ECLI:NL:RBGEL:2026:2678
Rechtbank Gelderland
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Beslissing over hernieuwd uitstel van voorwaardelijke invrijheidstelling wegens opname in verslavingskliniek
Veroordeelde maakte bezwaar tegen het door het openbaar ministerie opgelegde hernieuwde uitstel van zijn voorwaardelijke invrijheidstelling, dat met vier dagen werd verlengd in afwachting van opname in een verslavingskliniek. Eerder was de invrijheidstelling al met maximaal 30 dagen uitgesteld om plaatsing in de kliniek mogelijk te maken.
Tijdens de zitting op 20 maart 2026 werden veroordeelde, zijn raadsvrouw en de officier van justitie gehoord. Veroordeelde gaf aan geen vertrouwen te hebben in de opnamedatum en wilde de tussenliggende periode bij familie doorbrengen.
De rechtbank oordeelde dat het van groot belang is dat veroordeelde rechtstreeks vanuit detentie naar de kliniek gaat om terugval in middelengebruik te voorkomen. De toezegging van de opnamedatum door de selectiefunctionaris werd als betrouwbaar beschouwd. Daarom werd het bezwaar ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het bezwaar tegen het hernieuwde uitstel van de voorwaardelijke invrijheidstelling wordt ongegrond verklaard.