Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer van
[eiseres], uit [plaats], eiseres
Inleiding
Beoordeling door de rechtbank
10. (…) De rechtbank ziet aanleiding om het college in de gelegenheid te stellen het gebrek te herstellen. Dat herstellen kan hetzij met een aanvullende motivering, hetzij, voor zover nodig, met een nieuwe beslissing op bezwaar, na of tegelijkertijd met intrekking van het nu bestreden besluit. Om het gebrek te herstellen, moet het college, met in achtneming van de uitspraak van de Afdeling van 6 maart 2024, motiveren waarom niet gekozen is voor een lager bedrag dan € 30.000. Daarbij kan onder meer worden gekeken naar de huuropbrengsten inzichtelijk te maken aan het college. Mocht het college het bedrag van de dwangsom aanpassen dan kan het college ook een nieuw invorderingsbesluit nemen. De rechtbank bepaalt de termijn waarbinnen het college het gebrek kan herstellen op zes weken na verzending van deze tussenuitspraak.’
€ 907,-), bij een wegingsfactor 1. Toegekend wordt € 2.267,50.