ECLI:NL:RBGEL:2025:5561
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Y.M.J.I. Baauw
- J.M.J.M. Doon
- M.G.E. ter Hart
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs moordzaak uit 1989 in Zutphen
De rechtbank Gelderland heeft op 14 juli 2025 uitspraak gedaan in een zaak waarin een 63-jarige man uit Zutphen werd verdacht van moord op een persoon die in oktober 1989 spoorloos verdween. De officier van justitie stelde dat de verdachte het slachtoffer met voorbedachten rade had gedood, gesteund door verklaringen van een informant en andere bewijsmiddelen zoals de aanschaf van een vleesvermaler en het inkorten van een keldertrap.
De rechtbank beoordeelde de verklaringen, waaronder die van de informant die een gedetailleerd scenario schetste over de moord en het ontleden van het lichaam in de kelder van het restaurant van de vader van verdachte. Hoewel er aanwijzingen waren zoals de aankoop van een vleesvermaler en een kluis en het inkorten van de trap, leverden forensisch onderzoek en verklaringen van andere getuigen onvoldoende steun voor het scenario.
De verklaringen van andere getuigen waren deels gebaseerd op hearsay of waren op punten ongeloofwaardig. Forensisch onderzoek in 1989 en 2024 vond geen sporen die het scenario van de moord en het verbergen van het lichaam bevestigden. De rechtbank concludeerde dat het bewijs niet overtuigend genoeg was om de verdachte te veroordelen en sprak hem vrij van het tenlastegelegde.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende overtuigend bewijs van moord.