buitengerechtelijke incassokosten worden in rekening gebracht volgens “het Besluit Vergoeding voor Buitengerechtelijke Incassokosten(…)
(…)
Voor een wederpartij die geen consument is, belopen deze incassokosten 15% van de verschuldigde hoofdsom met een minimum van € 500,-.
(…)
Artikel 13 Conformiteit Pro en garantietermijn
(…)
12.
Niet onder de garantie vallen uitdrogen van muren, condensatie en verkleuring van de muren en gebreken aan stucwerk en schilderwerk veroorzaakt door zouten, mineralen, nitraten en sulfaten. De garantie dekt niet het ontstaan van scheuren en/of zettingen van de door HSD behandelde muren of vloeren welke na de werkzaamheden zijn ontstaan en vochtproblemen veroorzaken.
(…)
2.9.
[gedaagde 1] heeft op 4 januari 2024 een aanbetaling van € 7.000,00 gedaan aan HSD.
2.10.
HSD heeft in de periode 22 tot en met 29 januari 2024 werkzaamheden in de kelder van [gedaagde 1] en [gedaagde 2] uitgevoerd.
2.11.
Op 2 februari 2024 heeft HSD aan [gedaagde 1] de factuur voor haar werkzaamheden gestuurd. [gedaagde 1] werd, nadat partijen een correctie op de factuur hadden aangebracht, verzocht € 7.760,33 te betalen. Het bedrag was opgebouwd uit de aanneemsom exclusief btw/btw verlegd van € 14.264,46 en reiskosten van € 495,87 exclusief btw/btw verlegd, minus de aanbetaling van € 7.000,00.
2.12.
Na vragen van [gedaagde 2] , heeft HSD op 14 februari 2024 het volgende antwoord per appbericht gestuurd: “
(…) Aangezien er heel veel neerslag is geweest en we veel vocht in de stenen zit. Droogt het materiaal ook langzamer. Door enorme temperatuurverschillen ontstaat er ook een hoge luchtvochtigheid. Het kan dus langer duren dan normaal. (…)
2.13.
Op 13 maart 2024 heeft [gedaagde 2] bij HSD geklaagd dat het oppervlak van de kelder een hobbelig maanlandschap is, dat de keldermuur achter de stoppenkast/meterkast niet waterdicht is gemaakt en dat hij nog niets heeft vernomen over de driehoeksgarantie.
2.14.
Op 15 maart 2024 heeft hij opnieuw schriftelijk klachten laten weten. Volgens hem zijn muren en kimnaad niet geschuurd, zijn diverse baksteentjes door midden gedrild, is het ontzouten van de muren niet gedaan, zijn niet alle scheuren en holle ruimten geïnjecteerd en is het stukadoorswerk/het uitvlakken niet gebeurd (de SP Top laag is niet 1,5 cm, maar 0,5 cm).
2.15.
De gemachtigde van [gedaagde 1] en [gedaagde 2] heeft HSD op 19 juni 2024 in gebreke gesteld. Ook gaf hij aan dat oplevering nog niet had plaatsgevonden. Verder stelde hij HSD in de gelegenheid om uiterlijk binnen 15 dagen na ontvangst van zijn bericht te laten weten of HSD voornemens was om de geconstateerde gebreken te verhelpen en de overeenkomst alsnog deugdelijk na te komen.
2.16.
HSD heeft op 16 juli 2024 per e-mail het volgende aangegeven: “
(…) Wij zijn welwillend om de kelder te voorzien van een stukwerk die volgens advies van [naam] de 1,5 cm behaald. Ook om het gewelven plafond zo goed als het maar kan met het materiaal net te krijgen. Wel in gedachte dat de saneerpleister van [naam] niet de capaciteiten heeft om dezelfde afwerking te verkrijgen als een gips stucpleister. (…)
2.17.
[gedaagde 1] en [gedaagde 2] hebben op enig moment Humida B.V. (hierna: Humida) ingeschakeld om een technisch advies te geven over de kelderrenovatie. Humida beschrijft in haar rapport van 27 augustus 2024 het volgende:

(…)
- Bij de meting en rondgang hebben we kunnen vaststellen dat de uitgevoerde werken aan de kelder niet geheel zijn uitgevoerd volgens de regels der kunst.
- De relatieve luchtvochtigheid blijft zeer hoog.
- De kelder is niet functioneel bruikbaar als atelier voor een goudsmid.
- De aangebrachte dichtingslagen onthechten.
- De gestalde goederen beschimmelen.
(…)
- In de kelder zit in de achterwand een ventilator permanent te draaien naar buiten. Hierdoor wordt de kelder in een lichte onderdruk geplaatst en het vocht naar buiten geblazen.
- Gelijktijdig staat een radiator loei warm te stralen op een temperatuur van +45,5º C.
- Volgens de klant is dit nodig om de schimmel onder controle te houden. Energetisch is dit echter niet te verantwoorden.
- De klant meet een aanwezige relatieve luchtvochtigheid van 76,5%, ondanks de aanwezigheid van een permanente ventilator en een hete radiator.
- In de kelder meten we doornatte keldermuren. Dit is de hoek rechts achter, met een Gann-waarde van >115, waar > 60 normaal droog is.
- Op meerdere plaatsen zien we vlekken en zouten die doorheen de afwerklagen komen. er zouden volgens de offerte zout bufferende lagen geplaatst zijn.
- De zichtbare vlekken meten doornat, tot Gann >127.
- De muren zijn zeer slordig afgewerkt. Onder en achter de reeds aanwezige toestellen ontbreekt zelfs elke dichtings- of pleisterlaag.
- Ook de dragende kolom meet doornat in het midden van de kelder, tot Gann > 125, waar < 60 normaal droog is.
- Aan de voorzijde zijn de meeste vlekken zichtbaar. Ook verkruimelen de dichtingslagen, dit is duidelijk zichtbaar op de kasten.
- Op deze vlekken worden de hoogste vochtwaarden gemeten, tot Gann > 141.
- De klant heeft in de kelder een emmer staan, als het regent loopt het water in de kelder.
- Op de aansluiting met de liggers loopt regenwater in de kelder als het regent.
- De muur onder de liggers meet doornat aan de straatzijde, tot Gann > 129.
- Infrarood zien we het regenwater via de maaiveldzone in de keldermuren lopen.
(…)
- Bij een eenvoudige controle zien we een volledig onbeschermde oude keldermuur. Het regenwater loopt met andere woorden vrij, langs boven, in de keldermuren. De aannemer heeft geen enkele oorzakelijke verbeteringswerken uitgevoerd.
(…)
- een maaivelddichting ontbreek en de noodzakelijke dampdruk ontluchtingen ontbreken.
(…)
Conclusie:
De metingen en vaststellingen laten duidelijk zien dat de uitgevoerde werken niet overeenstemmen met het beoogde resultaat. De kelder is slordig afgewerkt, het regenwater loopt naar binnen, als men niet overmatig verwarmd en ventileert beschimmeld alles in de kelder.
De beoogde droge functionele werkruimte / goudsmid atelier, wordt in de verste verte niet gehaald.
(…)
2.18.
[gedaagde 1] en [gedaagde 2] hebben ook twee (concurrerende) offertes opgevraagd om inzichtelijk te maken wat het kost als het werk dat Humida adviseert, plaats zal vinden. Het betreft een offerte van Limas@home van 13 september 2024 die bereid is een behandeling van de maaiveldzone te doen en verluchtingen in de kelder te leveren en te plaatsen voor € 9.000,00 exclusief btw en een offerte van Riomax B.V. van 1 november 2024 die bereid is tot “Waterdicht maken van de voorgevel en achterzijde van de keldermuur met reaxyl + boren van verluchtingsgaten” voor € 9.665,43 exclusief btw.
2.19.
Op 7 maart 2025 heeft de gemachtigde van HSD inhoudelijk op het rapport van Humida en de offertes gereageerd en aangegeven dat HSD bereid en in staat is om reële, nog resterende opleveringspunten ter zake wat partijen zijn overeengekomen op te lossen of te compenseren met een verrekenpost (maximaal 10% inhouding).
2.20.
[gedaagde 2] heeft op 11 maart 2025 per e-mail contact gehad met [naam] B.V. (hierna: [naam] ), de fabrikant van waterkerende/waterafdichtende materialen en lagen. [naam] schrijft, voor zover hier van belang:

(…)
Bijgaand vindt u de opbouw van het Kiesol Basic systeem, het systeem dat gebruikt wordt voor het afdichten van keldermuren aan de binnenzijde.
Wanneer het gaat om een voorraadkelder, wordt er gestopt na het aanbrengen van 15-20mm WP Top.
Wanneer het gaat om een leefkelder, wordt de kelder verder afgewerkt volgens onderstaand schema.
Kiesol: Verkiezeling en versteviging van de muur
WP Sulfatex: zoutblokkerende mortel
WP Top: Waterafdichtende laag
Kiesol Basic Systeem (wandafdichting)
• Grondering wand ---> brengKiesol, 1:1 verdund met water aan, droge ondergronden eventueel voornatten.
• Hechtbrug ---> met een blokborstel wordt een laag (3mm)WP Sulfatexaangebracht nat-in-nat binnen de reactietijd van Kiesol.
• Egalisatie (indien nodig) ---> met een spachtelbaar mengsel vanWP DS Levellwordt de wand egaal gemaakt. Er wordt steeds nat-in-nat gewerkt.
• Aanbrengen van de kim ---> gebruik een spachtelbaar mengsel vanWP Top Basic
• Waterafdichtingslaag ---> maak met een spachtelbaar mengsel vanWP Top Basicwordt er, nat-in-nat, een waterafdichtingslaag aangebracht van 15-20 mm.
• Condenserende afwerkingslaag ---> Na 2 tot 7 dagen wordt er de capillair actieve
klimaatregelende StucmortelSP TOP SLaangebracht, 20mm
• De afwerking van de SP TOP SL kan gebeuren metSL Fill Q4. Dit is een fijnpleister die kan verwerkt worden in een laagdikte van 1 tot 5mm.
Tot slot kan de fijnpleister afgewerkt worden metColor SL, een hoogwaardige schimmelwerende binnenmuurverf met hoge dampdoorlaatbaarheid, te verkrijgen in tal van kleuren.
(…)
Op de vraag van [gedaagde 2] of Kiesol grondering, 2 lagen met kwast van WP Sulfatex en 1 laag saneerputs SP Top SL voldoet om de kelder goed waterdicht te maken en vochtigheid tegen te gaan, antwoordde [naam] : “
Nee, dit systeem isgeen[naam] systeem en voldoet niet voor een kelderafdichting. Er is nl geen waterafdichtende laag, SP Top SL is een saneerputz (vochtregulerend en schimmelbestendig maar niet waterafdichtend).
Kiesol: Verkiezeling en versteviging van de muur
WP Sulfatex: zoutblokkerende mortel
WP Top: Waterafdichtende laag
2.21.
De gemachtigde van [gedaagde 1] en [gedaagde 2] heeft op 1 mei 2025, voor zover hier van belang, aan HSD het volgende laten weten:

(…) Vanwege alle tekortkomingen van HSD tot op heden, is bij cliënten ieder vertrouwen weggevallen dat HSD de opdracht – een droge en waterdichte kelder – kan verwezenlijken. (…) Cliënten zien dan ook geen heil in verdere voltooiing en oplevering van het werk door HSD. Om die reden willen zij de rechter verzoeken de overeenkomst te ontbinden (…). Om de kelder uiteindelijk daadwerkelijk alsnog waterdicht en droog te krijgen, werden de daartoe te verrichten werkzaamheden (…) begroot op € 11.292,59 gemiddeld, welk gemiddeld bedrag inmiddels waarschijnlijk achterhaald is.
(…)

3.Het geschil

in conventie
3.1.
HSD vordert bij vonnis, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad, [gedaagde 1] en [gedaagde 2] te veroordelen om tegen kwijting aan HSD € 10.113,35 te betalen, te vermeerderen met contractuele rente daarover vanaf 16 mei 2025 tot aan de dag der algehele voldoening, met veroordeling van [gedaagde 2] in de proceskosten. Tevens verzoekt HSD aan de kantonrechter om een certificaat af te geven conform art. 53 van Pro het Verdrag betreffende de rechterlijke bevoegdheid, de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen in burgerlijke en handelszaken.
3.2.
HSD legt aan de vordering ten grondslag dat zij met [gedaagde 1] en [gedaagde 2] een overeenkomst aanneming van werk is aangegaan, waarbij HSD zich jegens [gedaagde 1] en [gedaagde 2] heeft verbonden om buiten dienstbetrekking een werk van stoffelijke aard tot stand te brengen en op te leveren, tegen een door [gedaagde 1] en [gedaagde 2] te betalen prijs in geld (art. 7:750 BW Pro). HSD heeft het werk aangenomen en opgeleverd, maar [gedaagde 1] en [gedaagde 2] hebben zich niet gehouden aan hun verbintenis tot betaling van de prijs. HSD vordert dus nakoming. [gedaagde 1] en [gedaagde 2] moeten nog € 7.760,33 betalen (€ 14.264,46 + € 495,87 - € 7.000,00). Hiernaast vordert HSD contractuele rente van 12% per jaar. Op grond van art. 11 van Pro haar algemene voorwaarden, mag HSD rente van 2% per maand in rekening brengen, omdat [gedaagde 1] en [gedaagde 2] geen consument zijn en te laat betalen, maar dit percentage (24% per jaar) heeft zij gematigd tot 12% in het kader van de redelijkheid, aldus HSD. Vanaf 16 februari 2024 tot 16 mei 2025 wordt dan uitgekomen op een rentebedrag van € 1.188,97. Tot slot vordert HSD buitengerechtelijke incassokosten, exclusief btw, van € 1.164,05, omdat [gedaagde 1] en [gedaagde 2] , ondanks aanmaning, niet betalen. Het betreft 15% van € 7.760,33. Als de hoofdsom, rente en buitengerechtelijke kosten worden opgeteld, wordt uitgekomen op € 10.113,35. Het verzoek om het certificaat is zodat een executoriale titel verkregen wordt die in België ten uitvoer gelegd kan worden.
3.3.
[gedaagde 1] en [gedaagde 2] voeren verweer. Zij concluderen tot niet-ontvankelijkheid van HSD, dan wel tot afwijzing van de vorderingen van HSD, met uitvoerbaar bij voorraad te verklaren veroordeling van HSD in de kosten van deze procedure.
3.4.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.
in reconventie
3.5.
[gedaagde 1] en [gedaagde 2] vorderen bij vonnis, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad:
primair
te verklaren voor recht dat HSD tekort is geschoten in de nakoming van de op haar rustende verbintenissen, voortvloeiende uit de tussen partijen gesloten overeenkomst;
de tussen partijen gesloten overeenkomst geheel, dan wel partieel te ontbinden, wegens voormelde tekortkomingen;
HSD te veroordelen tot terugbetaling van het bedrag van € 7.000,00, althans een in goede justitie te bepalen bedrag;
subsidiair
te verklaren voor recht dat HSD de op haar rustende waarschuwingsplicht c.q. mededelingsplicht heeft geschonden, althans bij het aangaan van de overeenkomst onjuiste en/of onvolledige inlichtingen heeft verschaft;
de overeenkomst te vernietigen op grond van dwaling ex art. 6:228 BW Pro;
HSD te veroordelen tot terugbetaling van het bedrag van € 7.000,00, althans een in goede justitie te bepalen bedrag;
primair en subsidiair
HSD te veroordelen tot betaling van € 634,00, zijnde het netto bedrag exclusief btw ter zake van het expertiserapport door Humida;
HSD te veroordelen tot betaling aan [gedaagde 1] , zo begrijpt de kantonrechter, van de buitengerechtelijke kosten van € 947,60, zijnde het netto bedrag exclusief btw, nu [gedaagde 1] als btw-ondernemer is gevestigd in [vestigingsplaats] en de btw wordt verlegd overeenkomstig de heffingsregels bij grensoverschrijdende prestaties (art. 12 lid 3 Wet Pro OB; art. 44-196 Richtlijn 2006/112/EG);
met veroordeling van HSD in de proceskosten, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf het moment dat HSD in verzuim is komen te verkeren tot de dag der voldoening.
3.6.
[gedaagde 1] en [gedaagde 2] leggen aan de primaire vordering ten grondslag dat vóór de vastgestelde tijd van oplevering waarschijnlijk is geworden dat het werk niet op tijd of niet behoorlijk zal worden opgeleverd. Daarom wordt gevorderd dat de kantonrechter de overeenkomst geheel of gedeeltelijk ontbindt (art. 7:756 lid 1 BW Pro). Voor het geval de kantonrechter oordeelt dat het werk wel is opgeleverd, wordt gehele of gedeeltelijke ontbinding van de overeenkomst op grond van art. 6:265 BW Pro jo. art. 6:267 lid 2 BW Pro gevorderd. Er is sprake van tekortkoming van HSD in de nakoming van een van haar verbintenissen. De kelder is namelijk niet vochtvrij/waterdicht. Daarom zijn [gedaagde 1] en [gedaagde 2] bevoegd de overeenkomst geheel of gedeeltelijk te ontbinden, aldus [gedaagde 1] en [gedaagde 2] . Zij hebben die ontbinding al op 1 mei 2025 aangekondigd. Omdat wat HSD gedaan heeft geen waarde voor [gedaagde 1] en [gedaagde 2] heeft gehad, vorderen zij hun aanbetaling van € 7.000,00 terug.
3.7.
Aan hun subsidiaire vordering leggen [gedaagde 1] en [gedaagde 2] ten grondslag dat HSD hen, bij het aangaan of uitvoeren van de overeenkomst, niet gewaarschuwd heeft voor onjuistheden in de opdracht (art. 7:754 lid 1 BW Pro). Kennelijk was het voor HSD niet mogelijk de kelder vochtvrij/waterdicht te krijgen en dat had HSD vooraf moeten laten weten. Als HSD [gedaagde 1] en [gedaagde 2] tijdig had ingelicht, was de overeenkomst niet tot stand gekomen onder invloed van dwaling (art. 6:228 lid 1 aanhef Pro en onder b BW). Nu de overeenkomst tot stand is gekomen onder invloed van dwaling en bij een juiste voorstelling van zaken niet zou zijn gesloten, vorderen [gedaagde 1] en [gedaagde 2] vernietiging van de overeenkomst. Vanwege de vernietiging moet de aanbetaling van € 7.000,00 door HSD worden terugbetaald.
3.8.
[gedaagde 1] en [gedaagde 2] vorderen verder dat HSD de kosten van het rapport van Humida vergoedt. Doordat HSD tekortgeschoten is, hebben [gedaagde 1] en [gedaagde 2] deze redelijke kosten gemaakt ter vaststelling van schade en aansprakelijkheid (art. 6:96 lid 2 aanhef Pro en onder b BW). Daarnaast hebben [gedaagde 1] en [gedaagde 2] HSD moeten aanmanen en ook daarvoor kosten gemaakt, die op grond van art. 6:96 lid 2 aanhef Pro en onder c BW voor vergoeding in aanmerking komen.
3.9.
HSD voert verweer. HSD concludeert tot niet-ontvankelijkheid van [gedaagde 2] , dan wel tot afwijzing van de vorderingen van [gedaagde 2] , met uitvoerbaar bij voorraad te verklaren veroordeling van [gedaagde 2] in de kosten van deze procedure. Voor het geval de kantonrechter tot ontbinding of vernietiging zou overgaan, verzoekt HSD de waardevergoeding voor de door HSD verrichte werkzaamheden vast te stellen op een in goede justitie te bepalen bedrag, doch minimaal op het bedrag van de offerte.
3.10.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.

4.De beoordeling in conventie en reconventie

4.1.
Omdat de vorderingen in conventie en in reconventie nauw met elkaar samenhangen, bespreekt de kantonrechter deze gezamenlijk.
Bevoegde rechter en toepasselijk recht
4.2.
Aangezien [gedaagde 1] en [gedaagde 2] hun woonplaats in het buitenland hebben ( [land] ), moet ambtshalve beoordeeld worden of de Nederlandse rechter rechtsmacht heeft en welk recht op het voorliggende geschil van toepassing is.
4.3.
[land] is lidstaat van de Europese Unie. Op grond van de EEX Verordening (EU) nr. 1215/2012 worden gedaagde partijen in beginsel opgeroepen voor een gerecht van de lidstaat waarin zij wonen. Onder omstandigheden kunnen zij voor een ander gerecht worden opgeroepen. In dit geval is in de algemene voorwaarden van HSD opgenomen dat geschillen worden beslecht door de bevoegde burgerlijke rechter binnen wiens ambtsgebied de vestigingsplaats van HSD is gelegen (met andere woorden: de woonplaats van de eisende partij). [gedaagde 1] en [gedaagde 2] hebben daarnaast, in deze procedure, ook expliciet ervoor gekozen om het geschil voor te leggen aan de Rechtbank Gelderland, team kanton en handelsrecht, zittingsplaats Arnhem. Daarom is de kantonrechter bevoegd van de conventionele en reconventionele vorderingen kennis te nemen.
4.4.
Partijen hebben ook een rechtskeuze gedaan. In de algemene voorwaarden van HSD is opgenomen dat op al haar aanbiedingen, overeenkomsten en de uitvoering daarvan uitsluitend Nederlands recht van toepassing is. Daarnaast hebben [gedaagde 1] en [gedaagde 2] , in deze procedure, ook expliciet een rechtskeuze gemaakt voor Nederlands recht. Daarom is in dit geval Nederlands recht van toepassing.
Inhoud overeenkomst
4.5.
Een van de vragen die partijen verdeeld houdt betreft de inhoud van de overeenkomst die partijen met elkaar zijn aangegaan. Volgens HSD bestaat de overeenkomst uit hetgeen in de ondertekende offerte van 21 september 2023 is opgenomen, inclusief algemene voorwaarden en aanvullende (garantie) voorwaarden. Volgens [gedaagde 1] en [gedaagde 2] moet, naast deze stukken, ook gekeken worden naar toezeggingen die vóór de totstandkoming van de overeenkomst door HSD zijn gedaan. Die maken namelijk, op grond van het Haviltex-criterium, deel uit van de overeenkomst. Zo is onder meer “een droge kelderruimte” volgens [gedaagde 1] en [gedaagde 2] afgesproken.
4.6.
De kantonrechter is met [gedaagde 1] en [gedaagde 2] van oordeel dat het Haviltex-criterium een rol speelt bij de uitleg van een overeenkomst. Bij uitleg van een bepaling komt het niet alleen aan op de bewoordingen van die bepaling, maar ook op de zin die partijen in de gegeven omstandigheden over en weer redelijkerwijs aan de bepaling van de overeenkomst mochten toekennen en op hetgeen zij te dien aanzien redelijkerwijs van elkaar mochten verwachten. Echter, in dit concrete geval is de offerte conform hetgeen partijen ook vooraf met elkaar hebben besproken. Nu er geen verschil is tussen wat vooraf is afgesproken en wat in de offerte is vastgelegd, komt het ook niet aan op uitleg. De kantonrechter licht dit hierna toe.
4.7.
Voordat de overeenkomst aanneming van werk tot stand kwam, hebben partijen diverse telefoongesprekken gevoerd en e-mails geschreven. [gedaagde 2] heeft in eerste instantie, op 15 juni 2023, aangegeven last te hebben van vochtigheid in de kelder en zelf al een betonvloer te hebben gelegd. Verder heeft hij toen beschreven dat hij (en [gedaagde 1] ) de kelder als werkruimte en opslagruimte wil(len) gaan gebruiken. Daar heeft HSD op 16 juni 2023 op gereageerd door een lege offerte te sturen. Op 10 juli 2023 heeft [gedaagde 2] zijn vertrouwen in HSD uitgesproken en heeft hij navraag gedaan over garantie bij eventuele toekomstige vochtproblemen. Hij wilde een droge /waterdichte werkruimte, zo schrijft hij. De uiteindelijke, definitieve, afspraken zijn daarna vastgelegd in de offerte van 21 september 2023. Daarin is opgenomen dat een vochtbehandeling plaatsvindt voor een werkruimte, omdat er een vochtprobleem is in de kelder. Daarnaast staat op diverse plekken in de offerte dat muren en kimnaad waterdicht worden gemaakt. De opdracht van [gedaagde 1] , die als contractspartij heeft te gelden, aan HSD was dus het oplossen van vochtproblemen in de kelder, door het waterdicht maken van muren en kimnaad. Dat [gedaagde 2] op 10 juli 2023 gevraagd heeft naar een foto op de website van HSD maakt dit niet anders. HSD heeft namelijk aangegeven dat de afwerking van de kelder niet zal zijn zoals op die foto is waar te nemen.
4.8.
Gelet op de vorderingen die zijn ingesteld overweegt de kantonrechter verder als volgt. De overeenkomst is gesloten tussen [gedaagde 1] en HSD. Enkel zij hebben dan ook te gelden als contractspartij. Dat [gedaagde 2] de feitelijke gesprekspartner was van HSD maakt dit niet anders. Dit betekent dat de vorderingen, die hun grondslag vinden in de overeenkomst, enkel kunnen worden ingesteld jegens [gedaagde 1] en dat enkel [gedaagde 1] zodanige vorderingen kan instellen jegens HSD. Met inachtneming hiervan zal de kantonrechter hierna de vorderingen bespreken.
Nakoming van de overeenkomst aanneming van werk
4.9.
De vervolgvraag die dan beantwoording behoeft, is of HSD de aan haar gegeven opdracht heeft uitgevoerd. Dat is namelijk van belang voor de conventionele vorderingen. HSD heeft, kort gezegd, recht op (volledige) betaling als zij de opdracht heeft uitgevoerd. Volgens HSD zijn muren geschuurd, gerepareerd, ontzout, zijn scheuren geïnjecteerd, zijn muren en kimnaad afgedicht en is er stukadoorswerk uitgevoerd. [gedaagde 1] en [gedaagde 2] hebben diverse van deze punten betwist.
4.10.
Voor zover de klachten van [gedaagde 1] en [gedaagde 2] na oplevering hebben plaatsgevonden, geldt dat, indien die klachten terecht zijn en een gebrek opleveren, dat er niet aan in de weg staat dat [gedaagde 1] de factuur van HSD moet betalen. Het werk is in dat geval door HSD verricht en [gedaagde 1] moet dan haar deel van de overeenkomst (betalen) ook nakomen. Als de klachten na oplevering hebben plaatsgevonden, komen ze bij de behandeling van de reconventionele vordering aan de orde. Daarom zal nu eerst worden bekeken of en zo ja wanneer oplevering heeft plaatsgevonden.
4.11.
Volgens HSD was de oplevering op 29 januari 2024. Op die datum hebben de medewerkers van HSD voor het laatst bij [gedaagde 1] en [gedaagde 2] gewerkt. Daarna is de kelder door [gedaagde 1] en [gedaagde 2] in gebruik genomen. De (eind)factuur werd toen verschuldigd en die is vervolgens op 2 februari 2024 ook verstuurd, aldus HSD. Volgens art. 10 van Pro de algemene voorwaarden moet betaling binnen 14 dagen na factuurdatum plaatsvinden en is verrekening niet mogelijk. [gedaagde 1] en [gedaagde 2] betwisten dat oplevering heeft plaatsgevonden. Naar het oordeel van de kantonrechter heeft wel oplevering van de door HSD uitgevoerde werkzaamheden plaatsgevonden. Dat licht de kantonrechter als volgt toe.
4.12.
Volgens art. 8 lid 14 van Pro de algemene voorwaarden van HSD wordt een opdrachtgever schriftelijk uitgenodigd om, een redelijke termijn vóór de dag waarop het werk volgens HSD is voltooid, samen met HSD tot oplevering over te gaan. Vast staat dat dit niet gebeurd is. Volgens art. 8 lid 15 wordt Pro het werk als opgeleverd beschouwd wanneer het werk door de opdrachtgever in gebruik is genomen en wanneer de opdrachtgever, nadat HSD schriftelijk heeft aangegeven dat het werk is voltooid, niet binnen 14 dagen schriftelijk kenbaar maakt of het werk al dan niet is goedgekeurd. Dat is wel gebeurd. Volgens HSD was het werk voltooid. Dat bleek uit het vertrek van haar medewerkers op 29 januari 2024, het sturen van de (eind)factuur en uit het appbericht van HSD van 14 februari 2024, dat net als de (eind)factuur als schriftelijke berichtgeving kan gelden. Uit het appbericht blijkt dat het werk is afgerond, maar er (enkel) nog droogtijd geldt. De schriftelijke klachten van [gedaagde 2] komen vervolgens op 13 maart 2024. Dat is langer dan 14 dagen na 14 februari 2024. De kantonrechter oordeelt daarom dat op 28 februari 2024 (14 dagen na 14 februari 2024) is opgeleverd.
4.13.
Ook als gekeken wordt naar het bepaalde in art. 7:758 lid 1 BW Pro (dat zou gelden als geen algemene voorwaarden waren overeengekomen), geldt dat is opgeleverd. In dit artikel staat namelijk dat als een aannemer te kennen heeft gegeven dat het werk klaar is om te worden opgeleverd en de opdrachtgever het werk niet binnen een redelijke termijn keurt en al dan niet onder voorbehoud aanvaardt dan wel onder aanwijzing van de gebreken weigert, de opdrachtgever geacht wordt het werk stilzwijgend te hebben aanvaard. Na de aanvaarding wordt het werk als opgeleverd beschouwd. De stilzwijgende aanvaarding door [gedaagde 2] blijkt uit de omstandigheid dat [gedaagde 2] na het vertrek van de medewerkers, de verzending van de (eind)factuur en het appbericht van HSD niet binnen een redelijke termijn heeft gekeurd, aanvaard of geweigerd. In dit geval ziet de kantonrechter 14 dagen als redelijke termijn voor keuring, aanvaarding of weigering, omdat [gedaagde 2] zelf vragen had gesteld aan HSD en het voor de hand had gelegen dat hij, als het antwoord van HSD op zijn vragen naar zijn mening niet bevredigend was, dat kort na 14 februari 2024 had aangegeven bij HSD en/of dat hij op dat moment had gemeld dat hij het werk onder voorbehoud zou aanvaarden dan wel onder aanwijzing van de gebreken het werk zou weigeren.
4.14.
[gedaagde 1] en [gedaagde 2] hebben nog gesteld dat art. 10 van Pro de algemene voorwaarden van HSD onredelijk bezwarend is voor [gedaagde 1] en dus vernietigbaar. Ze hebben die vernietiging ook ingeroepen (art. 6:233 aanhef Pro en onder a BW). Voor zover [gedaagde 1] niet als consument aangemerkt kan worden, beroept ze zich op reflexwerking. Zij moet in dat geval dezelfde rechten/bescherming krijgen als consumenten, omdat ze een kleine onderneming is. [gedaagde 1] heeft namelijk een eenmanszaak.
4.15.
Vast staat dat de overeenkomst aanneming van werk gesloten is tussen een gebruiker van algemene voorwaarden (HSD) en een wederpartij die een natuurlijk persoon is ( [gedaagde 1] ). Of [gedaagde 1] de overeenkomst wel of niet in het kader van haar beroep of bedrijf (de eenmanszaak) heeft gesloten, doet in dit geval niet ter zake, omdat in beide gevallen de kantonrechter van oordeel is dat artikel 10 van Pro de algemene voorwaarden geen onredelijk bezwarend beding is. Het beding geeft een betalingstermijn van 14 dagen en sluit verrekening uit. Een betalingstermijn van 14 dagen is niet ongebruikelijk. Een beding dat de bevoegdheid tot verrekening uitsluit of beperkt staat op de grijze lijst (art. 6:237 aanhef Pro en onder g BW). Dat betekent dat zo’n beding, kort gezegd, (bij een consument of bij een eenmanszaak als reflexwerking wordt aangenomen) niet per definitie onredelijk bezwarend is. In dit geval is het beding naar het oordeel van de kantonrechter in ieder geval niet onredelijk bezwarend. Dat komt omdat [gedaagde 1] zelf, net als HSD, ondernemer is. De uitsluiting van een verrekeningsbevoegdheid is in zakelijke transacties niet ongebruikelijk, zodat ze daarop bedacht had kunnen zijn. Daar komt bij dat [gedaagde 1] zelf expliciet aan HSD heeft verzocht om de offerte op haar naam te zetten, met het btw-nummer van de onderneming van [gedaagde 1] erbij, om btw te besparen. Zij kan dan niet van twee tegenstrijdige zaken tegelijk profiteren. Het btw-voordeel betekent in dit geval het opgeven van haar consumentenbescherming ten aanzien van dit artikel van de algemene voorwaarden.
4.16.
Uit het voorgaande volgt dat [gedaagde 1] de factuur moet betalen, omdat de genoemde klachten na oplevering hebben plaatsgevonden. Betaling had uiterlijk op 16 februari 2024 gemoeten. Dat de factuur later (iets) gecorrigeerd is, maakt dit niet anders. Dit betekent enkel dat [gedaagde 1] een iets lager bedrag dan in eerste instantie gefactureerd was verschuldigd is. Enkel dat lagere bedrag wordt nu door HSD gevorderd en had [gedaagde 1] al eerder kunnen betalen. Voor zover [gedaagde 1] haar betalingsverplichting heeft opgeschort (met andere woorden: heeft uitgesteld in afwachting van mogelijke ontbinding of verrekening), omdat er naar de mening van [gedaagde 1] en [gedaagde 2] sprake was van ondeugdelijk/onnodig werk en/of gebreken, geldt dat opschorting haar niet bevrijdt van haar betalingsverplichting. Een ontbinding wel, maar ontbinding kan niet plaatsvinden als sprake is van schuldeisersverzuim (art. 6:266 BW Pro). En [gedaagde 1] is in verzuim vanaf 16 februari 2024.
4.17.
[gedaagde 1] en [gedaagde 2] hebben nog gesteld dat zij mogelijk baat hadden bij een ander systeem dan het “ [naam] -systeem” en/of dat een andere oplossing (beter) bij hun wensen had gepast en dat ze daarom de factuur van HSD niet hoeven te betalen. Deze redenering van [gedaagde 1] en [gedaagde 2] is niet juist. In het navolgende zal hier nog verder op in worden gegaan. In ieder geval geldt dat HSD weliswaar aan [gedaagde 1] en [gedaagde 2] op 16 juni 2023 een lege offerte had gestuurd en op die wijze met het idee kwam om met een “ [naam] -systeem” te werken, maar uiteindelijk is, vanwege overeenstemming tussen HSD en [gedaagde 1] en [gedaagde 2] het 3-laags afdichtingssysteem van [naam] in de offerte opgenomen. [gedaagde 2] heeft, nadat HSD het [naam] -systeem had genoemd, zelf contact opgenomen met [naam] en heeft de offerte zo, met hulp van [naam] en HSD, nader vorm gegeven.
4.18.
De in conventie gevorderde hoofdsom van € 7.760,33 kan daarom in beginsel worden toegewezen. De betalingsverplichting rust, anders dan door HSD betoogd, enkel op [gedaagde 1] . Zij is immers de contractpartij van HSD. In zoverre zullen de vorderingen jegens [gedaagde 2] worden afgewezen.
Gebreken na oplevering
4.19.
Zoals hierboven al aan de orde kwam, betreffen de klachten van [gedaagde 1] en [gedaagde 2] , indien ze terecht zijn, gebreken na oplevering. Artikel 7:759 BW Pro is daarop van toepassing. [gedaagde 1] en [gedaagde 2] hebben echter geen schadevergoeding gevorderd, maar ontbinding op grond van art. 7:265 BW Pro jo. art.7:267 BW Pro.
4.20.
De kantonrechter begrijpt de stelling van [gedaagde 1] en [gedaagde 2] zo dat er (inmiddels) water de kelder inloopt als het regent. Het water komt via het maaiveld. Volgens [gedaagde 1] en [gedaagde 2] is dit probleem ofwel veroorzaakt door HSD, óf dit probleem was in eerste instantie ook de reden waarom de kelder vochtig/niet waterdicht was, en HSD was nu juist ingeschakeld om dit probleem te verhelpen.
4.21.
Hoewel de kantonrechter de redenering van [gedaagde 1] en [gedaagde 2] begrijpt, vindt deze geen steun in het dossier. Allereerst geldt dat de opdracht die door [gedaagde 2] aan HSD is gegeven in 2023, te maken had met werkzaamheden aan de muren en kimnaad. Op geen enkel moment is door [gedaagde 2] aangegeven dat er (regen)water van buiten langs de keldermuren kwam en dat hij daar een oplossing voor zocht. Zo is het ook niet in de uiteindelijke offerte verwoord. Zie wat hierboven over de inhoud van de overeenkomst geoordeeld is. [gedaagde 2] heeft ook erkend dat de plassen in de kelder pas kwamen, nadat HSD haar werkzaamheden op grond van de overeenkomst had uitgevoerd. Ten tweede geldt dat ook het rapport van Humida niet aangeeft dat de werkzaamheden van HSD het inlopende water hebben veroorzaakt. De oorzaak voor het inlopende water wordt niet specifiek aangegeven, maar wel blijkt dat het water van boven komt en niet door de muren heen (die HSD behandeld heeft). Het verwijt dat Humida aan HSD maakt is dat HSD een droge functionele werkruimte/goudsmid atelier zou hebben gegarandeerd, maar dat is niet de opdracht die HSD van [gedaagde 1] heeft gekregen. Die opdracht was namelijk (enkel) het waterdicht maken van muren en kimnaad om zo vochtproblemen op te lossen. [gedaagde 2] heeft ter zitting ook erkend dat het vochtprobleem, naar zijn mening, geen simpele oplossing kende. Hij had namelijk in eerste instantie een betonvloer geplaatst om grondwater tegen te gaan, maar er bleek daar geen grondwater te zijn. Dat bleek dus niet het probleem. Daarna heeft hij HSD benaderd die muren en kimnaad heeft behandeld. Nu blijkt dat dat mogelijk ook niet het probleem was. Dat (in derde instantie) dus op dit moment werkzaamheden aan het maaiveld nodig zijn, is voor [gedaagde 1] en [gedaagde 2] een (flinke) tegenvaller, maar maakt niet dat HSD tekort is geschoten in de nakoming van de op haar rustende verbintenissen. Ontbinding van de overeenkomst op deze grond zal dus niet plaatsvinden. De door [gedaagde 1] en [gedaagde 2] overgelegde offertes van Limas@home en Riomax B.V. zien op werkzaamheden die Humida adviseert, maar die niet in de opdracht van [gedaagde 1] aan HSD zaten.
4.22.
Een andere klacht van [gedaagde 1] en [gedaagde 2] is dat er geen waterafdichtende laag door HSD is aangebracht. Volgens HSD is dat wel gebeurd en betreft het WP Sulfatex. Volgens [gedaagde 1] en [gedaagde 2] had iets anders dan WP Sulfatex gebruikt moeten worden voor waterafdichting. Ze verwijzen daarvoor naar de uitleg van [naam] van 11 maart 2025. Hoe dit ook zij, in de offerte staat dat door HSD een 3-laags afdichting systeem wordt aangebracht en partijen zijn het erover eens dat WP Sulfatex daar onderdeel van uitmaakt. Verder geldt dat HSD een driehoeksgarantie verstrekt (waarbij ook [naam] betrokken is), zodra [gedaagde 1] betaalt. In die zin kan [gedaagde 1] dus, indien de waterafdichtende laag ontbreekt en dat de oorzaak is van het (aanhoudende) vochtprobleem in de kelder, HSD daar te zijner tijd op aanspreken. Aangezien echter de discussie nu al tussen partijen loopt en er met betrekking tot de werkzaamheden van HSD ook een discussie loopt tussen partijen omtrent het “verkruimelen van dichtingslagen” is de kantonrechter voornemens in deze procedure een deskundige te benoemen. Zo wordt voorkomen dat nieuwe procedures tussen partijen gevoerd moeten worden. Voor het “verkruimelen van dichtingslagen” geldt dat Humida dit in haar rapport op drie plaatsen benoemd. Humida geeft aan dat aangebrachte dichtingslagen onthechten/verkruimelen, dat op meerdere plaatsen vlekken en zouten door de afwerklagen komen en er zout bufferende lagen geplaatst zouden zijn (uit het woord “zouden” leidt de kantonrechter af dat Humida daaraan twijfelt). HSD heeft betwist dat de dichtingslagen verkruimelen. Volgens haar is sprake van zoutuittreding en dit is expliciet uitgesloten van garantie op grond van art. 13 lid 12 van Pro de algemene voorwaarden. Nu onduidelijk is of sprake is van zouten of onthechting van dichtingslagen, zal de deskundige gevraagd worden daar uitsluitsel over te geven.
4.23.
[gedaagde 1] en [gedaagde 2] hebben ook geklaagd over een “hobbelig maanlandschap”. Partijen zijn het erover eens dat de stuclaag die door HSD is aangebracht niet de juiste dikte heeft en/of niet op de juiste wijze is aangebracht, zodat geen gladde afwerking is ontstaan. Door [gedaagde 2] is dit een hobbelig maanlandschap genoemd. HSD heeft op 16 juli 2024 per e-mail aangegeven, en dit ook ter zitting bevestigd, bereid te zijn een betere/juiste stuclaag aan te brengen. Dit is daarmee het enige onderdeel van de overeenkomst, waarvan op dit moment vaststaat dat dat gebrekkig door HSD is uitgevoerd. Hiervoor geldt echter dat [gedaagde 1] en [gedaagde 2] verhinderen dat HSD dit gebrek wegneemt. Zij wensen namelijk niet dat HSD tot herstel overgaat. Omdat het zo kan zijn dat de te benoemen deskundige bij/aan de muren onderzoek moet verrichten en het daarom mogelijk geen zin heeft om de stuclaag op korte termijn te (laten) herstellen (door HSD of een derde), zal de kantonrechter over dit punt pas verder oordelen, nadat de deskundige zijn of haar rapport heeft opgeleverd.
4.24.
Voor de klacht van [gedaagde 1] en [gedaagde 2] over de stoppenkast/meterkast geldt dat in de offerte geen verplichting van HSD is opgenomen die ziet op werkzaamheden met betrekking tot de meterkast. Verder geldt dat, zo hier al sprake zou zijn van een gebrek/tekortkoming, deze gezien haar geringe betekenis, de ontbinding met haar gevolgen niet rechtvaardigt.
4.25.
De kantonrechter hecht er nog aan te benadrukken dat de betalingsverplichting van [gedaagde 1] , met dit vonnis, voor het grootste deel is komen vast te staan. Op dit moment is nog niet duidelijk of (gedeeltelijke) ontbinding van de overeenkomst aanneming van werk ook aan de orde zal zijn; daarvoor is inschakeling van de deskundige nodig. Echter, gezien art. 6:266 lid 1 BW Pro, kan geen ontbinding worden gegrond op een tekortkoming in de nakoming van een verbintenis ten aanzien waarvan de schuldeiser zelf in verzuim is en [gedaagde 1] is op dit moment in verzuim met haar verbintenis tot betaling van de geldsom en de verbintenis tot het toelaten van HSD tot herstel van de stuclaag. Over de stuclaag is het al hierboven gegaan en de kantonrechter is van oordeel dat dat (voorlopig) niet in de weg staat aan benoeming van de deskundige, maar [gedaagde 1] zal wel moeten overgaan tot betaling van het grootste deel van de factuur van HSD. In haar reactie van 7 maart 2025 heeft HSD aangegeven dat het inhouden van een percentage van hooguit 10% naar haar mening redelijk zou kunnen zijn. Dat komt neer op een bedrag van € 776,03. De kantonrechter geeft [gedaagde 1] daarom mee een bedrag van (€ 7.760,33 - € 776,03=) € 6.984,30 alvast aan HSD te betalen. Anders heeft benoeming van de deskundige geen toegevoegde waarde, omdat in dat geval geen ontbinding kan worden uitgesproken op de eventuele gebreken die de deskundige vaststelt.
Schending waarschuwingsplicht/mededelingsplicht/dwaling
4.26.
Er bestaat onduidelijkheid over toewijzing van de primaire reconventionele vordering van [gedaagde 1] en [gedaagde 2] . Daarom wordt de deskundige ingeschakeld. In het kader van mogelijke schikkingsonderhandelingen tussen partijen zal de kantonrechter toch alvast oordelen over de subsidiaire reconventionele vordering. Deze zal worden afgewezen. Zoals in dit vonnis herhaaldelijk is benoemd, zag de opdracht die [gedaagde 1] aan HSD heeft gegeven op het oplossen van vochtproblemen in de kelder, door het waterdicht maken van muren en kimnaad. Het betroffen dus werkzaamheden die binnen in de kelder plaatsvonden en niet buiten (niet het voorkomen dat water via het maaiveld naar binnen loopt). Ook is al vastgesteld dat het probleem van inlopend water zich pas voordeed, nadat de werkzaamheden van HSD hadden plaatsgevonden. Dat betekent dat HSD geen waarschuwingsplicht en/of mededelingsplicht heeft geschonden door enkel in de kelder werkzaamheden uit te voeren en niet daarbuiten. Er is geen sprake van dat HSD onjuistheden in de opdracht kende en/of behoorde te kennen. Het kan zo zijn dat [gedaagde 1] (toch) heeft gedwaald, maar deze dwaling is niet het gevolg van zwijgen van HSD (art. 6:228 aanhef Pro en onder b BW).
Deskundige
4.27.
De kantonrechter heeft tijdens de mondelinge behandeling al aangegeven te overwegen om in reconventie een onderzoek door een deskundige/deskundigen in te laten stellen. Het rapport van Humida is namelijk gemotiveerd weersproken door HSD en gaat bovendien uit van de veronderstelling dat de kelder “waterdicht moet worden gemaakt” door HSD en functioneel bruikbaar moest zijn als atelier voor een goudsmid. Dat is echter niet de opdracht die aan HSD is gegeven. De opdracht was het oplossen van vochtproblemen in de kelder, door het waterdicht maken van muren en kimnaad. Daarom is het rapport niet voldoende bruikbaar in deze procedure.
4.28.
Zijn voornemen om een deskundige te benoemen, zal de kantonrechter daarom uitvoeren. Voordat daartoe wordt overgegaan, zal de kantonrechter partijen in de gelegenheid stellen zich uit te laten over:
- het aantal en het specialisme van de te benoemen deskundige(n);
- de aan de deskundige(n) voor te leggen vragen.
4.29.
De kantonrechter is voorlopig van oordeel dat kan worden volstaan met de benoeming van één deskundige op het gebied van het afdichten van muren, zodat er geen water doorheen komt, en dat de volgende vragen moeten worden gesteld:
Is het 3-laags afdichtingssysteem, zoals geoffreerd door HSD, aangebracht in de kelder van [gedaagde 1] en [gedaagde 2] ?
Als het antwoord op vraag 1 “nee” is: wat is wel door HSD aangebracht en wat zou nog moeten plaatsvinden om het 3-laags afdichtingssysteem volledig te krijgen?
Als het antwoord op vraag 1 “ja” is: is dit aangebrachte 3-laags afdichtingssysteem voldoende voor het waterdicht maken van muren en kimnaad?
Is sprake van verkruimeling/onthechting van de door HSD aangebrachte dichtingslagen óf is er sprake van gebreken aan stucwerk en schilderwerk veroorzaakt door zouten, mineralen, nitraten en sulfaten?
Zijn er nog andere punten die u naar voren wilt brengen, waarvan de rechter volgens u kennis moet nemen bij de verdere beoordeling?
4.30.
De kantonrechter ziet geen aanleiding om af te wijken van het uitgangspunt in de wet dat het voorschot op de kosten van de deskundige(n) door de eisende partij in reconventie moet worden betaald. Dit voorschot moet daarom door [gedaagde 1] worden betaald, aangezien zij als contractspartij heeft te gelden.
4.31.
In het eindvonnis zal de kantonrechter beslissen wie van partijen uiteindelijk de kosten van de deskundige moet betalen.
4.32.
De kantonrechter gaat ervan uit dat partijen in onderling overleg overeenstemming bereiken over de persoon die als deskundige gaat optreden. Voor zover partijen daarover geen overeenstemming kunnen bereiken en om die reden iedere partij een deskundige voorstelt, moeten partijen gemotiveerd aangeven waarom zij de voorkeur geven aan de door henzelf voorgestelde deskundige en waarom de door de wederpartij voorgestelde deskundige niet voor benoeming in aanmerking mag komen. Daarbij valt te denken aan zwaarwegende redenen als gebrek aan deskundigheid of gerechtvaardigde twijfels met betrekking tot de onpartijdigheid van de deskundige. Die zwaarwegende redenen moeten worden onderbouwd. De kantonrechter zal dan, na weging van de onderbouwing vóór en tegen de benoeming van een potentiële deskundige, een door partijen aangedragen deskundige of een eigen deskundige benoemen. [gedaagde 1] en [gedaagde 2] hebben al twee deskundigen voorgedragen, te weten de heer ing. [deskundige 1] en de heer [deskundige 2] , dus het lijkt efficiënt als HSD zich in ieder geval ook daarover uitlaat.
4.33.
De kantonrechter zal de zaak naar de rol verwijzen, zodat partijen zich hierover bij akte kunnen uitlaten. Partijen moeten de concept-akte uiterlijk een week vóór de roldatum naar elkaar toesturen, zodat zij in hun definitieve akte op de akte van de wederpartij kunnen reageren.
4.34.
Iedere verdere beslissing in conventie en in reconventie wordt aangehouden.

5.De beslissing

De kantonrechter
in conventie
5.1.
houdt iedere beslissing aan,
in reconventie
5.2.
bepaalt dat de zaak weer op de rol zal komen van
woensdag 20 mei 2026om beide partijen in de gelegenheid te stellen een akte in te dienen waarin zij zich uitlaten over het aangekondigde deskundigenbericht,
5.3.
bepaalt dat partijen elkaar uiterlijk een week vóór de genoemde roldatum de concept-akte moeten toesturen, zodat zij ieder in hun eigen akte nog kunnen reageren op de standpunten van de wederpartij,
5.4.
houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit vonnis is gewezen door mr. M.D.R. Joppe en in het openbaar uitgesproken op 22 april 2026.
40141 / 51588