Uitspraak
RECHTBANK Gelderland
1.De procedure
2.De beoordeling
per tonop te leveren paardenmest. De rechtbank zal de cursieve woorden vermelden in de beslissing.
Rechtbank Gelderland
In deze civiele procedure heeft eiser, een besloten vennootschap, een vordering ingesteld tegen gedaagde, eveneens een besloten vennootschap, waarbij gedaagde niet is verschenen en verstek is verleend. De vordering betreft de uitlegging en afdwingbaarheid van een leenovereenkomst waarbij betaling zou moeten plaatsvinden door levering van paardenmest tegen een bedrag van €1,23 per ton.
De rechtbank heeft de inhoud van de dagvaarding als uitgangspunt genomen en geoordeeld dat de vordering niet onrechtmatig of ongegrond is. De rechtbank verduidelijkt dat de lening niet opeisbaar is door gedaagde, maar slechts kan worden afgelost door betalingen van €1,23 per ton op te leveren paardenmest door eiser.
Verder is gedaagde veroordeeld tot betaling van de proceskosten, die in totaal €1.625,40 bedragen, inclusief kosten van dagvaarding, griffierecht, salaris advocaat en nakosten. Tevens is gedaagde veroordeeld tot betaling van wettelijke rente over deze kosten indien niet tijdig voldaan wordt. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard en in het openbaar uitgesproken op 12 november 2025.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering toe en veroordeelt gedaagde tot betaling van €1,23 per ton paardenmest en proceskosten.