Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND, locatie Zutphen
1.De procedure
- het e-mailbericht van 8 november 2024 van verzoekster met daarin het wrakingsverzoek;
- het e-mailbericht van 11 november 2024 van de rechter met daarin een reactie op het wrakingsverzoek.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Gelderland
Verzoekster diende een wrakingsverzoek in tegen mr. D.S.M. Bak, de rechter die op 4 november 2024 mondeling een beslissing had genomen over een machtigingsverzoek tot uithuisplaatsing van een minderjarige. Verzoekster was belanghebbende en was uitgenodigd voor de zitting, maar verscheen niet. Zij betwistte dat de zitting had plaatsgevonden vanwege een eerdere uitspraak in hoger beroep.
De wrakingskamer oordeelde dat de wet geen mogelijkheid biedt om een rechter te wraken nadat deze een einduitspraak in de hoofdzaak heeft gedaan. Omdat de mondelinge uitspraak al was gedaan op 4 november 2024, kon het wrakingsverzoek dat op 8 november 2024 werd ingediend niet meer in behandeling worden genomen.
Er werd geen zitting gehouden over het wrakingsverzoek omdat het verzoek duidelijk niet-ontvankelijk was. De wrakingskamer verklaarde het verzoek dan ook niet-ontvankelijk en wees het af. Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Wrakingsverzoek niet-ontvankelijk verklaard omdat het na de mondelinge einduitspraak werd ingediend.