De rechtbank Gelderland behandelde op 3 december 2025 het verzoek van meerdere gedupeerden van de kinderopvangtoeslagaffaire om een voorlopig deskundigenbericht te gelasten, bestaande uit een psychiatrisch en arbeidsdeskundig onderzoek. De verzoekers stelden dat zij meer schade hebben geleden dan reeds toegekend in het bestuursrechtelijke traject en wilden een civiele procedure starten met onafhankelijke deskundigen.
De Staat betwistte de aansprakelijkheid jegens de kinderen en voerde dat de civiele procedure niet-ontvankelijk moet worden verklaard omdat de bestuursrechtelijke route reeds voorziet in schadevergoeding. De rechtbank overwoog dat het bestuursrechtelijke traject geen reden is om het verzoek af te wijzen, maar dat het verzoek prematuur is omdat de bezwaarprocedure tegen de bestuursrechtelijke schadevergoeding nog niet is afgerond, waardoor geen vergelijking mogelijk is.
Daarnaast vond de rechtbank onvoldoende aanknopingspunten voor het bestaan van psychiatrische klachten die een psychiatrisch onderzoek rechtvaardigen. Ook een arbeidsdeskundig onderzoek werd niet noodzakelijk geacht gezien de gebrekkige onderbouwing. De rechtbank wees het verzoek af en overwoog dat verzoekers zelf de kosten van een eventueel deskundigenonderzoek moeten voorschieten. De beschikking werd gegeven door mr. I.W.M. Olthof en in het openbaar uitgesproken.