Op 24 juli 2024 veroorzaakte verdachte, beroepsmatig bestuurder van een bedrijfsauto, een verkeersongeval op de kruising Nijerf met de Hekselaar te Groesbeek. Hij nam de binnenbocht te krap en hield onvoldoende rechts, waardoor hij een tegemoetkomende scootmobiel raakte. De bestuurder van de scootmobiel liep een gebroken bovenbeen op, waarvoor een operatie en langdurige revalidatie noodzakelijk waren.
De officier van justitie stelde dat verdachte aanmerkelijk onvoorzichtig had gereden en eiste een taakstraf van 90 uur en een rijontzegging van 6 maanden. De verdediging pleitte voor vrijspraak of een lagere straf, stellende dat de ondergrens van aanmerkelijke schuld niet was bereikt.
De rechtbank oordeelde dat verdachte onvoldoende had opgelet en niet in staat was het voertuig tijdig tot stilstand te brengen. Er waren geen zichtbelemmeringen en verdachte had een ruimere bocht moeten nemen. Het letsel werd als zwaar lichamelijk letsel aangemerkt. Gelet op de omstandigheden, de schuldbewuste houding van verdachte, zijn eerdere blanco strafblad en het herstel van het slachtoffer, legde de rechtbank een geheel voorwaardelijke taakstraf van 90 uur en een voorwaardelijke rijontzegging van 6 maanden op met een proeftijd van 2 jaar.