ECLI:NL:RBGEL:2025:5475
Rechtbank Gelderland
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen rechter in kortgedingprocedure
Verzoeker diende een wrakingsverzoek in tegen de rechter die een kortgedingprocedure behandelde, stellende dat de rechtbank Gelderland niet bevoegd was en dat de rechter onjuist had gehandeld door de zaak inhoudelijk te behandelen. Tevens werd aangevoerd dat de wederpartij onheus had gehandeld en de rechter niet adequaat had ingegrepen.
De wrakingskamer oordeelde dat een wraking alleen mogelijk is bij concrete aanwijzingen van partijdigheid of vooringenomenheid, welke in deze zaak ontbraken. Het verzoek was niet te laat ingediend en de procedurele beslissing van de rechter om de zaak inhoudelijk te behandelen is gebruikelijk in kort geding. De aanvullende gronden, zoals het ontbreken van spoedeisend belang en onheuse bejegening, betroffen inhoudelijke geschilpunten en niet de onpartijdigheid van de rechter.
Daarom werd het wrakingsverzoek afgewezen. Tegen deze beslissing is geen rechtsmiddel mogelijk.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de rechter is afgewezen wegens ontbreken van objectief gerechtvaardigde schijn van partijdigheid.