ECLI:NL:RBGEL:2025:3947
Rechtbank Gelderland
- Verschoning
- Rechtspraak.nl
Toewijzing verschoningsverzoek rechter wegens mogelijke belangenverstrengeling
In deze zaak heeft een rechter van de rechtbank Gelderland een verzoek tot verschoning ingediend omdat tijdens de voorbereiding van de mondelinge behandeling het vermoeden ontstond dat een van de procespartijen cliënt is van een persoon waarmee de rechter een professionele relatie heeft. Na verificatie bleek dit vermoeden juist, waardoor de rechter zich niet vrij voelde om de zaak te behandelen.
De verschoningskamer heeft het verzoek beoordeeld aan de hand van de subjectieve en objectieve toets voor rechterlijke onpartijdigheid. Hoewel de rechter zelf niet meende onpartijdig te zijn, was er ook geen aanwijzing voor daadwerkelijke vooringenomenheid. Echter, rekening houdend met de uiterlijke schijn en het feit dat de rechter zich niet vrij voelde, achtte de kamer het verzoek gegrond.
De kamer besloot het verzoek tot verschoning toe te wijzen en bepaalde dat een andere rechter zal worden aangewezen om de zaak te behandelen. Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open. De beslissing werd in het openbaar uitgesproken op 1 mei 2025 door de voorzitter en leden van de verschoningskamer.
Uitkomst: Het verzoek tot verschoning van de rechter wordt toegewezen en een andere rechter zal worden aangewezen.