Uitspraak
1.De procedure
2.De feiten
Op 30 september 2024 omstreeks 19:10 uur hebben wij bij u thuis aan [adres] in [woonplaats] een gesprek gevoerd in verband met meldingen vermoeden woonfraude.
3.Het geschil
4.De beoordeling
de plaats waar men het overgrote deel van zijn leven doorbrengt”, “
de plaats waar met gewoonlijk eet, slaapt en verblijft”, dan wel “
de plaats waar iemand niet vandaan gaat dan met een bepaald doel en met het plan om als dat doel bereikt is terug te komen”.