Veroordeelde is op basis van Belgische vonnissen tot gevangenisstraffen veroordeeld en had een voorwaardelijke invrijheidstelling gepland per 7 augustus 2024. Deze invrijheidstelling werd eerder uitgesteld en herroepen vanwege terugval in middelengebruik.
De reclassering adviseerde uitstel van de voorwaardelijke invrijheidstelling omdat er nog geen plaatsingsdatum was bij Fivoor, de instelling die de problematiek van veroordeelde kan behandelen. Ambulante behandeling bleek onvoldoende, waardoor het risico op recidive groot blijft.
De officier van justitie steunde het advies en benadrukte het belang van een goede setting bij invrijheidstelling. De verdediging vroeg om een korter uitstel van 30 dagen, verwijzend naar recente goedkeuring voor verblijf bij Fivoor.
De politierechter oordeelde dat uitstel gerechtvaardigd is zolang geen passende plek beschikbaar is, en beperkte het uitstel tot 45 dagen om de kans op een goede behandeling en recidivebeperking te vergroten.