ECLI:NL:RBGEL:2025:3540
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Nakoming overeenkomst en beëindiging inbreuk eigendomsrecht Waterschap Rivierenland
Waterschap Rivierenland vordert nakoming van een overeenkomst met betrekking tot het vestigen van een kwalitatieve verplichting en het staken van inbreuken op haar eigendomsrecht en het recht van overpad. Gedaagde verschijnt niet in de procedure, waarna verstek wordt verleend.
De rechtbank oordeelt dat de vorderingen van Waterschap Rivierenland toewijsbaar zijn, met uitzondering van een dwangsom die wordt gemaximeerd vanwege het feit dat de reële executie van de rechtshandeling toelaat dat het vonnis in de plaats treedt van de notariële akte. Gedaagde wordt veroordeeld tot nakoming binnen veertien dagen na betekening van het vonnis.
Daarnaast wordt gedaagde veroordeeld tot het staken en nalaten van het verwijderen van elektrische bekabeling op het eigendom van het waterschap en het niet belemmeren van het recht van overpad. Voor overtreding van deze veroordelingen is een dwangsom van € 1.000 per overtreding opgelegd, met een maximum van € 50.000.
Gedaagde moet tevens de proceskosten betalen, inclusief griffierecht, advocaatkosten en nakosten, en wettelijke rente bij niet-tijdige betaling. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad en het meer of anders gevorderde wordt afgewezen.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot nakoming van de overeenkomst, staken van inbreuken, betaling van dwangsom en proceskosten.