Eisers hebben beroep ingesteld tegen de afwijzing van hun aanvraag voor een exploitatievergunning voor een cafetaria in Nijmegen. De burgemeester wees de aanvraag af omdat de feitelijke exploitatie niet overeen zou komen met de aanvraag en omdat de exploitatie het woon- en leefklimaat en de openbare orde negatief zou beïnvloeden.
De rechtbank oordeelt dat de burgemeester terecht de aanvraag mocht afwijzen op grond van de feitelijke exploitatie die afwijkt van de aanvraag. Dit is gebaseerd op politierapportages en andere bewijsstukken waaruit blijkt dat medewerkers een leidinggevende rol vervullen, ondanks betwisting door eisers.
Daarnaast is de afwijzing op basis van negatieve invloed op woon- en leefklimaat en openbare orde gerechtvaardigd. De burgemeester hield rekening met meerdere factoren en incidenten, waaronder waarschuwingen en boeterapporten, die aantonen dat de exploitatie problematisch was. Eisers konden onvoldoende weerleggen dat deze omstandigheden een ontoelaatbare negatieve invloed veroorzaken.
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de afwijzing van de exploitatievergunning. Eisers krijgen geen proceskostenvergoeding en kunnen binnen zes weken hoger beroep instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.