Uitspraak
RECHTBANK Gelderland
1.De procedure
2.Waar gaat deze zaak over?
4.Het geschil
219,45, terwijl de factuur van 5 maart 2024 € 58.
921,45 vermeldt (cursivering rechtbank). Namens [eiser] is ter zitting verzocht die verschrijving te herstellen. Ter zitting heeft [eiser] verder gesteld dat de hoofdsom verminderd moet worden met een bedrag van € 1.250,00 exclusief btw, dus € 1.512,50 inclusief btw, zodat de te vorderen hoofdsom € 57.408,95 bedraagt. Volgens [eiser] waren twee posten tot het totaalbedrag van € 1.512,50 ten onrechte niet in de afrekening van 26 februari 2024 betrokken. De incassokosten zijn ter zitting evenredig verminderd tot € 1.342,07.