ECLI:NL:RBGEL:2025:8766
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.M. Graat
- T.P.E.E. van Groeningen
- A.J.H. Steenweg
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs in zedenzaak met vermeend slachtoffer in bewusteloze toestand
De rechtbank Gelderland behandelde een zedenzaak waarin verdachte werd beschuldigd van het plegen van seksuele handelingen met een slachtoffer dat zich in een staat van bewusteloosheid of verminderd bewustzijn zou hebben bevonden. De feiten zouden zich hebben voorgedaan op of omstreeks 26 november 2022 in een hotelkamer. Het slachtoffer deed aangifte na een informatief gesprek met de zedenpolitie en legde een gedetailleerde verklaring af.
Verdachte ontkende de tenlastelegging en verklaarde dat er slechts een enkele zoen was geweest en dat er geen seksuele handelingen hadden plaatsgevonden. De rechtbank beoordeelde de verklaringen van het slachtoffer als inhoudelijk consistent, authentiek en genuanceerd, maar stelde vast dat er geen getuigen waren die de handelingen konden bevestigen. Er was enig steunbewijs, zoals verklaringen van getuigen over het emotionele gedrag van het slachtoffer en forensisch onderzoek dat letsel bevestigde, maar dit was onvoldoende om de essentiële punten van de tenlastelegging te ondersteunen.
Gezien het ontbreken van voldoende wettig en overtuigend bewijs sprak de rechtbank verdachte vrij van de tenlastegelegde feiten. De civiele vordering tot schadevergoeding van het slachtoffer werd niet-ontvankelijk verklaard omdat de strafrechtelijke bewezenverklaring ontbrak.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs.