Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBGEL:2026:2852

Rechtbank Gelderland

Datum uitspraak
15 april 2026
Publicatiedatum
14 april 2026
Zaaknummer
11983768
Instantie
Rechtbank Gelderland
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 7:17 BWArt. 6:74 BWArt. 6:81 BWArt. 6:82 BWArt. 6:83 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing vordering ontbinding en schadevergoeding wegens non-conformiteit auto

Partijen sloten een koopovereenkomst voor een tweedehands Opel Astra Sports Tourer. Kort na aankoop bleek de auto ernstige gebreken te vertonen, waaronder olielekkage en defecte autosleutel, die niet eenvoudig te ontdekken waren. De koper stelde de verkoper in gebreke en ontbond de koopovereenkomst buitengerechtelijk.

De kantonrechter oordeelde dat de auto niet voldeed aan de overeenkomst en niet veilig de weg op kon, wat ontbinding in beginsel rechtvaardigt. Echter, de verkoper was niet in verzuim omdat de koper geen redelijke termijn voor herstel had gesteld, waardoor buitengerechtelijke ontbinding niet mogelijk was.

De primaire vordering tot schadevergoeding werd eveneens afgewezen omdat verzuim ontbrak. De kantonrechter stelde de koper in het ongelijk en veroordeelde hem tot betaling van de proceskosten, die nihil werden begroot. Partijen werd geadviseerd om alsnog in overleg te treden om de zaak minnelijk op te lossen.

Uitkomst: Vordering tot ontbinding en schadevergoeding afgewezen wegens ontbreken van verzuim bij verkoper.

Uitspraak

RECHTBANKGELDERLAND
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Arnhem
Zaaknummer: 11983768 \ CV EXPL 25-9435
Vonnis van 15 april 2026
in de zaak van
[naam eiser],
te [woonplaats] ,
eisende partij,
hierna te noemen: [de eiser] ,
procederend in persoon,
tegen
[naam gedaagde],
te [woonplaats] ,
gedaagde partij,
hierna te noemen: [de gedaagde] ,
procederend in persoon.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding van 6 november 2025 met een negental ongenummerde producties;
- de conclusie van antwoord met een productie;
- de conclusie van repliek met een viertal producties, tevens houdende akte vermeerdering van eis;
- de conclusie van dupliek.
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.

2.De feiten

2.1.
[de gedaagde] biedt een Opel, type Astra Sports Tourer 1.4 turbo met kenteken [kentekennummer] , bouwjaar 2013 met 96.000 kilometer op de teller (hierna: Opel), te koop aan via Marktplaats. Als beschrijving bij deze advertentie staat onder meer het volgende:
“distributie ketting is vervangen bij 96000
Grote beurt gehad”
2.2.
In de periode van 12 tot en met 20 september 2025 sturen [de eiser] en [de gedaagde] via Marktplaats diverse berichten naar elkaar. Hierin staat onder meer het volgende:
“[12-09-2025] [de eiser] : Facturen zijn aantoonbaar van de distr riem incl alle ander onderhoud? (…) Wat was de melding bij de apk?
(…)
[13-09-2025] [de gedaagde] : ik ga voor je op zoek naar de spullen. De NAP kan je in principe gewoon aanvragen. Ik heb die niet bij de auto (…)
[14-09-2025] [de eiser] : (…) Ik heb zeker interesse in de auto want het is exact het model wat ik zoek. Echter…. Ik wil wel vooraf een aantal zaken weten en of alles klopt aan de auto want er word een hoop meer geklooid tegenwoordig en ik wil wel iets goeds kopen uiteraard. (…)
[14-09-2025] [de gedaagde] : (…) Ik had deze auto voor mezelf gekocht om mijn karper spullen te kunnen laden in deze auto. Nu is conclusie dat ik niet alles kan laden wat ik mee zou moeten nemen. (...) toen ik deze auto kocht heb ik gelijk de distributie ketting set laten vervangen. (...) Beurt laten doen. APK keuring erop laat zetten. (...) dit heb ik gewoon zo betaald zonder bon als je begrijpt wat ik bedoel (...)
[14-09-2025] [de eiser] : ja, dat klinkt best goed alleen wel balen dat er geen factuur of ander bewijs van is dat het gedaan is.… Heb je morgen tijdje om even af te spreken dan kom ik kijken als jouw dat ook schikt. (...)
[14-09-2025] [de eiser] : ik ben er tegen 19u (…) en kom met mn schoonpa die wil wel even mee kiekn.”
2.3.
Op 15 september 2025 sluiten partijen een koopovereenkomst voor voormelde Opel voor een aankoopbedrag van € 7. 250,00.
2.4.
In de periode van 17 tot en met 20 september 2025 sturen [de eiser] en [de gedaagde] via Marktplaats diverse berichten naar elkaar. Hierin staat onder meer het volgende:
“[17-09-2025] [de eiser] : (…) klopt het dat de sleutel bij jou ook niet goed werkte? De originele klap sleutel heb jij niet nog of wel?
[18-09-2025] [de eiser] : dit is heel vaak open en dicht gemaakt dus er was wel degelijk iets bekend bij je. Ben nu ook heel benieuwd of er meer lijken uit de kast gekomen.
[19-09-2025] [de gedaagde] : dat was bij mij ook ik gebruikte meer de andere sleutel wat bedoel jij met klapsleutel Dit waren de sleutels die ik kreeg toen ik hem kocht
[19-09-2025] [de eiser] : Dat geintje kost mij nu € 125 voor een nieuwe sleutel. Ik kan de kofferbak niet eens normaal open maken zonder.
[19-09-2025] [de gedaagde] : Dat heb ik ook al vaker mee gemaakt wanneer ik een auto koop. Dus daar kan ik niks aan doen. Je hebt bij aankoop de sleutels gezien.
[19-09-2025] [de eiser] : We zaten aan de salon en keuken tafel samen en dit wist je van te voren, ik koop iets bij jou en er zijn verborgen gebreken. Dat was wel zo netjes geweest als je dat vooraf kenbaar had gemaakt. Je wist dit 100% al lang en liet mij daarmee stikken. Na 2 dagen irritatie met 2 nieuwe batterijen en nu een nieuwe sleutel is dat een beste domper.
Geeft geen vertrouwen met je hele verhaal en wat er aan de auto is gebeurt zoals je verteld had. Stom van mij om de facturen van de onderdelen niet te vragen denk ik nu achteraf. Maar ja goed vertrouwen he.
[19-09-2025] [de gedaagde] : (…) Je hebt samen met [de gedaagde] de auto bekeken, je hebt er zelf in gereden. Toen had je dat van de sleutel ook kunnen opmerken. (…) Je kan het telefoonnummer krijgen van de garage waar wij de auto gekocht hebben en die alles gemaakt heeft. Als je ons niet geloof en kan je aan hem vragen wat er allemaal aan die auto gedaan is. Maar kom nu niet achteraf klagen, wat niet terecht is (...)
[19-09-2025] [de eiser] : nogmaals, je wist vooraf wat er mis mee was en meldt dit niet of lost dit netjes vooraf al op maar doet er stiekem een batterij in terwijl je wist dat dat ding niet goed was. Dat heet OPLICHTING en is nog strafbaar ook.
De auto gaat de brug op en we zien wel wat er waar van is. Daarna hebben we weer contact (…)
[19-09-2025] [de gedaagde] : De auto is verkocht zoals gezien en bereden tijdens de proefrit. U heeft toen ingestemd met de aankoop. Eventuele opmerkingen achteraf vallen buiten onze verantwoordelijkheid, aangezien er geen verborgen gebreken zijn. (…)
[19-09-2025] [de eiser] : (…) We kunnen twee dingen doen. 1. Het onderling oplossen nadat ik meer onderzoek heb gedaan en het klopt wat je zegt. 2. Een civiele procedure starten waarbij we naar de rechter gaan met het bewijs wat ik nu al heb is dat meer dan genoeg om de koop te ontbinden of alle bijkomende kosten door jullie te laten dekken.
[20-09-2025] [de gedaagde] : vanaf deze gevonden van de Opel, dacht ineens ik moet hem ergens hebben
deze sleutel wordt voor je gemaakt dinsdag en dan stuur ik haar op voor je”
2.5.
Op 23 september 2025 stuurt [de eiser] een (aangetekende) brief naar [de gedaagde] , waarbij [de eiser] onder meer aangeeft dat er technische gebreken zijn aan de Opel en dat een en ander onprofessioneel gemonteerd is. [de eiser] stelt daarbij [de gedaagde] in gebreke en sommeert [de gedaagde] om een bedrag van € 1.713,39 aan hem te voldoen.
2.6.
Op 7 oktober 2025 stuurt [de eiser] een (aangetekende) brief naar [de gedaagde] met daarin onder meer het volgende:
“in mijn brief van 23 september 2025 heb ik u verzocht om binnen zeven dagen te reageren en het bedrag van de reparatie en vervanging sleutel over te maken.
Hiermee bent u in verzuim.
Ik ontbind hierbij de koopovereenkomsten wegens non-conformiteit op grond van artikel 7:17 BW Pro.
Ik verzoek u om binnen zeven dagen na daartegen van deze brief het aankoopgedrag inclusief de tot nu gemaakte kosten van de sleutel (…) (Totaal; €7370,-) terug te storten (…), Waarna ik de auto aan u zal retourneren.”
2.7.
Op 7 november 2025 stuurt [vriendin gedaagde] (hierna: [vriendin gedaagde] ),de vriendin van [de gedaagde] , een WhatsApp-bericht naar [de eiser] met daarin onder meer het volgende:
“Zonder dat ik erken dat er sprake is van een gebrek of aansprakelijkheid, wil ik wel kijken of we dit onderling kunnen oplossen.
Zou jij akkoord gaan met een betaling van € 850, zodat de zaak daarna volledig is afgerond en we allebei niets meer van elkaar te vorderen hebben?”
2.8.
In reactie hierop stuurt [de eiser] op 10 november 2025 via een e-mailbericht een brief naar [de gedaagde] , waarin hij onder meer aangeeft dat hij niet akkoord gaat met het door [vriendin gedaagde] gedane voorstel.
2.9.
Garagebedrijf [garagebedrijf] (hierna: [garagebedrijf] ) onderzoekt op 23 september 2025 de Opel en in haar brief van 14 november 2025 geeft zij haar bevindingen weer. In de brief staat onder meer het volgende:
“Zoals gevraagd in aansluiting op de gegeven offerte (...) hierbij de bevestiging dat de distributiedeksel en carterpan niet conform de normale standaardprocedure is gerepareerd. Hieruit voortvloeiend is de olielekkage ontstaan.
Nader onderzoek wees uit dat de auto eerder schade heeft gehad. Dit was pas te zien onder TL-licht en niet in daglicht. (...) U als particuliere koper had dit dan ook niet van onder de motorkap of onder de auto kunnen zien op het moment van aankoop, dat is onmogelijk. (...) Daarom bevestig ik dat de verkopende partij hiervan op de hoogte moest zijn want de gedane reparatie is zeer waarschijnlijk inherent geweest van schade die u niet gemeld is en ook niet gemeld is in het officiële schaderegister. Dit wijst op een bewust verzwegen essentieel feit over de staat van de auto. Feitelijk komt het erop neer dat u behoorlijk extra kosten moet maken om de auto te herstellen van het gedane prutswerk. (...) voor u ter info is dat ik afgelopen maandag d.d. 10 november ben gebeld door een ene mevrouw [vriendin gedaagde] over deze auto. (…) heb ik aangegeven dat ik geen partij ben en dat ik alleen op uw verzoek de auto heb nagekeken gezien uw wanttrouwen dat ontstond na het bijmaken van een nieuwe sleutel en het ontdekken van de olielekkage. (…) Mevrouw gaf aan dat de olie lekkage pas ontstaan is na verkoop en waarom dat in de offerte stond. Er was volgens haar namelijk geen sprake van olie lekkage op het moment van aankoop. Daarop heb ik aangegeven dat dat absoluut onmogelijk was, dit euvel bestond al langere tijd vandaar ook de herstelofferte.”
2.10.
[de eiser] laat de Opel inspecteren door [auto-servicedealer] (hierna: [auto-servicedealer] ). Naar aanleiding van deze inspectie deelt [auto-servicedealer] het volgende mee:
“Naar aanleiding van onze inspectie aan het voertuig (Opel Astra, kenteken [kentekennummer] ) delen wij het volgende mee.
Tijdens het onderzoek hebben wij aanzienlijke olielekkage vastgesteld aan de onderzijde van de motor. Daarbij is gebleken dat:
1. De carterpan op meerdere punten olie lekt. De omvang van de lekkage en vervuiling wijst erop dat dit al langere tijd aanwezig is.
2. De carterplug op een onprofessionele manier is bevestigd. Hierbij is afdichtkit gebruikt op een wijze die niet past binnen normale reparatiestandaarden.
3. Herstel uitsluitend mogelijk is door vervanging van de volledige carterpan, inclusief pakking en bijbehorende onderdelen. Geschatte kosten zijn ongeveer € 2.150,- (…)
De staat waarin wij de carterpan, pakking en plug aantroffen maakt het onwaarschijnlijk dat deze gebreken pas recent zijn ontstaan. De lekkage en sporen van eerdere reparaties wijzen op een langer bestaande technische tekortkoming, die naar onze inschatting ook voor de vorige eigenaars zichtbaar en bekend moet zijn geweest.”

3.Het geschil

3.1.
[de eiser] heeft, nabij de conclusie van repliek zijn vordering te hebben gewijzigd en vermeerderd, gevorderd bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad;
primair:
[de gedaagde] te veroordelen tot betaling van de herstelkosten van € 2.270,00;
voor recht te verklaren dat [de gedaagde] aansprakelijk is voor de geleden schade;
subsidiair, in het geval dat de primaire vordering wordt afgewezen:
3. de koopovereenkomst tussen partijen te ontbinden;
4. [de gedaagde] te veroordelen tot terugbetaling van het aankoopgedrag van € 7.250,00;
primair en subsidiair:
5. [de gedaagde] te veroordelen in de proceskosten.
3.2.
[de eiser] heeft aan zijn vorderingen ten grondslag gelegd, kort samengevat, dat partijen een koopovereenkomst voor voormelde Opel hebben gesloten. Bij een koop dient de afgeleverde zaak, krachtens het bepaalde in artikel 7:17 Burgerlijk Pro Wetboek (hierna: BW), aan de overeenkomst te beantwoorden. Volgens [de eiser] vertoonde de Opel vrijwel direct na aankoop ernstige gebreken, waaronder olielekkage, gebrekkige afdichting en montagefouten. Ook functioneerde de door [de gedaagde] bijgeleverde autosleutel niet naar behoren. Het staat normaal gebruik van de Opel in de weg. Er is sprake van non-conformiteit, aldus [de eiser] . Volgens [de eiser] is [de gedaagde] toerekenbaar tekortgeschoten in de nakoming van de koopovereenkomst en is [de gedaagde] , krachtens het bepaalde in artikel 6:74 BW Pro, ook aansprakelijk voor de geleden en nog te lijden schade.
3.3.
[de gedaagde] heeft de vorderingen gemotiveerd weersproken. Op dit verweer wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.

4.De beoordeling

4.1.
Partijen zijn het erover eens dat [de eiser] de auto heeft gekocht van [de gedaagde] . Nu tussen partijen niet in geschil is dat zij beiden een particulier zijn, is er geen sprake is van een consumentenkoop als bedoeld in het bepaalde van artikel 7:5 BW Pro. Daarom speelt het vermoeden van artikel 7:18 lid 2 BW Pro bij de beoordeling van deze zaak geen rol. Het gaat in deze zaak over de vraag of sprake is van non-conformiteit, of de koopovereenkomst terecht (buitengerechtelijk) is ontbonden en of [de gedaagde] aansprakelijk is voor de (aanvullende) schade en de hoogte daarvan.
Non-conformiteit
4.2.
Op grond van het bepaalde in artikel 7:17 BW Pro moet de afgeleverde zaak aan de overeenkomst voldoen en beantwoordt zij niet aan de overeenkomst indien zij, mede gelet op de aard van de zaak en de mededeling die de verkoper over de zaak heeft gedaan, niet de eigenschappen bezit die de koper op grond van de overeenkomst mocht verwachten. Als een (tweedehands) auto wordt gekocht waarvan de verkoper weet dat deze wordt gekocht om daarmee aan het verkeer deel te nemen, beantwoordt deze in principe niet aan de overeenkomst als door een gebrek aan de auto (dat niet op eenvoudige wijze kan worden ontdekt en hersteld) het gebruik van de auto gevaar voor de verkeersveiligheid zou opleveren (HR 15 april 1994, ECLI:NL:HR:1994:ZC1338). Deze regel kan onder omstandigheden tot uitzondering leiden, bijvoorbeeld indien de koper geacht kan worden het risico van gebreken te hebben aanvaard (ECLI:NL:HR:1994:ZC1338).
De enkele omstandigheid dat de Opel door [de gedaagde] zonder garantie is verkocht, acht de kantonrechter hiervoor niet voldoende. Immers, ook indien er geen garantie is gegeven, rust op een verkoper de verplichting om te verkopen en te leveren wat de koper op grond van de koopovereenkomst mocht verwachten. Dit klemt naar het oordeel van de kantonrechter te meer daar [de gedaagde] in de advertentie op Marktplaats aangegeven heeft dat de distributieketting vervangen is en de Opel een grote beurt heeft gehad.
4.3.
Uit de processtukken is op te maken dat sprake is van gebreken aan de autosleutel, carterpan, pakking en carterplug en dat die gebreken zich daags na de verkoop van de auto hebben voorgedaan. De kantonrechter maakt dit op uit de omvangrijke correspondentie (via Marktplaats) tussen [de eiser] en [de gedaagde] , de door [garagebedrijf] en [auto-servicedealer] uitgevoerde inspecties aan de Opel en de begrote kosten voor herstel van zowel [garagebedrijf] als [auto-servicedealer] . De desbetreffende gebreken zijn onvoldoende gemotiveerd door [de gedaagde] weersproken.
Het gaat om mechanische gebreken, die niet op een eenvoudige manier zijn te ontdekken. Dit volgt ook uit de verklaringen van zowel [garagebedrijf] als [auto-servicedealer] . Zij geven immers aan dat de gebreken pas bij een uitvoerige inspectie door een deskundige (autogarage) zijn ontdekt. Daarbij betrekt de kantonrechter ook dat [de gedaagde] , nu ook dit niet gemotiveerd is weersproken, de distributieketting heeft (laten) vervangen en een grote beurt heeft (laten) uitvoeren. Dit volgt ook uit de advertentie op Marktplaats.
4.4.
Vervolgens moet beoordeeld worden of de gebreken aan de auto aanwezig waren ten tijde van de aankoop van de Opel. De kantonrechter is van oordeel dat, nu het gebrek aan de sleutel en de carterpan zich al daags na verkoop hebben geopenbaard, het gebrek al aanwezig was ten tijde van de aankoop daarvan en dat [de gedaagde] toerekenbaar tekort is geschoten in zijn verplichting om een deugdelijke auto te leveren. Voor zover [de gedaagde] heeft willen betogen dat dit komt door de oudheid van de auto, gaat de kantonrechter hieraan voorbij. Nog los van het feit dat dit gemotiveerd door [de eiser] is weersproken, is dit op geen enkele wijze (nader) door [de gedaagde] onderbouwd en staat dit ook haaks op de tussen partijen gewisselde berichten, alsmede de onderzoeken van [garagebedrijf] (r.ov 2.9.) en [auto-servicedealer] (r.ov. 2.10.). Daaruit volgt dat de olielekkage en sporen van eerdere reparaties wijzen op een langer bestaande technische tekortkoming. Daarnaast geven zowel [garagebedrijf] als [auto-servicedealer] na onderzoek aan de Opel aan dat dit ook voor [de gedaagde] zichtbaar moet zijn geweest. Dit klemt naar het oordeel van de kantonrechter te meer daar [de gedaagde] betoogd heeft dat hij de auto naar een garage heeft gebracht, waarbij de distributieketting is vervangen door gebruikmaking van een dubbele vloeibare pakking. Ook deze garage had, nu de lekkage en de sporen van eerdere reparaties wijzen op een langer bestaande technische tekortkoming, voormelde gebreken kunnen constateren. Daarbij betrekt de kantonrechter ook dat zowel [garagebedrijf] als [auto-servicedealer] heeft vastgesteld dat de aan de Opel uitgevoerde reparaties niet conform de standaardprocedures zijn uitgevoerd. Dit volgt ook uit de door [de eiser] overgelegde foto’s.
Naar het oordeel van de kantonrechter staat het, mede gelet op al het voorgaande, vast dat de Opel niet veilig de weg op kan en ook niet aan de APK-normen voldoet. Het enkele feit dat [de eiser] de Opel wellicht een aantal keer heeft gebruikt, zoals [de gedaagde] heeft aangevoerd, maar door [de eiser] gemotiveerd is weersproken, is vanwege het voorgaande niet voldoende om te oordelen dat de Opel ten tijde van de verkoop voldeed aan de daaraan te stellen (veiligheids)eisen. Naar het oordeel van de kantonrechter is daarom in beginsel ontbinding van de koopovereenkomst als bedoeld in artikel 6:265 BW Pro gerechtvaardigd.
Buitengerechtelijke ontbinding
4.5.
De kantonrechter dient, nu tussen partijen staat niet ter discussie staat dat [de eiser] bij brief van 7 november 2025 (r.ov. 2.7.) de koopovereenkomst buitengerechtelijk heeft ontbonden, allereerst de subsidiaire vordering te beoordelen.
4.6.
Voor buitengerechtelijke ontbinding is, krachtens het bepaalde in artikel 6:265 lid 2 BW Pro, vereist dat wanneer nakoming niet blijvend onmogelijk is de bevoegdheid tot ontbinding pas ontstaat wanneer de schuldenaar in verzuim is. Krachtens artikel 6:81 BW Pro is een schuldenaar in verzuim gedurende de tijd dat de prestatie uitblijft nadat zij opeisbaar is geworden en aan de eisen van de artikelen 6:82 en 6:83 BW is voldaan, behalve voor zover de vertraging hem niet kan worden toegerekend of nakoming reeds blijvend onmogelijk is. In artikel 6:82 lid 1 BW Pro is vervolgens bepaald dat het verzuim intreedt wanneer de schuldenaar bij schriftelijke aanmaning een redelijke termijn voor nakoming heeft gesteld en nakoming binnen die termijn uitblijft.
4.7.
De kantonrechter stelt, in tegenstelling tot wat [de eiser] heeft gesteld, vast dat nakoming niet blijvend onmogelijk is, omdat [de gedaagde] de gebreken zou kunnen herstellen. De brief van 23 september 2025 (r.ov. 2.5.) voldoet daarom niet aan de daaraan te stellen eisen. Immers, in artikel 6:82 lid 1 BW Pro is bepaald dat [de eiser] een redelijke termijn voor nakoming dient te stellen. De hiervoor genoemde brief voldoet hier niet aan, nu [de eiser] [de gedaagde] meteen sommeert tot betaling van een bedrag van € 1.713,39 voor de herstelkosten en de vervangingskosten voor de autosleutel. Op grond van deze brief is [de gedaagde] dan ook niet in verzuim geraakt. Ook de nadien gestuurde brief van 7 oktober 2025 (r.ov. 2.6.) voldoet niet aan de hierboven vermelde vereisten, zodat [de gedaagde] ook op basis van deze brief niet in verzuim is komen te verkeren.
4.8.
In artikel 6:83 aanhef Pro en onder sub c BW is vervolgens bepaald dat het verzuim ook zonder ingebrekestelling kan intreden, indien de schuldeiser uit een mededeling van de schuldenaar moet afleiden dat deze nakoming van de verbintenis zal tekortschieten. De kantonrechter is van oordeel dat hiervan geen sprake is. Uit de berichten op Marktplaats volgt niet dat [de gedaagde] zou hebben medegedeeld dat hij niet (meer) zou nakomen. Daarbij betrekt de kantonrechter dat de berichten die via Marktplaats zijn verstuurd, zien op de autosleutel en niet op de gebreken die nadien zijn geconstateerd. Ook het tussen [de eiser] en [vriendin gedaagde] gevoerde telefoongesprek leidt niet tot een ander oordeel, nu daaruit niet volgt dat [de gedaagde] helemaal niets (meer) wilde doen aan de Opel. Dit betekent dat ook op basis van het bepaalde in artikel 6:83 aanhef Pro en onder sub c BW [de gedaagde] (nog) niet in verzuim is komen te verkeren.
4.9.
Het had, gelet op al het voorgaande, derhalve op de weg van [de eiser] gelegen om [de gedaagde] expliciet in de gelegenheid te stellen om de gebreken aan de Opel te (laten) herstellen en daarbij een redelijke termijn voor nakoming te stellen. Dat dit is gebeurd, is, zoals hiervoor reeds is overwogen, gesteld noch gebleken. Het gevolg hiervan is dat [de gedaagde] niet in verzuim is geraakt, zodat geen sprake is van een toerekenbare tekortkoming aan zijn zijde. De koopovereenkomst kon derhalve (nog) niet buitengerechtelijk worden ontbonden. Dit betekent dat de subsidiaire vordering niet kan worden toegewezen.
Schadevergoeding
4.10.
Vervolgens komt de kantonrechter toe aan de primaire vordering tot schadevergoeding.
Op grond van het bepaalde in artikel 6:74, eerste lid BW is de schuldenaar bij iedere tekortkoming van een verbintenis verplicht de schade die de schuldeiser daardoor lijdt te vergoeden, tenzij de tekortkoming de schuldenaar niet kan worden toegerekend. In het tweede lid is kort gezegd bepaald dat deze verplichting pas ontstaat wanneer de schuldenaar in verzuim is. Voorts volgt uit artikel 6:81 BW Pro dat de schuldenaar in verzuim is gedurende de tijd dat de prestatie uitblijft nadat zij opeisbaar is geworden en aan de eisen van artikelen 6:82 BW (ingebrekestelling) en 6:83 BW (verzuim zonder ingebrekestelling) is voldaan, behalve voor zover de vertraging hem niet kan worden toegerekend of nakoming reeds blijvend onmogelijk is. [de gedaagde] is, zoals hiervoor reeds is overwogen en nu [de eiser] niet heeft voldaan aan de eisen van artikelen 6:82 BW en 6:83 BW, (nog) niet in verzuim komen te verkeren. Dit betekent dat ook de primaire vordering niet kan worden toegewezen.
4.11.
Het voorgaande brengt met zich dat zowel de primaire als de subsidiaire vordering wordt afgewezen. Dit geldt eveneens voor de nevenvorderingen nu die daarmee samenhangen.
4.12.
De kantonrechter merkt tot slot ten overvloede op dat, wanneer [de eiser] [de gedaagde] conform het bepaalde in artikel 6:82 lid 1 BW Pro in gebreke heeft gesteld en [de gedaagde] vervolgens in verzuim is komen te verkeren, er in beginsel grond is voor toewijzing van de vordering. De kantonrechter geeft partijen, tegen de achtergrond van al hetgeen hiervoor is overwogen, in overweging om ter voorkoming van verdere kosten (nogmaals) met elkaar in overleg te treden teneinde te pogen de zaak in der minne te regelen.
4.13.
[de eiser] wordt in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten dragen.
Nu [de gedaagde] in persoon (zonder gemachtigde) procedeert is artikel 238 lid 1 Wetboek Pro van Burgerlijke Rechtsvordering (hierna: Rv) van toepassing. Dat artikel kent de mogelijkheid om een bedrag toe te kennen aan noodzakelijke reis- en verblijfkosten en verletkosten in de zin van gederfde inkomsten. [de gedaagde] heeft echter niet kenbaar gemaakt dat hij daadwerkelijk noodzakelijke kosten heeft gemaakt en/of wat de omvang daarvan was, zodat de kantonrechter de proceskosten begroot op nihil.

5.De beslissing

De kantonrechter
5.1.
wijstde vorderingen van [de eiser] af,
5.2.
veroordeelt[de eiser] in de proceskosten tot deze uitspraak aan de zijde van [de gedaagde] begroot op nihil,
Dit vonnis is gewezen door mr. W. van der Boon en in het openbaar uitgesproken op 15 april 2026.
53854\415