ECLI:NL:RBGEL:2026:1427

Rechtbank Gelderland

Datum uitspraak
13 februari 2026
Publicatiedatum
25 februari 2026
Zaaknummer
05/056387-25
Instantie
Rechtbank Gelderland
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 57 SrArt. 63 SrArt. 310 SrArt. 311 Sr
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Veroordeling voor meerdere diefstallen uit auto’s in Nijkerk

In de periode van 19 tot en met 21 februari 2025 pleegden verdachte en een medeverdachte meerdere diefstallen uit voertuigen in Nijkerk. Zij werden aangehouden nabij de locatie van de diefstallen, waarbij bij de medeverdachte diverse gestolen goederen werden aangetroffen. Camerabeelden toonden aan dat beiden aan autoportieren voelden en goederen meenamen.

De rechtbank oordeelde dat verdachte en medeverdachte gezamenlijk en bewust handelden met het oogmerk wederrechtelijke toe-eigening. Er was geen wettig bewijs voor braak of verbreking, waardoor verdachte van dat deel van de tenlastelegging werd vrijgesproken. De verklaring van verdachte dat hij de medeverdachte niet kende werd als ongeloofwaardig verworpen.

De rechtbank hield rekening met het strafblad van verdachte en eerdere straffen, en legde een gevangenisstraf van vier maanden op, met aftrek van voorarrest. De civiele vordering van de benadeelde partij voor schade aan de auto werd niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan bewijs van braakschade. Het vonnis werd gewezen door drie rechters, waarbij de voorzitter het vonnis niet medeondertekende.

Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot vier maanden gevangenisstraf voor meerdere diefstallen uit auto’s zonder braakschade.

Uitspraak

RECHTBANK GELDERLAND
Team strafrecht
Zittingsplaats Arnhem
Parketnummer: 05.056387.25
Datum uitspraak : 13 februari 2026
Verstek
vonnis van de meervoudige kamer
in de zaak van
de officier van justitie
tegen
[verdachte],
geboren op [geboortedag] 1997 in [geboorteplaats] (Marokko), zonder vaste woon- of verblijfplaats hier te lande.
Raadsman: mr. A.R. Maarsingh, advocaat in Deventer (niet gemachtigd).
Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de openbare terechtzitting van 30 januari 2026.

1.De inhoud van de tenlastelegging

Aan verdachte is ten laste gelegd dat:
hij op een of meerdere tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 19 februari 2025 tot en met 21 februari 2025 te Nijkerk, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening uit een of meerdere voertuigen (o.a.) heeft weggenomen:
- een of meerdere lees- en zonnebril(len) (o.a. van het merk Ray ban) en/of
- een of meerdere rugzak(ken) en/of
- een of meerdere schoen(en) en/of
- een of meerdere (Apple iPhone)kabel(s) en/of
- een of meerdere gereedschap(pen) en/of
- een of meerdere honden(verzorgings)spullen en/of
- een of meerdere horloge(s) en/of
- een of meerdere riem(en) en/of
- een of meerdere (bord)spellen en/of
- een of meerdere hoofddeksel(s) (o.a. hoed(en) en/of mut(sen) en/of
- een of meerdere etui(s) en/of
- een of meerdere (toilet)tas(sen),
geheel of ten dele toebehorend aan:
- [aangever] en/of
- [aangever] en/of
- [aangever] en/of
- [aangever] en/of
- [aangever] en/of
- [aangever] en/of
- [aangever] en/of
- [aangever] ,
in elk geval aan een ander of anderen dan aan hem, verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij hij, verdachte, en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot voornoemd(e) goed(eren) heeft/hebben verschaft en/of die/dat weg te nemen voornoemd(e) goed(eren) onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door braak en/of verbreking.
2. Overwegingen ten aanzien van het bewijs [1]
De feiten
Op grond van de bewijsmiddelen wordt het volgende, dat verder ook niet ter discussie staat, vastgesteld.
In de periode van 19 februari 2025 tot en met 21 februari 2025 in Nijkerk zijn de volgende spullen uit de voertuigen van de volgende personen verdwenen
- [aangever] : meerdere (zonne)brillen, waaronder van het merk Ray Ban; [2]
- [aangever] : make-up tas en een zonnebril; [3]
- [aangever] : een roze met blauwe kinderrugtas met afbeeldingen van unicorns erop; [4]
- [aangever] : een hoedje, een muts en een USB kabel; [5]
- [aangever] : een rugzak van het merk Red Bull, een witte Primark tas, (lees)zonnebril, één paar schoenen, schroevendraaier, Apple Iphone kabel en honden(verzorgings)spullen; [6]
- [aangever] : een horloge, een riem, een nachtbril, een nageletui en een hoedje; [7]
- [aangever] : een Ray Ban zonnebril; [8]
- [aangever] : het spel Hitster en een riem. [9]
Het standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie heeft gesteld dat wettig en overtuigend bewezen kan worden dat [verdachte] zich schuldig heeft gemaakt aan het medeplegen van diefstallen uit voertuigen. De officier van justitie acht niet bewezen dat hierbij sprake was van braak dan wel verbreking, zodat [verdachte] van dit deel van de tenlastelegging moet worden vrijgesproken.
Beoordeling door de rechtbank
De rechtbank ziet zich voor de vraag gesteld of [verdachte] degene is geweest die samen met een ander de goederen van voormelde personen uit hun auto’s heeft gestolen. Zij overweegt als volgt.
Melding
Op 21 februari 2025 omstreeks 05.16 uur komt er bij de politie een melding binnen over dat er twee personen mogelijk auto’s proberen te stelen in Nijkerk. Het zou gaan om een man in zwart gekleed en om een ander die een witte pet op had. Eén van de verdachten zou ook een witte tas bij zich dragen. De politie treft vervolgens twee personen aan die voldoen aan het genoemde signalement. Dit blijken [verdachte] (hierna: [verdachte] ) en [medeverdachte] (hierna: [medeverdachte] ) te zijn. [10] [verdachte] en [medeverdachte] worden vervolgens aangehouden bij de Van Middachtenstraat in Nijkerk, waar zij zich in de bosjes schuilhielden. [11]
Aanhouding verdachten
Tijdens zijn aanhouding droeg [verdachte] de volgende kleding:
  • Lichtgrijs/zwartgekleurde sneakers met groene vlakken;
  • Zwartkleurige joggingsbroek met op de zijkant rode strepen;
  • Zwartkleurige hoodie;
  • Zwartkleurige pufjas over de hoodie heen gedragen;
  • Zwartkleurige jas over de pufjas heen gedragen;
  • Groenkleurige jas over voorgenoemde zwarte jas heengedragen.
[medeverdachte] droeg een wit petje en een rugzak van het merk Red Bull. In deze rugzak zat een andere rugzak, te weten een lichtkleurige rugzak in de kleuren wit, roze en lichtblauw/groen. Op deze rugzak stonden afbeeldingen van bruinkleurige hartjes en unicorns. In deze tas zaten meerdere zonnebrillen en een zwartkleurige portemonnee met daarin een kentekenbewijs van het kenteken [kenteken] . [13] De auto van [aangever] is voorzien van dit kenteken. [14] Verder droeg hij drie broeken over elkaar heen. [15] Tevens hield hij een witte bigshopper vast. In deze tas zijn ook diverse van diefstal afkomstige goederen aangetroffen. [16]
De rechtbank stelt op grond van het voorgaande vast dat bij de aanhouding van [verdachte] en [medeverdachte] , bij laatstgenoemde goederen zijn aangetroffen die afkomstig zijn uit de auto’s van meerdere aangevers.
Herkenning camerabeelden [adres] Nijkerk
De diefstallen vonden – op grond van de aangiftes – plaats in de straten [adres] , [adres] , [adres] , [adres] , [adres] en [adres] in Nijkerk. [17] De politie heeft in deze buurt een buurtonderzoek ingesteld en heeft verschillende camerabeelden uit de buurt ontvangen.
Op de camerabeelden van [adres] in Nijkerk – een aangrenzende straat van [adres] en de [adres] en om de hoek bij de [adres] – van 21 februari 2025 omstreeks 04.32 uur zijn twee personen te zien waarvan er één een pet op heeft die overeenkomt met de pet die [medeverdachte] op had bij zijn aanhouding, dit geldt eveneens voor zijn donkere jas met logo op de linkerborst en Northface logo rechtsachter op de rug met een capuchon met bontkraag en zijn schoenen met een reflecterende N aan de zijkant. Hij heeft ook een lichtkleurige rugzak op zijn rug. De tweede verdachte heeft een vissershoedje op en een donkerkleurige jas met een streep/band van links naar rechts op de borst, die lijkt op de Nike jas van [verdachte] en een tas. Deze beide verdachten worden herkend door verbalisant [verbalisant] die hen heeft gehoord in deze zaak, verdachte 1 wordt aangeduid als [medeverdachte] en verdachte 2 als [verdachte] . [18]
De rechtbank heeft geen reden te twijfelen aan deze ambtshalve herkenning en concludeert op grond hiervan, in combinatie met de kleding die zij aan hadden bij hun aanhouding, dat [verdachte] en [medeverdachte] samen op deze camerabeelden staan en zal verder verdachte 1 aanduiden als [medeverdachte] en verdachte 2 als [verdachte] .
Op deze camerabeelden is te zien dat [medeverdachte] en [verdachte] de oprit oplopen. [medeverdachte] pakt de greep van het portier van de auto van de buren en trekt eraan. Hij loopt door naar de auto die geparkeerd staat op de oprit en pakt daar ook de greep van het portier vast en trekt die naar zich toe. [verdachte] loopt achter [medeverdachte] aan. [19]
Camerabeelden [adres] Nijkerk
Op de camerabeelden van de [adres] in Nijkerk – waar diefstallen hebben plaatsgevonden (
toevoeging rechtbank)– van 21 februari 2025 omstreeks 02.19 uur zijn twee verdachten te zien. Verdachte 1 heeft een pet op, een donkere jas met een logo op de linkerborst en een capuchon (de jas komt overeen met de Northface jas van [medeverdachte] ) en sneakers die reflecteren aan de zijkant, lijkend qua grootte en vorm op de letter N zoals op de schoenen van [medeverdachte] . Verdachte 2 draagt een hoedje (gelijkend op een vissershoedje), een donkerkleurige jas met een streep/band van links naar rechts op de borst gelijkend op de Nike jas van [verdachte] en sneakers die reflecteren ter hoogte van de veters. [20]
De rechtbank concludeert gelet op het signalement van de verdachten op deze beelden dat hierop ook [medeverdachte] als verdachte 1 en [verdachte] als verdachte 2 zijn te zien, zo zal zij hen ook aanduiden bij de bespreking van deze camerabeelden.
Op de camerabeelden is te zien dat [medeverdachte] en [verdachte] samen van links naar rechts lopen. [medeverdachte] trekt bij één personenauto en bij één bestelauto die hij passeert met zijn rechterhand aan de grepen van het portier. [medeverdachte] doet dat later nog een keer bij een andere personenauto. [21]
Camerabeelden [adres] Nijkerk
Op de camerabeelden van de [adres] in Nijkerk zijn in de nacht van 21 februari 2025 twee verdachten te zien waarbij verdachte 1 een gewatteerde jas, onderlaag met capuchon die hij op heeft, een trainingsbroek en sneakers aan heeft. Dit signalement komt overeen met dat van [verdachte] zoals vastgesteld op de camerabeelden van [adres] . Het signalement van de tweede verdachte komt overeen met het signalement van [medeverdachte] zoals vastgesteld op de camerabeelden van [adres] . [22]
De rechtbank concludeert op grond hiervan dat het ook op deze camerabeelden [medeverdachte] en [verdachte] betreft en zal de verdachten op deze beelden dan ook als zodanig aanduiden bij de bespreking van deze beelden. Op deze camerabeelden is het volgende te zien.
Om 04.49 uur is te zien dat [verdachte] knielt bij een auto. Op het moment dat er een lamp aanspringt loopt de verdachte weg. Om 04.50 uur komt naast [verdachte] [medeverdachte] in beeld. [verdachte] draagt op deze camerabeelden een tas die qua grootte lijkt op de bij hun aanhouding aangetroffen Primark tas. Verder is te zien dat [medeverdachte] en [verdachte] samen van links naar rechts lopen. [medeverdachte] trekt bij een personenauto aan beide portieren eerst bij de passagierszijde en dan rechtsachter. Daarna doet [medeverdachte] dat bij een bestelauto bij de passagierszijde. [23]
Ook op deze camerabeelden is te zien dat [medeverdachte] en [verdachte] van links naar rechts lopen. [medeverdachte] trekt bij een personenauto rechtsachter aan het portier en [verdachte] doet dat bij de passagierszijde. Dan steekt [medeverdachte] over en loopt [verdachte] naar de volgende auto en trekt daar ook aan het portier. Daarna doet [medeverdachte] dat bij een bestelauto bij de passagierszijde. [verdachte] draagt een tas die qua grootte lijkt op de aangetroffen Primark tas. [24]
Op grond van de camerabeelden concludeert de rechtbank dat [medeverdachte] en [verdachte] gezamenlijk op pad zijn gegaan in de nacht van 21 februari 2025 in Nijkerk. Zij hebben beiden aan autoportieren gevoeld en gestolen goederen bij zich gedragen. Bij hun aanhouding zijn de gestolen goederen onder [medeverdachte] aangetroffen maar te zien is op de beelden dat [verdachte] een witte Primark tas heeft gedragen waarin uiteindelijk meerdere gestolen spullen zijn aangetroffen [25] en die ook is weggenomen uit de auto van [aangever] .
ConclusieOp grond van al het voorgaande oordeelt de rechtbank dat [medeverdachte] en [verdachte] zich samen schuldig hebben gemaakt aan het plegen van diefstallen uit voertuigen en dat ook sprake was van een nauwe en bewuste samenwerking tussen hen beiden. De rechtbank baseert haar oordeel op het feit dat bij [medeverdachte] een groot aantal gestolen goederen zijn aangetroffen tijdens zijn aanhouding waarbij hij zich samen met [verdachte] schuilhield in de bosjes. [verdachte] heeft gedurende hun zoektocht naar niet afgesloten auto’s waar zij goederen uit mee konden nemen, de tas waarin een deel van de gestolen goederen zat ook vastgehouden. Ook [verdachte] heeft zich de gestolen goederen dus toegeëigend. [medeverdachte] en [verdachte] hebben gedurende deze nacht bovendien beiden gevoeld aan autoportieren en zodra deze open waren hebben zij zich toegang tot de auto verschaft en daaruit de goederen die bij [medeverdachte] zijn aangetroffen weggenomen met het oogmerk deze zich wederrechtelijk toe te eigenen. Tenslotte droegen [verdachte] en [medeverdachte] meerdere lagen kleding wat ook wijst op een vooropgezet plan, nu – door het aantrekken van verschillende sets kleding – de kans op een herkenning aan de hand van een signalement moeilijker wordt. Zij hadden hier naar alle waarschijnlijkheid dus vooraf over nagedacht.
[verdachte] heeft bij de politie verklaard dat hij [medeverdachte] niet kende. [medeverdachte] zou hem enkel gevraagd hebben om een kopje koffie te gaan drinken. In het licht van al het voorgaande acht de rechtbank deze verklaring volstrekt onaannemelijk en deze wordt ook op geen enkele manier ondersteund.
Vrijspraak braak en/of verbreking
De rechtbank acht niet wettig en overtuigend te bewijzen dat ook sprake was van braak en/of verbreking op het moment dat [medeverdachte] en [verdachte] zich toegang tot de auto’s verschaften, nu uit het dossier niet blijkt dat sprake was van schade aan een van de auto’s waar [medeverdachte] en [verdachte] goederen uit hebben gestolen.

3.De bewezenverklaring

Naar het oordeel van de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het tenlastegelegde heeft begaan, te weten dat:
Hij op
een of meerderetijdstip
(pen
)in
of omstreeksde periode van 19 februari 2025 tot en met 21 februari 2025 te Nijkerk,
althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander
of anderen, althans alleen,met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening uit
een of meerderevoertuigen
(o.a.)heeft weggenomen:
-
een ofmeerdere lees- en zonnebril
(len
) (o.a. van het merk Ray Ban
)en
/of-
een ofmeerdere rugzak
(ken
)en
/of-
een of meerdereschoen
(en
)en
/of-
een ofmeerdere (Apple iPhone)kabel
(s
)en
/of-
een of meerderegereedschap
(pen)en
/of-
een of meerderehonden(verzorgings)spullen en
/of-
een of meerdere horloge(s) en/of-
een ofmeerdere riem
(en
)en
/of- een
of meerdere (bord)spel
lenen
/of-
een ofmeerdere hoofddeksel
(s
)(o.a. hoed
(en
)en
/ofeen muts
(sen)en
/of- een
of meerdereetui
(s)en
/of-
een of meerdere(toilet)tas(sen),
geheel of ten deletoebehorend aan:
- [aangever] en/of
- [aangever] en/of
- [aangever] en/of
- [aangever] en/of
- [aangever] en/of
- [aangever] en/of
- [aangever] en/of
- [aangever] ,
in elk geval aan een ander of anderen dan aan hem, verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij hij, verdachte, en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot voornoemd(e) goed(eren) heeft/hebben verschaft en/of die/dat weg te neme voornoemd(e) goed(eren) onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door braak en/of verbreking;
Voor zover er in de tenlastelegging kennelijke taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn die fouten verbeterd. Verdachte is daardoor niet in de verdediging geschaad.
Wat meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard, is niet bewezen.
Verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.

4.De kwalificatie van het bewezenverklaarde

Het bewezenverklaarde levert op:
Diefstal door twee of meer verenigde personen, meermalen gepleegd.

5.De strafbaarheid van het feit

Het feit is strafbaar.

6.De strafbaarheid van de verdachte

Verdachte is strafbaar, nu geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk is geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit.

7.De overwegingen ten aanzien van straf en/of maatregel

Het standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie heeft gevorderd dat [verdachte] zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf van vier maanden met aftrek van de tijd die hij in verzekering heeft doorgebracht.
De beoordeling door de rechtbank
De rechtbank heeft bij de bepaling van de op te leggen straf rekening gehouden met de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard en de omstandigheden waaronder dit is begaan. De rechtbank heeft verder rekening gehouden met de persoon en de omstandigheden van [verdachte] .
[verdachte] heeft zich samen met [medeverdachte] schuldig gemaakt aan acht diefstallen uit auto’s. Zij hebben meerdere goederen uit die auto’s weggenomen terwijl deze van aangevers waren. [verdachte] en [medeverdachte] waren die nacht op een brutale strooptocht en voelden aan alle auto’s om te bepalen of ze op slot waren en of zij goederen naar hun gading uit deze auto’s konden stelen. Ze doorzochten de auto’s die zij openden, namen mee wat ze interessant genoeg vonden en lieten een bende in de auto achter. Dit zijn zeer vervelende feiten die een inbreuk maken op het eigendomsrecht van de auto-eigenaren en schade, overlast en ergernis veroorzaken. Dergelijke feiten dragen bovendien bij aan een gevoel van onveiligheid van mensen in de buurt van waar [verdachte] en [medeverdachte] de diefstallen hebben gepleegd.
De rechtbank heeft kennisgenomen van het strafblad van [verdachte] van 18 december 2025. De rechtbank heeft daarop gezien dat [verdachte] eerder is veroordeeld voor vermogensdelicten. De rechtbank houdt er verder rekening mee dat aan [verdachte] na de pleegdatum van het bewezenverklaarde feit, maar voor het vonnis in deze zaak, straffen zijn opgelegd in andere zaken. Artikel 63 van Pro het Wetboek van Strafrecht is dus van toepassing. [verdachte] wilde niet met de reclassering in gesprek, zodat de rechtbank niet over een reclasseringsrapport beschikt. Bovendien was [verdachte] niet ter terechtzitting aanwezig om een toelichting te geven over zijn persoonlijke omstandigheden.
De rechtbank heeft bij de bepaling van de strafmodaliteit en strafmaat aansluiting gezocht bij de landelijke oriëntatiepunten voor straftoemeting. Daarin staat dat bij acht gevallen van diefstal uit een auto met recidive een gevangenisstraf passend wordt geacht.
Alles afwegende ziet de rechtbank geen reden om af te wijken van de eis van de officier van justitie en zal aan [verdachte] dan ook een gevangenisstraf voor de duur van vier maanden met aftrek van de tijd die hij in verzekering heeft doorgebracht opleggen.

8.De beoordeling van de civiele vordering

De benadeelde partij [aangever] heeft in verband met de diefstal uit haar auto een vordering tot schadevergoeding ingediend. De benadeelde partij vordert € 413,82 aan materiële schade, vermeerderd met de wettelijke rente.
Standpunten
De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat de benadeelde partij niet-ontvankelijk in de vordering moet worden verklaard, omdat uit de aangifte niet blijkt dat er sporen van braak aan de auto waren.
Overweging van de rechtbank
De rechtbank zal de benadeelde partij niet-ontvankelijk verklaren in de vordering. In de vordering wordt een bedrag gevorderd voor het vervangen van het deurslot van de auto en het vervangen van de portierbekleding. In haar aangifte benoemt de benadeelde partij dat agenten tegenover haar hebben bevestigd dat er niets was beschadigd aan haar auto. De rechtbank kan dan ook niet vaststellen dat sprake is van schade die benadeelde als gevolg van het bewezenverklaarde feit heeft geleden bij gebrek aan een nadere onderbouwing ervan. De benadeelde partij de gelegenheid geven voor een nadere onderbouwing van de vordering zou een onevenredige belasting van het strafgeding opleveren. De benadeelde partij kan de vordering slechts bij de burgerlijke rechter aanbrengen.

9.De toegepaste wettelijke bepalingen

De oplegging van de straf is gegrond op de artikelen 57, 63, 310, 311 van het Wetboek van Strafrecht.

10.De beslissing

De rechtbank:
 verklaart bewezen dat verdachte het tenlastegelegde, zoals vermeld onder ‘De bewezenverklaring’, heeft begaan;
 verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven bewezen is verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij;
 verstaat dat het aldus bewezenverklaarde oplevert het strafbare feit zoals vermeld onder ‘De kwalificatie van het bewezenverklaarde’;
 verklaart verdachte hiervoor strafbaar;
 veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van
4 maanden;
 beveelt dat de tijd, door verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht;
 verklaart de benadeelde partij
[aangever]niet-ontvankelijk in haar vordering.
Dit vonnis is gewezen door mr. A.J.H. Steenweg (voorzitter), mr. M.E. Snijders en
mr. W. Bruins, rechters, in tegenwoordigheid van mr. E.W.A. Nabbe, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 13 februari 2026.
mr. Steenweg is buiten staat het vonnis mede te ondertekenen.

Voetnoten

1.Het bewijs is terug te vinden in het in de wettelijke vorm door [verbalisant] van de politie Eenheid Oost-Nederland, district Gelderland Midden, opgemaakte proces-verbaal, dossiernummer PL0600-2025080546, gesloten op 4 maart 2025 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld.
2.Het proces-verbaal van aangifte [aangever] , p. 69 en 70 en het aanvullend proces-verbaal bevindingen.
3.Het proces-verbaal van aangifte [aangever] , p. 74 en 75 en het proces-verbaal aanvullend verhoor aangeefster, p. 80.
4.Het proces-verbaal van aangifte [aangever] , p. 83 en 84.
5.Het proces-verbaal van aangifte [aangever] , p. 87.
6.Het proces-verbaal van aangifte [aangever] , p. 92 en 93.
7.Het proces-verbaal van aangifte [aangever] , p. 99.
8.Het proces-verbaal van aangifte [aangever] , p. 104.
9.Het proces-verbaal van aangifte [aangever] , p. 109 en 110.
10.Het proces-verbaal van bevindingen, p. 54 en 55.
11.Het proces-verbaal van aanhouding [verdachte] , p. 28 en het proces-verbaal van aanhouding [medeverdachte] , p. 44.
12.Het proces-verbaal van bevindingen, p. 61.
13.Het proces-verbaal van bevindingen, p. 59 en 57 en 139 t/m 145.
14.Het proces-verbaal van aangifte [aangever] , p. 69.
15.Het proces-verbaal van bevindingen, p. 59.
16.Het proces-verbaal van bevindingen p. 124.
17.De processen-verbaal van aangifte, p. 69, 74, 83, 87, 92, 99, 104 en 109.
18.Het proces-verbaal van bevindingen, p. 186 en 187.
19.Het proces-verbaal van bevindingen, p. 187.
20.Het proces-verbaal van bevindingen, p. 185.
21.Het proces-verbaal van bevindingen, p. 186.
22.Het proces-verbaal van bevindingen, p. 186 en 187.
23.Het proces-verbaal van bevindingen p. 187 en 188
24.Het proces-verbaal van bevindingen, p. 188.
25.Het proces-verbaal van bevindingen, p. 124