ECLI:NL:RBGEL:2025:11360

Rechtbank Gelderland

Datum uitspraak
27 november 2025
Publicatiedatum
23 december 2025
Zaaknummer
11928248 \ VV EXPL 25-69
Instantie
Rechtbank Gelderland
Type
Uitspraak
Procedures
  • Op tegenspraak
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vonnis in kort geding over loonvordering van werknemer tegen werkgever

In deze zaak heeft de kantonrechter van de Rechtbank Gelderland op 27 november 2025 uitspraak gedaan in een kort geding tussen een werknemer, aangeduid als [eiser], en zijn werkgever, Blitz Electric Motors Ltd. De werknemer vorderde betaling van achterstallig loon en vakantiegeld, evenals de verstrekking van salarisspecificaties. De werknemer was van 1 april 2024 tot 1 september 2025 in dienst bij Blitz Motors als Sales Manager Benelux + DE, met een bruto maandsalaris van € 5.416,67. Na het indienen van zijn ontslag op 31 juli 2025, vorderde hij betaling van het loon over de maanden juli en augustus 2025, vakantiegeld en openstaande vakantiedagen. Blitz Motors verscheen niet ter zitting, waardoor verstek werd verleend. De kantonrechter oordeelde dat de vorderingen van de werknemer niet onrechtmatig of ongegrond waren en wees deze toe. De werkgever werd veroordeeld tot betaling van het achterstallige loon, vakantiegeld, buitengerechtelijke kosten en proceskosten. Tevens werd Blitz Motors verplicht om binnen vijf dagen na betekening van het vonnis deugdelijke salarisspecificaties te verstrekken, op straffe van een dwangsom. Het vonnis werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.

Uitspraak

RECHTBANKGELDERLAND
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Nijmegen
Zaaknummer: 11928248 \ VV EXPL 25-69
Vonnis in kort geding van 27 november 2025
in de zaak van
[eiser],
wonende te [woonplaats] ,
eisende partij,
hierna te noemen: [eiser] ,
gemachtigde: ARAG SE Rechtsbijstand (mr. A.P. Jhanjhan)
tegen
BLITZ ELECTRIC MOTORS LTD.,
kantoorhoudende te Zaventem (België),
gedaagde partij,
hierna te noemen: Blitz Motors,
gemachtigde: P.J.B. Kops.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding met producties
- het uitstelverzoek namens Blitz Motors d.d. 20 november 2025 en de reactie daarop namens [eiser]
- het bericht van de kantonrechter aan partijen d.d. 20 november 2025 waarin hij het uitstelverzoek afwijst.
1.2.
De zaak is behandeld op 25 november 2025. [eiser] is verschenen, bijgestaan door mr. Jhanjhan. Namens Blitz Motors is niemand verschenen.
1.3.
Tot slot is vonnis bepaald.

2.De feiten

2.1.
[eiser] is van 1 april 2024 tot 1 september 2025 in dienst geweest bij Blitz Motors in de functie van Sales Manager Benelux + DE voor 40 uur per week tegen een salaris van € 5.416,67 bruto per maand exclusief vakantiegeld en overige emolumenten.
2.2.
[eiser] verrichte zijn werkzaamheden voor Blitz Motors voornamelijk thuis in zijn woonplaats [woonplaats] .
2.3.
Op 31 juli 2025 heeft [eiser] zijn ontslag ingediend tegen 31 augustus 2025.

3.Het geschil

3.1.
[eiser] vordert - samengevat - dat de voorzieningenrechter bij vonnis, zo mogelijk uitvoerbaar bij voorraad, Blitz Motors veroordeelt tot betaling van:
a. a) € 5.416,67 bruto ter zake het salaris over de periode van 1 juli tot 1 augustus 2025; b) € 5.416,67 bruto ter zake het salaris over de periode van 1 augustus tot 1 september
2025;
c) € 866,66 bruto ter zake het vakantiegeld over de periode van 1 juli 2025 tot en met 31 augustus 2025;
d) € 2.500,00 bruto ter zake tien openstaande vakantiedagen;
e) de wettelijke verhoging ex artikel 7:625 BW over het sub a en b gevorderde vanaf datum verzuim tot aan de dag van volledige betaling;
f) de wettelijke rente over het onder sub a t/m e gevorderde vanaf datum verzuim tot aan de dag van volledige betaling;
g) € 917,01 aan buitengerechtelijke kosten;
h en i) de proceskosten van deze procedure, te vermeerderen met de daarover eventueel verschuldigde wettelijke rente.
Daarnaast vordert [eiser] om Blitz Motors te veroordelen om binnen vijf dagen na de
betekening van het te wijzen vonnis, aan [eiser] te verstrekken deugdelijke
bruto/netto salarisspecificaties over de maanden juli en augustus 2025 en de toekomstige
salarisspecificaties conform artikel 7:626 BW, op straffe van een dwangsom van € 250,00
voor iedere dag dat Blitz Motors ter zake van de verstrekking van die specificaties in
gebreke blijft.
3.2.
[eiser] legt aan zijn vordering - kort gezegd - ten grondslag dat sprake is van achterstallig loon dat Blitz Motors, ook na meerdere sommaties daartoe, weigert te betalen.

4.De beoordeling

4.1.
De Nederlandse rechter is bevoegd van de vordering kennis te nemen omdat [eiser] zijn arbeid gewoonlijk in Nederland verrichtte. [1] Nu partijen een rechtskeuze voor Nederlands recht hebben gedaan [2] , is dat recht van toepassing.
4.2.
Het spoedeisend belang vloeit voort uit de aard van de vordering.
4.3.
De dagvaarding is op de bij de wet voorgeschreven wijze betekend aan Blitz Motors. Zij is niet verschenen in deze procedure, zodat tegen haar verstek wordt verleend.
4.4.
In geval tegen een gedaagde verstek wordt verleend worden de vorderingen die niet zijn weersproken toegewezen, tenzij deze onrechtmatig of ongegrond zijn.
4.5.
Als onweersproken staat vast dat Blitz Motors het loon over de maanden juli en augustus 2025 niet aan [eiser] heeft betaald, evenals het vakantiegeld over deze maanden en de door [eiser] opgebouwde, maar niet genoten vakantiedagen. Nu Blitz Motors het loon niet tijdig heeft betaald, dient zij ook de gevorderde wettelijke verhoging en de wettelijke rente te betalen. Verder heeft [eiser] onweersproken gesteld dat buitengerechtelijke incassowerkzaamheden zijn verricht, zodat de daarop gerichte vordering ook voor toewijzing gereed ligt.
4.6.
Wat betreft de te verstrekken salarisspecificaties heeft de gemachtigde van [eiser] tijdens de mondelinge behandeling verduidelijkt dat met de ‘toekomstige specificaties’ bedoeld is de specificatie van de eindafrekening.
4.7.
Nu de vorderingen de kantonrechter niet onrechtmatig of ongegrond voorkomen zal hij deze toewijzen, met dien verstande dat hij een maximum van € 2.500,00 zal verbinden aan de gevorderde dwangsom.
4.8.
Blitz Motors is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van [eiser] worden begroot op:
- kosten van de dagvaarding
120,21
- griffierecht
732,00
- salaris gemachtigde
543,00
- nakosten
135,00
(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
1.530,21
4.9.
De gevorderde wettelijke rente over de proceskosten wordt toegewezen zoals vermeld in de beslissing.
4.10.
Dit vonnis zal, zoals gevorderd, uitvoerbaar bij voorraad worden verklaard. [3]

5.De beslissing

De kantonrechter
rechtdoende als voorzieningenrechter,
5.1.
veroordeelt Blitz Motors tot betaling aan [eiser] van € 5.416,67 bruto ter zake het salaris over de periode van 1 juli tot 1 augustus 2025, te vermeerderen met de wettelijke verhoging ex artikel 7:625 BW vanaf datum verzuim tot aan de dag van volledige betaling,
5.2.
veroordeelt Blitz Motors tot betaling aan [eiser] van € 5.416,67 bruto ter zake het salaris over de periode van 1 augustus tot 1 september 2025, te vermeerderen met de wettelijke verhoging ex artikel 7:625 BW vanaf datum verzuim tot aan de dag van volledige betaling,
5.3.
veroordeelt Blitz Motors tot betaling aan [eiser] van € 866,66 bruto ter zake het vakantiegeld over de periode van 1 juli 2025 tot en met 31 augustus 2025,
5.4.
veroordeelt Blitz Motors tot betaling aan [eiser] van € 2.500,00 bruto ter zake tien openstaande vakantiedagen,
5.5.
veroordeelt Blitz Motors tot betaling aan [eiser] van de wettelijke rente over de onder 5.1. tot en met 5.4. vermelde bedragen vanaf datum verzuim tot aan de dag van volledige betaling,
5.6.
veroordeelt Blitz Motors tot betaling aan [eiser] van € 917,01 aan buitengerechtelijke incassokosten,
5.7.
veroordeelt Blitz Motors om binnen vijf dagen na de betekening van dit vonnis aan
[eiser] te verstrekken deugdelijke bruto/netto salarisspecificaties over de maanden juli en
augustus 2025 en van de eindafrekening, op straffe van een dwangsom van € 250,00
voor iedere dag dat Blitz Motors ter zake van de verstrekking van die specificaties in
gebreke blijft, met een maximum van € 2.500,00,
5.8.
veroordeelt Blitz Motors in de proceskosten van € 1.530,21, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als Blitz Motors niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,
5.9.
veroordeelt Blitz Motors tot betaling van de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over de proceskosten als deze niet binnen veertien dagen na aanschrijving zijn betaald,
5.10.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad,
5.11.
wijst het meer of anders gevorderde af.
Dit vonnis is gewezen door mr. M.J.C. van Leeuwen en in het openbaar uitgesproken op
27 november 2025.
41245 \ 560

Voetnoten

1.Artikel 21 lid 1 sub b punt i van de Verordening (EU) nr. 1215/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 12 december 2012 betreffende de rechterlijke bevoegdheid, de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen in burgerlijke en handelszaken (Brussel I bis Verordening)
2.Artikel 29 lid 3 van de arbeidsovereenkomst.
3.Artikel 233 Rv.