Uitspraak
Stichting Pactum,
1.De procedure
2.De feiten
3.Het verzoek en het verweer
4.De beoordeling
135,00(plus de kosten van betekening zoals
Rechtbank Gelderland
De werknemer, in opleiding tot jeugdzorgwerker bij Stichting Pactum, werd op 17 december 2024 op staande voet ontslagen na meerdere incidenten met cliënten. De werkgever stelde dat de gedragingen van de werknemer ernstig en onacceptabel waren, onder meer vanwege geweld tegen cliënten en onvoldoende functioneren.
De kantonrechter oordeelde dat het ontslag op staande voet niet rechtsgeldig was omdat er geen dringende reden bestond. De werknemer was nog in opleiding en had gehandeld uit zelfverdediging tijdens de incidenten. De werkgever had bovendien onvoldoende begeleiding geboden en had te zwaar geoordeeld. Ook was het ontslag niet onverwijld gegeven, aangezien de werkgever al eerder op de hoogte was van de incidenten.
De arbeidsovereenkomst werd geacht te zijn geëindigd op 17 december 2024, waarbij de werknemer aanspraak maakte op transitievergoeding, vergoeding wegens onregelmatige opzegging en een billijke vergoeding wegens het onrechtmatig ontslag. De kantonrechter kende deze vergoedingen toe, waarbij de billijke vergoeding werd vastgesteld op €6.033,83 bruto, met wettelijke rente. De proceskosten werden eveneens aan de zijde van de werknemer toegewezen.
Uitkomst: Het ontslag op staande voet is vernietigd en de werknemer krijgt vergoedingen toegekend.