Uitspraak
1.Het verloop van de procedure
- het verzoekschrift van de vrouw, ingekomen op 24 oktober 2024;
- het exploot van betekening van 6 en 8 november 2024;
- het verweerschrift van de man met zelfstandig verzoek, ingekomen op 15 januari 2025;
- het F9-formulier van de vrouw met een door partijen ondertekend ouderschapsplan, ingekomen op 23 januari 2025;
- het verweerschrift van de vrouw op zelfstandig verzoeken met aanvullende verzoeken, ingekomen op 11 maart 2025;
- het F9-formulier van de man met uitlating IPR, ingekomen op 16 april 2025;
- het F9-formulier van de vrouw met uitlating IPR, ingekomen op 17 april 2025;
- het F9-formulier van de man met een concretisering van het petitum, ingekomen op 11 juli 2025;
- het F9-formulier van de vrouw met aanvullende/gewijzigde verzoeken, ingekomen op 19 november 2025;
- het verweerschrift van de man op aanvullende verzoeken met zelfstandige aanvullende verzoeken, ingekomen op 25 november 2025;
- het F9-formulier van de vrouw met aanvullend verzoek en productie, ingekomen op 19 februari 2026;
- het F9-formulier van de man met producties en toelichting, ingekomen op 25 februari 2026.
2.De feiten
- [kind 1], geboren op [geboortedatum] in [geboorteplaats] ;
- [kind 2], geboren op [geboortedatum] in [geboorteplaats] .
3.De beoordeling
overige materiële vaste activa (inventaris en auto’s)’ opgenomen. De vrouw heeft ter zitting nog aangevoerd dat de auto’s voor een te lage waarde op de balans staan, maar zij heeft dit niet nader onderbouwd. De rechtbank beschikt over te weinig informatie om vast te stellen of de auto’s te laag zijn gewaardeerd op de balans en ziet dan ook geen aanleiding om af te wijken van de balanswaarde. Omdat de waarde van de auto’s al is betrokken bij de waardering van de onderneming, wijst de rechtbank het verzoek van de vrouw af.
4.De beslissing
- de man dient binnen vier maanden na de datum van deze beschikking aan de vrouw aan te tonen dat hij de woning voor een bedrag van € 425.000 kan overnemen, met ontslag van de vrouw uit de hoofdelijke aansprakelijkheid van de aan de woning gekoppelde hypothecaire geldlening;
- indien de man de woning kan overnemen onder voornoemde voorwaarde dient de levering van de woning aan de vrouw plaats te vinden binnen één maand, nadat de man binnen de hiervoor genoemde termijn van vier maanden aan de vrouw heeft aangetoond dat hij de woning kan overnemen;
- de over- dan wel onderwaarde wordt tussen partijen bij helfte gedeeld dan wel gedragen;
- de kosten van de taxatie van de woning worden bij helfte gedeeld en de kosten van de notariële overdracht worden bij helfte gedeeld;
- partijen verlenen elkaar over en weer op eerste verzoek van de ander hun medewerking aan de notariële overdracht van de woning;
- indien de man de woning niet kan overnemen onder bovengenoemde voorwaarden, dan wordt de woning verkocht en geleverd aan een derde op de volgende wijze en onder de volgende voorwaarden:
- de activa en passiva van de eenmanszaak met de handelsnaam [bedrijfsnaam] ;
- de helft van de inboedelgoederen van partijen;
- de bankrekening bij de ABN AMRO Bank met nummer [bankrekeningnummer] ;
- de helft van het saldo op 24 oktober 2024 van de bankrekening bij de ABN AMRO Bank met nummer [bankrekeningnummer] ;
- het saldo op de op naam van de man gestelde bankrekening.
- de helft van de inboedelgoederen van partijen;
- de helft van het saldo op 24 oktober 2024 van de bankrekening bij de ABN AMRO Bank met nummer [bankrekeningnummer] ;
- het saldo op de op naam van de vrouw gestelde bankrekening.
mr. D. van Klinken als griffier en in het openbaar uitgesproken op 3 april 2026.