ECLI:NL:RBGEL:2024:8539
Rechtbank Gelderland
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek gezamenlijk gezag vader over minderjarige wegens misbruikrisico
De rechtbank Gelderland behandelde het verzoek van de vader om samen met de moeder het gezag over hun minderjarige kind te verkrijgen. De procedure werd lang aangehouden om verbetering in de situatie te bewerkstelligen, maar deze bleef uit. De omgang tussen vader en kind verliep aanvankelijk goed, maar sinds juli 2024 zijn er incidenten geweest die de omgang hebben verstoord.
De moeder stelde dat de vader haar regelmatig beledigt en bedreigt, ook in het bijzijn van de minderjarige, wat schadelijk is voor het kind. De vader ontkent de ernst van de situatie, maar de rechtbank acht de beschuldigingen geloofwaardig. De Raad voor de Kinderbescherming adviseerde het verzoek toe te wijzen, stellende dat gezamenlijk gezag de vader meer betrokken zou maken.
De rechtbank deelt deze visie niet en wijst het verzoek af op grond van artikel 1:253c BW. Er is een onaanvaardbaar risico dat de vader het gezag zal misbruiken in de strijd met de moeder, onder meer door het onthouden van kinderalimentatie en het dreigen met beperkingen in het contact met familieleden van de moeder. De vader toont onvoldoende bereidheid tot hulpverlening en samenwerking. De omgang tussen vader en kind dient wel zo spoedig mogelijk hervat te worden onder begeleiding, maar het gezag blijft bij de moeder.
Uitkomst: Het verzoek van de vader om gezamenlijk gezag te verkrijgen wordt afgewezen wegens risico op misbruik en gespannen relatie.