Uitspraak
1.De inhoud van de tenlastelegging
3.De bewezenverklaring
of omstreeks11 oktober 2023 te Ede als verkeersdeelnemer, namelijk als bestuurder van een motorrijtuig (personenauto), komende uit de richting van de Keesomstraat en gaande in de richting van de A30, daarmede rijdende over de weg, de Galvanistraat, roekeloos
, in elk geval zeer, althans aanmerkelijk, onvoorzichtig, onoplettend en/of onachtzaamheeft gereden, hierin bestaande dat verdachte,
/of
/of
/of
/of
/ofwelke vluchtheuvel zich bevond op de wegas van de Galvanistraat en
/ofop deze vluchtheuvel een bord D2 van de bijlage 1 van het
(ongeveer
)124 km/uur
, althans met een (aanzienlijk) hogere snelheid dan de aldaar voor hem geldende maximumsnelheid van 50 km/uur, in elk geval met een (aanzienlijk) hogere snelheid dan die voor een veilig verkeer ter plaatse geboden wasen
/of
, althans heeft ingehaald, en
/of
/of
/ofhet bord D2 aan de linkerzijde voorbij is gereden en
/of
/ofanderszins snelheid heeft geminderd toen het voertuig uitbrak en
/ofslipte
dan wel begon uit te breken en/of te slippenen
/of
, althans in aanrijding gekomen meteen – vanuit de rijrichting van verdachte bezien – tegemoetkomende personenauto,
(genaamd [slachtoffer]
), zodanig lichamelijk letsel werd toegebracht, dat daaruit tijdelijke
ziekte ofverhindering in de uitoefening van de normale bezigheden is ontstaan.
4.De kwalificatie van het bewezenverklaarde
5.De strafbaarheid van het feit
6.De strafbaarheid van de verdachte
7.De overwegingen ten aanzien van straf
8.De toegepaste wettelijke bepalingen
9.De beslissing
‘De bewezenverklaring’, heeft begaan;
‘De kwalificatie van het bewezenverklaarde’;
2 maanden;
gevangenisstraf niet ten uitvoerzal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat verdachte zich voor het einde van de proeftijd van twee jaren schuldig heeft gemaakt aan een strafbaar feit;
taakstrafvan
200 uren, met bevel dat indien deze straf niet naar behoren wordt verricht vervangende hechtenis zal worden toegepast voor de duur van 100 dagen;
ontzegtverdachte ten aanzien van het bewezenverklaarde de
bevoegdheid motorrijtuigen te besturenvoor de duur van
2 jaar, met aftrek van de tijd dat het rijbewijs ingevorderd is geweest;
rijontzegging, te weten
1 jaar niet ten uitvoerzal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat verdachte zich voor het einde van de proeftijd van drie jaren schuldig heeft gemaakt aan een strafbaar feit.